Topbanner ChristenUnie algemeen

     

U bent hier:
ChristenUnie.nl
Politiek
Waterschap onder Provincie niet in belang burger

Waterschap onder Provincie niet in belang burger

maandag 26 april 2010 20:00 Nu de verkiezingsprogramma’s vastgesteld zijn kunnen we de balans opmaken hoe in de politiek gedacht wordt over de toekomst van de waterschappen. Een meerderheid is duidelijk voor het opheffen van het waterschapsbestuur en het onderbrengen van de waterschappen als uitvoeringsorganisaties bij de provincies. Alleen VVD, ChristenUnie en SGP zijn voor het handhaven van een zelfstandige functionele democratie zoals in de grondwet is verankerd. Ook het CDA ging met een nipte meerderheid van 51% akkoord met dit idee. Met het opheffen van de waterschapsbesturen vervalt ook de belangenvertegenwoordiging van de geborgde zetels. Nu zijn ongebouwd, bedrijfsgebouwd en het bosschap nog in het bestuur vertegenwoordigd om hun specifieke belangen te waarborgen. Ook betekent het dat algemene lijsten, die juist als doel hadden de waterbelangen van een bepaalde achterban te vertegenwoordigen weer zullen moeten verdwijnen. Wat dreigt is dat het meer op de lange termijn gerichte waterbeleid ondergeschikt wordt aan het korte termijn beleid waarmee de politieke lijsten de gunst van de kiezers kunnen winnen. Ook een nationaal fonds voor de financiering van de waterveiligheid dreigt een speelbal te worden van noodzakelijke bezuinigingen. Dat komt omdat de beoogde besparingen bij het opheffen van de waterschapsbesturen en de opsplitsing van de waterschappen niet op korte termijn gerealiseerd kunnen worden. Daarmee kom ik op het tweede deel van mijn bijdrage.

In de verkiezingsprogramma’s van de partijen die de waterschapsbesturen willen opheffen wordt niet gesproken over het opschalen van de provincies. Alleen D66 wil overgaan tot de vorming van landsdelen. Consequentie van deze visie is dat meer dan de helft van alle waterschappen moet worden opgesplitst, en hun beheersgebied moet worden herverdeeld op basis van provinciale grenzen. Opschaling van waterschappen op basis van een meer logische indeling van stroomgebieden wordt daarmee afgewezen. Dit leidt tot een omgekeerde beweging in waterschapsland en een minder doelmatig waterbeheer. Het is te betwijfelen of de besparing van 18 miljoen op de bestuurlijke kosten ooit wordt gehaald. Zo moet bijvoorbeeld de provincie Drenthe haar eigen waterschap krijgen! Wat te denken van waterschap Rivierenland wat opgesplitst moet worden in 4 aparte stukken. De provincies Gelderland, Noord Brabant, Utrecht en Zuid Holland moeten dan de uitvoering van het waterbeheer op elkaar gaan afstemmen. In plaats van minder bestuurlijke drukte, wordt het omgekeerde bereikt. Een ander voorbeeld is waterschap Vallei en Eem. Hier dreigt het historische conflict tussen de Hertog van Gelre en de bisschop van Utrecht nieuw leven te worden ingeblazen. Maatregelen in Gelderland zijn namelijk van directe invloed op het oppervlak en grondwaterbeheer in Utrecht. Inwoners van een stad als Amersfoort kunnen daar de nadelige gevolgen van ondervinden. Een inwoner van Gelderland wil namelijk niet opdraaien voor kosten die ten gunste van inwoners van een andere provincie gemaakt moeten worden. Het idee om waterschappen bij provincies onder te brengen zet ook een rem op concrete voorstellen voor doelmatiger waterbeheer zoals voorgesteld door de waterschappen. Samenwerking tussen waterschappen en gemeentes op het terrein van de afvalwaterketen en belastingheffing worden ernstig vertraagd. Mogelijke fusies tussen waterschappen worden op de lange baan geschoven. De eerste slachtoffers lijken de waterschappen Veluwe en Vallei & Eem te worden. De provincie Utrecht heeft zich al uitgesproken tegen de voorgestelde fusie. Mogelijke kostenbesparingen op korte termijn zijn dan niet mogelijk of worden ernstig vertraagd. En als uiteindelijk de grondwet zal zijn aangepast moeten ook nog eerst enorme kosten gemaakt worden om tot een herindeling van waterschappen te komen. Het is jammer dat de meeste politieke lijsten de adviezen van de commissie Kalden over de inrichting van het openbaar bestuur niet ter harte hebben genomen. De kans is nu groot dat de burger uiteindelijk toch de rekening moet betalen voor deze ondoordachte visie van politieke partijen. Of de burger dit in de gaten heeft moet helaas worden betwijfeld. Het is te hopen dat in het publieke debat de haalbaarheid en betaalbaarheid van deze ook door de IPO voorgesteld lijn wordt beoordeeld. In die zin is de lijn die VNG en UVW voorstellen een veel realistischer scenario. Het is daarnaast te hopen dat bij het doorrekenen van de politieke programma’s de financiële realiteit voldoende goed naar voren komt.

Gerard van den Brandhof

Dit artikel is ook geplaatst als ingekomens stuk in Binnenlands Bestuur 17/18 van 1 mei 2010 (pag. 42)

Labels
Veluwe

«Terug

Archief > 2012 > mei

Geen berichten gevonden