Bijdrage debat buitenschoolse opvang

donderdag 05 oktober 2006 12:19

De heer Slob (ChristenUnie):
Voorzitter. Een aantal sprekers heeft al gezegd dat wij hier staan iets meer dan een jaar nadat de motie-Van Aartsen/Bos is ingediend en door een meerderheid van de Kamer is aanvaard. De uitwerking van die motie heeft een enorme vlucht genomen. Los van het feit dat er nu een wetsvoorstel ligt, viel het mij op dat, ondanks dat de regering nogal verrast werd door de motie, Hare Majesteit de strekking ervan als een voornemen heeft uitgesproken in de vorige Troonrede.

Het viel mij ook op dat een van de partijen die toentertijd tegen de motie stemde, de strekking ervan inmiddels in haar verkiezingsprogramma heeft opgenomen. Ik heb het dan over het CDA. Het is toch een heel knappe prestatie, die ik met name op het conto van de heer Balemans schrijf. Wij weten allemaal dat hij de architect van dit hele verhaal is. Los van wat wij er inhoudelijk van vinden, is het een prestatie van formaat. Dit alles is ook nog in een jaar tijd gebeurd.

Onze opvatting over het wetsvoorstel heb ik al een aantal malen uiteen mogen zetten. Die opvatting is ook gebleken uit ons stemgedrag bij de motie. Wij tornen niet aan de verantwoordelijkheid die ouders zelf dragen voor hun kinderen en de keuzes die zij daarin maken als het om kinderopvang gaat. Die verantwoordelijkheid hoort bij hen; de overheid heeft zich daarmee niet te bemoeien. Dit wetsvoorstel laat dat intact. Ons bezwaar tegen de motie en nu ook tegen het wetsvoorstel is dat er in onze ogen geen wettelijke zorgplicht op het bordje van de scholen moet komen te liggen. Dat is ons primaire bezwaar. Ik heb de heer De Vries de uitwerking van dit wetsvoorstel wat horen minimaliseren, maar dat punt blijft natuurlijk toch overeind staan. Er komt een zorgplicht voor scholen om de aansluiting tussen school en buitenschoolse opvang te verzorgen. Dat is voor ons duidelijk een stap te ver.

Vandaag hebben wij een nota van wijziging gekregen. Als ik die goed heb geïnterpreteerd, is er ruimte om met de invoeringsdatum te schuiven mocht de in het wetsvoorstel genoemde datum niet worden gehaald. Dit kan eventueel met terugwerkende kracht. Dat zou mogelijkerwijs wat lucht kunnen bieden aan scholen die nog niet zo ver zijn dat zij al met de uitwerking kunnen beginnen. Ik hoor graag van de minister of wij dit goed begrepen hebben. Ook willen wij graag duidelijkheid over een punt dat ook door de heer De Vries is opgeworpen.

Wat gebeurt er als een school er niet in slaagt om kinderopvang te regelen en om de diensten geleverd te krijgen die worden gewenst? Hoe moet een school zich dan opstellen? Kortom: kan een school aan het bijna onmogelijke worden gehouden? Zijn scholen voorts verplicht om zelf opvang te verzorgen, al hebben zij daar niet voor gekozen? Uit de nota naar aanleiding van het verslag valt op te maken dat de minister vindt dat een school niet aan het onmogelijke kan worden gehouden als die er niet in slaagt om kinderopvang te regelen, maar in de wettekst staat dat scholen gewoon een zorgplicht hebben en ouders een wettelijk recht om scholen aan die plicht te houden als bepaalde amendementen worden aangenomen. Mijn fractie wenst hier opheldering over.

Mijn fractie is zeer benieuwd naar de reactie van de minister op de amendementen op de stukken nrs. 13 en 15. Die veroorzaken nogal wat als zij worden aangenomen. Ik ben op zichzelf blij met de toelichting van mevrouw Hamer op amendement 15. Die wijkt enigszins af van de antwoorden die de heer Balemans op mijn vragen heeft gegeven. Hoe je het ook wendt of keert, scholen krijgen een behoorlijke verplichting. Ik vraag mij dus af of het amendement op stuk nr. 15 ook qua tekst strookt met de bedoeling die de indieners naar zeggen van mevrouw Hamer hebben gehad.

Tijdens een algemeen overleg met deze minister en minister De Geus heb ik net als de heer Van der Vlies steeds voor een drempel gepleit. Het lijkt hem en mij goed om een lage drempel in te voeren, omdat dan optimaal rekening wordt gehouden met de uitvoerbaarheid voor kleine scholen en plattelandsscholen. Dit wordt ook beoogd in de motie van de heer Van der Vlies, die alle Kamerfracties behalve die van de VVD hebben aangenomen. Ik heb het amendement op stuk nr. 8 ingediend in aansluiting op het advies van de Onderwijsraad terzake. Deze wens lijkt mij en de heer Van der Vlies zeer reëel. Zij raakt aan de proportionaliteit van dit wetsvoorstel. Wij hopen dan ook dat de minister die steunt.

Over de kosten van dit alles heeft mijn fractie nog enkele vragen. Op dit moment vergoedt de Belastingdienst maximaal €5,40 per uur voor de kinderopvang, als ik mij niet vergis. De meeste kinderopvangorganisaties zitten onder dat bedrag. Gaat dit bedrag ook gelden voor opvang op school? Ik vraag dit, omdat de minister op vragen over de kosten antwoordt dat eventuele extra kosten in de prijs moeten worden doorberekend. Als dat gebeurt, is de kans zeer groot dat ouders meer betalen dan zij vergoed krijgen, waardoor de opvang minder aantrekkelijk wordt.

In hoeverre worden onkosten vergoed die scholen eventueel moeten maken voor opvang op school zonder dat zij die kunnen doorberekenen aan de ouders? Wordt hierin voorzien? Het gaat om aanzienlijke bedragen, dus het lijkt mij niet meer dan reëel in het verlengde van het opleggen van een dergelijke plicht aan scholen. Bovendien sluit dit aan bij de herhaaldelijk geuite wens van de heer Balemans dat er boter bij de vis komt. Ik heb hier niets over zien staan in de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, hetgeen mij op zichzelf niet zo onlogisch lijkt, maar ook niet in de begroting van collega De Geus, terwijl daarin wel een aparte post in had moeten zijn opgenomen. Dat is niet gebeurd. De heer Balemans heeft herhaaldelijk aan de bel getrokken bij de minister van Financiën, maar kennelijk was dat slechts belletje trekken, want toen de deur openging, stond hij er niet meer. Het is namelijk niet geregeld. Het moet wel worden geregeld. Het lijkt mijn fractie zeer ernstig als dit wetsvoorstel door de Eerste Kamer komt zonder dat dit geregeld is. Ik vraag hiervoor dus aandacht.

Dit waren mijn vragen over het wetsvoorstel. In het kader van mijn eigen plicht tot kinderopvang, moet ik mij verontschuldigen voor de rest van dit debat, want het is de verjaardag van mijn oudste dochter. Als ik nu naar huis ga, kan ik er nog net het laatste halfuur van meemaken. Ik neem aan dat u mij dat recht niet ontzegt. Het hoeft niet wettelijk te worden geregeld; ik eis dit gewoon zelf op.

De voorzitter:
Ik feliciteer u, en via u uw dochter, van harte met de verjaardag van uw dochter.

Bron: ongecorrigeerd stenogram

« Terug

Reacties op 'Bijdrage debat buitenschoolse opvang'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2006

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari