Waarom ChristenUnie en SGP verschillend stemden

donderdag 29 juni 2006 10:06

DEN HAAG - Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie) kreeg zes weken geleden de opdracht de ongedane naturalisatie van Ayaan Hirsi Ali ongedaan te maken. De motie waarin dat stond, kreeg steun van de ChristenUnie, maar niet van de SGP. Voor de motie van afkeuring die Verdonk woensdagmorgen aan haar broek kreeg, ging dat weer op. André Rouvoet en Bas van der Vlies leggen (opnieuw) uit waarom.

ChristenUnie-Kamerlid André Rouvoet:

,,Er zijn in het debat van woensdag op donderdagnacht zware kwalificaties gebezigd. Woorden als 'beschamend', 'beschadigend' en 'politieke chantage'. Ook wij hebben sterke bewoordingen gebruikt. Dan moet je het niet daarbij laten en vervolgens zeggen: eind goed, al goed. Voor ons stond in het debat één vraag centraal: hebben wij nu het vertrouwen in minister Verdonk gekregen dat wij zes weken geleden niet hadden? Anders gezegd: hebben wij de overtuiging dat zij zorgvuldig heeft gehandeld? Daarvan was ons aan het eind van het debat op geen enkele manier gebleken. Integendeel, de minister beweerde iets anders dan ze half mei deed. Eerst zei ze: ik heb alles uitgezocht en kon niet anders. Nu verklaarde ze het Somalisch naamrecht van toepassing.

En dan die verklaring van Ayaan Hirsi Ali, waarbij de ontboezeming van Balkenende kwam dat Verdonk met die verklaring moest kunnen leven. Het heeft er alles van weg dat er een politieke deal is gesloten. Dat hoor je niet te doen als minister, maar van die verantwoordelijkheid liep Verdonk weg. Hadden wij dus nog vertrouwen in deze minister? De vraag stellen is 'm beantwoorden.''

SGP-Kamerlid Van der Vlies:

,,Natuurlijk draagt Verdonk verantwoordelijkheid voor wat is gebeurd. Aan de andere kant: zij is geadviseerd door haar ambtenaren en het was Tweede-Kamervoorzitter Weisglas die zes weken geleden aandrong op snelle bekendmaking van het besluit dat Hirsi Ali geen Nederlandse kon zijn. Achteraf heeft de minister daarover gezegd: ik zou het zo snel niet weer doen. Bovendien, ook de Tweede Kamer heeft boter op het hoofd. Er valt niet te ontkomen aan de schijn van selectieve verontwaardiging. Want over andere asielzoekers die logen over hun naam wordt niet dagenlang gedebatteerd. Een politieke deal is niet uit te sluiten. Maar dat wordt door betrokkenen ontkend. En dan moet je het doen met hun woorden.

Wat voor ons de doorslag gaf bij de afweging om voor of tegen de motie van afkeuring te stemmen, was de vraag: moeten wij mevrouw Verdonk als enige zondebok de woestijn insturen? Als je kijkt in hoeverre de minister fouten heeft gemaakt, dan valt dat wel mee. En laten we niet vergeten wat er zes weken geleden gebeurde, toen de Kamer stelde dat Hirsi Ali koste wat kort het Nederlanderschap moest behouden. De opdracht aan het kabinet was: verzin een list. Op de achtergrond speelde nog een andere overweging om tegen de motie te stemmen mee. Dat was de vraag tot welke politieke gevolgen een stem vóór de motie zou kunnen leiden.''

Bron: Nederlands Dagblad, door de redacteur Rinder Sekeris


Zie ook:
Dossier: val kabinet Balkenende II

« Terug

Reacties op 'Waarom ChristenUnie en SGP verschillend stemden'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2006

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari