Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):
Mevrouw de voorzitter. Een van de aanleidingen voor het
wetsvoorstel is de grote instroom van vangnetters in de WIA. Het is
goed dat er meer aandacht komt voor deze groep. Een derde van de
instroom in de WIA komt voor hun rekening. Het is goed dat wij
kijken wat er beter kan in de eerste twee ziektejaren. Echter, soms
is ziek ziek.
Wij moeten ons afvragen waarom zoveel vangnetters instromen in de
WIA. Het wetsvoorstel benoemt twee aspecten, namelijk gebrek aan
prikkels voor vangnetters om een baan te accepteren en het
re-integratieproces bij UWV. Wij zijn ervan overtuigd dat op deze
aspecten verbeteringen te boeken zijn. Zijn dit echter de
verklaringen waarom vangnetters zo lang in de Ziektewet blijven? Of
worden zieke mensen minder gemakkelijk aangenomen? De meeste
vangnetters hebben immers geen werkgever meer als zij ziek zijn.
Het is knap lastig om vanuit zo'n situatie weer een baan te
vinden. Waarom zouden werkgevers zieken in dienst nemen?
Met andere woorden, naast de vangnetter en UWV ontbeert ook de
werkgever een prikkel om mensen snel uit de Ziektewet te laten
uitstromen. Met dit wetsvoorstel wordt ook niet voorzien in een
dergelijke prikkel. Deelt de minister mijn mening dat wij
vangnetters pas echt uit de Ziektewet krijgen als er ook prikkels
voor werkgevers komen om zieken aan te nemen? Zo ja, welke
maatregel gaat hij dan nemen om dit te realiseren?
Mijn fractie juicht het toe dat ook UWV een re-integratieverslag
moet gaan opstellen. Ik snap het gevoel dat UWV zichzelf gaat
beoordelen, maar waarom zou er niet meer interne controle mogen
zijn?
Bovendien, een re-integratieverslag zegt niet alleen iets over de
inspanningen van het UWV, het geeft ook een beeld van de
mogelijkheden en de capaciteiten van de vangnetter. Dit komt een
WIA-beoordeling alleen maar ten goede. Het is mooi dat er criteria
voor het verslag worden opgesteld. Wel heb ik nog een vraag over de
situatie waarin UWV en de zieke geen overeenstemming bereiken over
het plan van aanpak. Wanneer een werkgever en een werknemer er niet
uitkomen, kan het UWV gevraagd worden om een deskundigenoordeel.
Krijgen vangnetters ook recht op zo'n oordeel en, zo ja, hoe
gaat het UWV dat vormgeven?
Een van de mogelijkheden die het kabinet ziet om vangnetters
sneller te re-integreren, bestaat uit aanpassing van het begrip
passende arbeid. Mijn fractie erkent het belang van werk en zij
vindt het goed dat mensen niet te lang aan de zijlijn staan, maar
wij hebben enige moeite met het kopiëren van het begrip
passende arbeid uit de WW en met het op dezelfde manier laten
gelden van dat begrip voor de mensen in de ZW. Het gaat daarbij
namelijk om twee geheel verschillende situaties. Iemand in de WW
heeft geen baan, maar is, naar wij mogen hopen, gezond. Hierdoor
staat een WW'er niet bij voorbaat op achterstand bij een
sollicitatie. Voor iemand in de ZW ligt dat anders. Die persoon
staat al op voorhand op achterstand, omdat hij of zij niet op volle
kracht kan werken. Het gevolg is dat een ZW'er moeilijk wordt
aangenomen. Bovendien leidt het accepteren van passende arbeid door
een vangnetter zonder werkgever vrijwel altijd tot salarisdaling.
Daarentegen is voor werknemers vaak bij cao geregeld dat het loon
bij ziekte wordt aangevuld wanneer passende arbeid wordt
geaccepteerd en wanneer wordt meegewerkt aan re-integratie.
Vangnetters hebben dus geen aanvulling. Zij moeten meteen
overschakelen op een lager salaris of actief meewerken aan
terugkeer naar de werkvloer. Wat vindt de minister van het idee om
voor vangnetters die ziek worden en die daardoor hun baan verliezen
tijdelijk het loon aan te vullen wanneer zij passende arbeid
accepteren onder hun oorspronkelijke salarisniveau? Hierdoor kan
bij vangnetters een prikkel ontstaan om eerder passende arbeid te
accepteren. Graag krijg ik op dit punt een reactie van de
minister.
Er is in de situatie van vangnetters sprake van behoorlijke
aanpassingen. Wij weten dat die aanpassingen worden aangebracht op
grond van de WVP. Het doel is de instroom van vangnetters in de WIA
te beperken. Wij zijn benieuwd of deze wijzigingen dit inderdaad
tot gevolg hebben. Gaat de minister nog evalueren of dit het geval
is? Wij zijn voorstander van zo'n evaluatie en wij vragen de
minister in het geval hij die gaat uitvoeren aandacht te besteden
aan de re-integratie van vrouwen die ziek zijn door zwangerschap
en/of bevalling.
De heer Van Hijum (CDA):
Wij bespreken een ingewikkelde materie. Als ik u goed begrijp, wilt
u financiële prikkels introduceren om de aanvaarding van
passend werk te bevorderen. Bent u met ons van mening dat het
primair zaak is dat zieke werknemers bij hun eigen werkgever weer
in dienst treden, zeker als het om de groep gaat waarop de heer
Ulenbelt doelde, de vrouwen die door een zwangerschap of bevalling
uit het arbeidsproces zijn geraakt?
Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):
Als de werkgever daarvoor openstaat, kunnen wij dat stimuleren,
maar de vraag is of de werkgever die werknemer nog wil. Het gaat
mij erom dat wij nagaan op welke manier wij voor gelijkstelling
kunnen zorgen.
Wij vinden het goed dat deze vrouwen ook aandacht krijgen in de
eerste twee ziektejaren, zodat zij niet stilletjes afglijden naar
de WIA. Wel vindt mijn fractie het van groot belang dat die vrouwen
de rust en de tijd krijgen die nodig is om te herstellen.
De heer Ulenbelt (SP):
U zegt dat een derde van de WIA-instroom bestaat uit vrouwen met
complicaties na de bevalling. Ik heb mij wild gezocht om te kunnen
achterhalen waaruit de instroom in de WIA bestaat en volgens mij
vergist u zich. Het gaat hier om een derde van de vrouwen die
vroeger nog voor een jaar instroomde in de WAO. Nu is de wachttijd
voor de WIA twee jaar. De duur van de complicaties is twintig
maanden. Dus er zal nauwelijks instroom in de WIA zijn en als die
er al is, gaat het daarbij om zeer serieuze gevallen. U zegt die
vrouwen met rust te willen laten. Kan ik daaruit afleiden dat u
mijn amendement op dit punt zult steunen?
Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):
De heer Ulenbelt heeft mij niet goed begrepen. Ik had het erover
dat een derde van de vangnetters instroomt in de WIA. Ik had het
niet over zwangere vrouwen of vrouwen die zijn bevallen en ziek
zijn geworden.
Bron: ongecorrigeerd stenogram