![]()
![]()
,,Het bijzondere van het gewone is dat nog altijd 88 procent van de kinderen opgroeit in een tweeoudergezin.'' Dat ouders vragen hebben over opvoeding is niet meer dan normaal, zei de minister. Uit het onderzoek blijkt dat ouders behoefte hebben aan een laagdrempelige instelling waar ze voor hun vragen een luisterend oor kunnen vinden. Volgens Rouvoet is dat precies de opzet van de Centra voor Jeugd en Gezin die in alle gemeente komen.
De Nijmeegse hoogleraar gezinspedagogiek Jan Gerris wees op de ,,kwaliteit van ouderschap''. Er is volgens hem meer inzicht nodig in de ouder-kindrelatie. Hij riep de minister op daar aandacht aan te besteden in zijn Gezinsnota, die na de zomer uitkomt. Ouders kunnen dan wel tevreden zijn over de opvoeding, maar hoe valt dan te verklaren dat er jaarlijks 57.000 kinderen hun school niet afmaken? Gerris wees ook op het hoge aantal kindermishandelingen en het forse percentage gezinnen dat met meerdere problemen kampt.
Eerste kind
De minister herhaalde, op basis van de onderzoeksgegevens, zijn oproep om een debat te beginnen over het lage geboortecijfer in Nederland en de hoge leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen. In dat debat wil Rouvoet aandacht vragen voor het verschil tussen de kinderwens van ouders (2,3) en het feitelijke geboortecijfer (1,7). Daartussen zit dus een aanzienlijk verschil van 0,6 kind per gezin. ,,Voor dat debat hoef ik echt niet de slaapkamer in, maar het is wel van belang om erachter te komen waarom dat verschil zo groot is'', aldus de bewindsman. Als mogelijke oorzaken noemde hij de echtscheidingsproblematiek, het tekort aan kinderopvang en mannen die te weinig zorgtaken doen.
(Nederlands Dagblad - 6 maart 2008)