![]()
![]()
Echtgenoten die geen salaris inbrengen maar wél jarenlang voor het gezamenlijk huishouden gewerkt hebben (bijvoorbeeld in de huishouding, op de boerderij of ‘in de zaak'), kunnen na een echtscheiding met lege handen achterblijven als ze geen goede huwelijkse voorwaarden hadden gesteld. De ChristenUnie vindt dat onrechtvaardig. De minister meent dat de ‘economisch zwakkere partij' voldoende beschermd wordt door de eis dat er een notaris betrokken moet zijn bij het opstellen van huwelijkse voorwaarden. De ChristenUnie betwijfelt echter of daardoor onevenwichtige huwelijken worden voorkomen; het zijn immers de partners zélf die beslissen wat er uiteindelijk wordt opgenomen in de overeenkomst van huwelijkse voorwaarden.
In de praktijk wordt vaak een verrekenbeding opgenomen in de huwelijkse voorwaarden; dat verplicht echtgenoten ertoe geregeld (jaarlijks) hun inkomsten te verrekenen. Maar toch komt het ook vaak voor dat bij een echtscheiding blijkt dat zo'n ‘financiële beveiliging' ontbrak in de huwelijkse voorwaarden. Niet omdat men daar ooit bewust voor gekozen had, maar omdat een van beide partners bij het begin van het huwelijk niet kon overzien hoe de gezamenlijke (financiële) huishouding in de toekomst zou verlopen. De ‘eigen verantwoordelijkheid van beide aanstaande echtgenoten om in dit opzicht zichzelf en de ander te beschermen tegen beslissingen waarvan men achteraf grote spijt krijgt', waar de minister naar verwijst, biedt dus niet voldoende garantie tegen onrechtvaardige situaties. De ChristenUnie-fractie heeft daarom een concreet voorstel ingediend om ervoor te zorgen dat ‘koude uitsluiting' niet meer mogelijk is. De minister zegde toe dat hij daar onderzoek naar zal laten doen.