Verslag van het werkbezoek van Esmé Wiegman aan Armenië

maandag 24 oktober 2011 18:05

Esmé Wiegman is voor een werkbezoek in Armenië en houdt een weblog bij. Hier vindt u haar verslagen.

Zaterdag 29 oktober

Ik ben weer thuis. De terugreis verliep vlotter dan de heenreis en mijn koffer verscheen als een van de eersten op de bagageband. Mijn reisgenoten gedag gezegd en aan het terugblikken geslagen.
Voor ik aan deze reis begon heb ik de Armeense genocide, het uiteenvallen van de Sovjetunide, de aardbeving zo'n 20 jaar geleden en het conflict om Nagorno Karabach als afzonderlijke gebeurtenissen beschouwd. Afgelopen week kwam alles samen in de families die ik heb ontmoet: de dienstplicht die vervuld moest worden in de Sovjet-tijd, ver van huis; het woon-werkverkeer door de hele Sovjetunie heen, vluchten voor de gevolgen van de aardbeving, vluchten voor het conflict in Nagorno Karabach; de doden en getraumatiseerden; de diepe armoede door arbeidsongeschiktheid. De Armeense bevolking is door de eeuwen heen voortdurend bedreigd en verstrooid geraakt.

Toen ik aan onze begeleider Azatur vroeg wat zijn wensen voor Armenie zijn, antwoordde hij:
1) een revival door verspreiding van het evangelie;
2) een definitieve oplossing voor het conflict in Nagorno Karabach, door internationaal Azerbeidjan af te dwingen een niet-aanvalsverdrag te tekenen;
3) Erkenning van de genocide 100 jaar geleden;

Op het eerste gezicht lijken de 3 punten weinig samenhang met elkaar te hebben. Maar, de genocide en het conflict in Karabach zijn eigenlijk van dezelfde aard en zijn door dezelfde motieven ingegeven: een einde maken aan de christelijke minderheid die Armenie vormt. Een revival zal de christelijke aard van het land en haar bevolking versterken. Maar vooral: het evangelie brengt echte vrede! Het was bijzonder om tijdens alle ontmoetingen deze week die vrede bij de mensen terug te zien. Graag ga ik nog eens naar dit mooie land terug!

Vrijdag 28 oktober

Weer terug in Yerevan na 2 indrukwekkende dagen in Nagorno Karabach, waarvan de 24 uur in het gastgezin het meest indrukwekkend waren. De rit naar mijn gastgezin voerde door een compleet met de grond gemaakte stad. Waar ooit 200.000 mensen woonden, staan nu steenhopen, overwoekerde ruines en een enkele verroeste tank.

Door Narine en haar 3 kinderen (Laura, Gregor en Vazgen) word ik warm onthaald in een eenkamer-huisje waar een kacheltje dienst doet als kookstel en verwarming. De man van Narine werkt in Rusland. Naast Narine wonen haar ouders. Haar vader heeft dit jaar een herseninfarct gehad en is daardoor arbeidsongeschikt.

De mobiele telefoon geeft net genoeg licht om voor het slapen gaan de weg buiten naar het toilet te vinden, beter gezegd: het gat in de grond. Laura staat behulpzaam klaar met een keteltje water om de handen af te spoelen. Stromend water is er niet. Drinkwater is op 10 minuten wandelafstand te vinden.

Ik kom slecht in slaap op de bank in het huis van de grootouders, waar mijn beddengoed gestreken werd voordat m'n bed wordt opgemaakt.

's Ochtends komt een broer van grootvader Volodja langs, benieuwd naar de gasten uit 'Hollandski'. De paar woorden Russisch die ik ken komen goed van pas. In de loop van de ochtend horen we voortdurende doffe dreunen van schietende tanks. 'No Azerbeidjani' wordt er geruststellend gesproken. Het betreft slechts een oefening. De weg is echter wel afgesloten en het is de vraag hoe laat ik word opgehaald. Ik ben opgelucht als ik het busje van Azatur door de modder zie aankomen. Het idee om langer te moeten blijven, ondanks alle hartelijkheid... Ik kan weer terugkeren naar mijn luxe leventje, maar wie beschermt deze familie als Azerbeidjan nog weer eens het idee krijgt de strijd aan te gaan om Nagorno Karabach?

