woensdag 30 juni 2010 16:30 In een column voor Protestant.nl schrijft Rob Nijhoff: "De verkiezingsuitslag lijkt een onprettig verschijnsel zichtbaar te maken. In Nederland is terecht vrijheid om afstand te nemen van het christelijk geloof van opa of oma, of die afstand op te rekken. Maar wat is het gevolg?"Het kan snel gaan. In drie generaties of één mensenleven. Neem zuiderlingen: opa stemde nog KVP, pa PvdA, later Marijnissen, en zoonlief Wilders. Of het AR-lid boven de rivieren: eerst mee met het CDA, daarna VVD, nu PVV. In de verkiezingsnacht na 9 juni klaagde een SP-zoon op Radio 1 dat zijn vader ooit tegen de neutronenbom protesteerde, maar nu enkel voor zijn geld koos...
De verkiezingsuitslag lijkt een onprettig verschijnsel zichtbaar te maken. In Nederland is terecht vrijheid om afstand te nemen van het christelijk geloof van opa of oma, of die afstand op te rekken. Maar wie dat doet, rekt zomaar ook zijn of haar morele elastiek uit. Concreet: kiezen voor eigenbelang zonder op te komen voor dat van anderen. En is dat niet wat veel stemgedrag van juni verraadt? Meer moreel elastiek dan morele ruggengraat?
Willen we van iedereen weer het ras registereren, nog geen mensenleven na de oorlogwaarin onze opa’s in het verzet zaten? Moeten we moskeebouw verbieden waar anderhalve eeuw terug zowel Rooms-Katholieken als afgescheiden Gereformeerden de vrijheid bevochten om naar eigen inzicht kerken en scholen te organiseren? Na de oorlog werkte opa hard en was oma zuinig, zodat onze ouders konden studeren; gaan zij of wij nu mekkeren over een paar jaar langer werken?
Gelukkig heeft elastiek een boeiende eigenschap: als het niet helemaal breekt, trekt het je, hoe verder je het oprekt, steeds sterker terug naar waar je vandaan komt. Is dat niet te voelen, na de laatste verkiezingen?
Rob Nijhoff, Wetenschappelijk Instituut ChristenUnie, voor Protestant.nl