's Avonds zie ik de familie nog even in de kerk. Met mijn reisgenoten zing ik de gemeente Psalm 121 toe. 'Mijn hulp is van de Heer alleen.' Een emotioneel afscheid volgt met foto's en zusterlijke kussen. De voorganger speelt een lied van zegen en verbondenheid op zijn accordeon.

Woensdag 26 oktober

Vandaag zijn we op weg naar Nagorno Karabach. Toen ik in voorbereiding op deze reis de naam van dit gebied hoorde, moest ik even nadenken: waarvan kende ik dit gebied ook al weer? Waarom was dat een tijdlang in het nieuws?
Het ging om het conflict tussen Azerbeidjan en Armenie. Het conflict is eigenlijk nog steeds niet echt opgelost. De spanning is gebleven en regelmatig zijn er nog schietincidenten. Zojuist zijn we met ons busje een paar legervoertuigen gepasseerd met tanks erop. Onze begeleider, general secretary van de BaptistenUnie in Armenie, vertelde gisteren dat zijn vrouw op 15-jarige leeftijd met haar familie Nagorno Karabach is ontvlucht. Tijd om spullen mee te nemen had ze niet. Op slippers is ze in een bus gestapt die onder begeleiding van Russische tanks het gebied heeft verlaten.

We passeren ook het 4 landen-punt: de plek waar Armenie grenst aan Azerbeidjan, Iran en Turkije. Het laat zien hoe het overwegend christelijke land Armenie ingklemd ligt tussen Islamitische landen en tussen oost en west. Jammer dat we vandaag geen stralend weer hebben. De tocht door de bergen is nat en mistig.

Ik ben benieuwd in welk gastgezin ik terecht kom. Zou er stromend water zijn? Zou het er koud zijn? Ik heb de afgelopen weken al met verschillende toiletten kennisgemaakt. Ook met een gat in de grond valt te leven...

Dinsdag 25 oktober

Vandaag hebben we een bezoek gebracht aan het genocidemuseum. In 1915 en 1916 zijn 1,5 miljoen Armeniers door de Turken om het leven gebracht. Elk jaar wordt op 24 april deze genocide herdacht. Armenië heeft in die periode 12 regio's moeten afstaan aan Turkije. Indrukwekkende foto's lieten zien wat mensen hebben moeten doorstaan. Op de vlucht zijn veel vrouwen en kinderen aan de gevolgen van ondervoeding en uitputting overleden.
Ik begrijp nog steeds niet waarom Verhagen destijds als minister van Buitenlandse Zaken en Rosenthal nu het woord 'genocide' niet in de mond nemen, maar spreken over de 'Armeense kwestie'.

Vanmiddag hebben we de gaarkeuken van Rhazdan bezocht. Elke dag komen daar 51 mensen eten, omdat ze te arm zijn om zelf in eten te voorzien.
Mensen van de de Baptistengemeente verzorgen de maaltijden, maar bieden ook geestelijke zorg en toerusting.

Rhazdan was vroeger een industriestad waar veel mensen naartoe kwamen om te werken in de industrie van auto-onderdelen voor de Russische auto-industrie. Het einde van het communisme betekende echter ook een einde aan deze industrie en grote werkloosheid.

Alle problemen van dit land groeien echt boven mijn hoofd. Des te meer bewonder ik iedereen die zich hierdoor niet laat verlammen, maar simpelweg doet wat zijn hand vindt om te doen om ervoor te zorgen dat mensen niet door de bodem van het bestaan zakken.

Vanavond bereiden we ons voor op onze reis naar Nagorno Karabach.
En goed nieuws: ik heb mijn koffer terug!!! Dankzij de energie die onze begeleider Azatur daarin heeft gestoken. Geen idee hoe hij dat heeft gedaan... Maar heerlijk om morgen de helft van mijn koffer weg te kunnen geven aan het arme gastgezin waar ik zal verblijven.

Maandag 24 oktober

Vandaag zijn we op stap geweest met Maria Goris. Zij is een Nederlandse vrouw en actief voor de organisatie Little Bridge. Zoals de naam al zegt wordt er een kleine brug geslagen tussen mensen in nood en mensen die wat te geven hebben. Vanmorgen zijn we op bezoek geweest in een instelling waar 286  gehandicapte kinderen zijn opgenomen. Tijdens het communisme 'bestonden' er geen gehandicapte kinderen. Langzaam maar zeker komt daar verandering in. Alleen krijgen de gehandicapte kinderen een veel te lage gehandicaptenuitkering. Daar kan niet alle zorg van betaald worden. Daarvoor blijven ondersteuning en giften nodig.

Vandaag zie ik ook steeds weer hoe de gevolgen van de grote aardbeving in de jaren tachtig nog steeds doorwerken. Veel mensen wonen nog steeds in de tijdelijke huisvesting van toen. Bovendien is de Armeense economie is zwak. Veel mensen verdienen geld in het buitenland. Er wordt te weinig geld verdiend in eigen land. De belastinginkomsten zijn daardoor laag. Ondertussen viert corruptie nog steeds hoogtij, wat de handel belemmert.

Vanmiddag hebben we kennisgemaakt met het boerenbestaan op het platteland. Boeren verenigen zich steeds vaker in corporaties om gezamenlijk investeringen te doen en een betere prijs voor hun producten af te dwingen. Ik heb daarvan een paar mooie foto's kunnen maken... U kunt ze onderaan de blog bekijken.

Zondag 23 oktober

Vandaag hebben we kerkdiensten bezocht. Deze waren indrukwekkend. Vanmiddag werden we wel opgeschrikt door een aardbeving. Het zou wel eens dezelfde kunnen zijn als die in Turkije, waar zoveel slachtoffers zijn gevallen. Wij zaten verder van het epicentrum.

Na afloop van de middagdienst hebben we verschillende arme gezinnen bezocht. De baptistengemeente heeft zich over veel arme ouderen en gehandicapten ontfermd. Tranen springen in je ogen als je bij deze mensen binnenstapt: vervuilde en verwaarloosde huizen, gebrek aan medische zorg en vooral de eenzaamheid. Familieleden die hun ouders in nood de rug hebben toegekeerd.

Mijn koffer is ondertussen nog steeds zoek. Contact met de luchthaven geeft me het machteloze gevoel van 'de paarse krokodil'. Inmiddels een paar kleren aangeschaft om de week door te komen. Een telefoontje naar de reisverzekering was zo gedaan. Het versterkt het gevoel van contrast. Na alles wat ik vandaag heb gezien en meegemaakt kan me die 'stomme koffer' eigenlijk veel minder schelen. Ik hoef er geen boterham minder om te eten.

Zaterdag 22 oktober

Na een omslachtige reis via Wenen en Moskou zijn we in de hoofdstad van Armenië aangekomen: Yerevan. Ik heb geen idee waar mijn koffer is gebleven. Gelukkig kan ik nog even teren op mijn handbagage en zijn mijn reisgenoten graag bereid uit hun koffer te delen.

Na aankomst zijn we direct naar de armste wijk van Yerevan gereden voor een ontmoeting en Bijbelstudie met vrouwen. Prachtig om ondanks de taalbarrière elkaar te herkennen en te verstaan in Jezus Christus.

We zitten in een kleine kerkzaal te midden van grote troosteloze flatgebouwen die in de nadagen van het communisme zijn gebouwd, toen nog met centrale verwarming. De overheid heeft zich echter teruggetrokken en de mensen letterlijk in de kou laten staan. Het aanleggen van een verwarmingssysteem en de verwarmingskosten zijn voor de bewoners niet betaalbaar. Bij -25 graden vorst brengen mensen, waaronder vele ouderen, in een onverwarmd appartement de winter door. Terecht dat stichting Kom over en help hier aan de slag is gegaan met winterhulp.

Dat zit me ook nog het meest dwars van mijn zoekgeraakt koffer: alle spullen die ik daarin had gestopt om hier achter te laten....

Een groet vanuit de Bijbelstudie met zicht op de berg Ararat, met de woorden van Romeinen 12: Verblijd je in de hoop!

Labels
Esmé Wiegman
fractieblog

« Terug

Archief > 2011 > oktober