Overleg over het gemeente- en provinciefonds

maandag 19 november 2007 12:28

De heer Anker (ChristenUnie): Voorzitter. Ik complimenteer de minister en de staatsecretaris voor het feit dat er zo snel een bestuursakkoord met de VNG tot stand is gekomen evenals een groot aantal afspraken met de provincies. Het is goed dat er een commissie is die zich buigt over de precieze rol van de provincies en de decentrale overheden. Het is belangrijk dat er echt werk wordt gemaakt van het herstel van vertrouwen in de relatie met de lagere overheden en dat er tot afspraken wordt gekomen.

Wij zijn verder verheugd over de inzet op integriteit in het kader van de dienstbare overheid, maar wij vinden wel dat de plannen daarvoor wat laat gerealiseerd worden, namelijk pas in 2011. Wij vragen ons af of dit niet wat sneller kan. Wij hebben op dit punt een idee dat van onze leden afkomstig is; er is ooit op een congres van ons een resolutie over aangenomen. In plaats van alleen maar een gedragscode over zaken die niet mogen en over zaken waaraan voldaan moet worden, kun je het ook positief benaderen, in de zin dat lagere overheden voor zichzelf positieve kernwaarden formuleren waaraan ze zich houden. Dat wordt al door een aantal gemeenten gedaan. Het geeft ambtelijke organisaties en organen ook een soort streven mee waar men zich hard voor wil maken. Wil de staatssecretaris dit punt inbrengen in de integriteitsrondes die zij met verschillende clubs gaat houden?

Vervolgens ga ik in op het middenbestuur. Er wordt een interbestuurlijke task force ingesteld. Ik wil eerst iets zeggen over de term task force. Ik krijgt daar altijd het idee bij dat er baretten en groene schmink aan te pas komen, maar er zijn er inmiddels zo veel van dat wij heel spannend Risk kunnen gaan spelen als overheid. De term begint de lading wat te verliezen. Ik vind dat zeker bij Binnenlandse Zaken hiervoor de Nederlandse term taakgroep of iets dergelijks gebruikt zou moeten worden. Wat mij betreft is dit het moment om een kentering aan te brengen in deze verengelsing van het overheidsbeleid; wij gaan dus een Nederlandse taakgroep instellen.

Genoemde task force die dus vanaf nu taakgroep heet, gaat zorgvuldig nadenken over de onderlinge verhoudingen tussen alle overheden. Bij het lezen van de stukken kregen wij het idee dat er steeds meer taken bij worden geschoven. Wij hebben op dit moment niet helemaal zicht op wat deze taakgroep gaat doen. Wellicht dat de staatssecretaris of de minister kan aangeven wat nu precies de taken zijn van deze interbestuurlijke taakgroep. Wat dat betreft zou het een uitputtend lijstje kunnen zijn, zodat wij ons er in kunnen beperken wat wij er allemaal aan zaken naartoe schuiven.

De bestuurskrachtmetingen vinden wij een waardevol instrument maar het moet niet de hefboom zijn om mensen in de richting van een herindelingstraject te duwen. Dat moet geen automatisme zijn. Wij geloven dat de rol van de provincie kan voorkomen dat er allerhande ingewikkelde samenwerkingsverbanden tot stand komen en dat deze misschien zelfs een herindeling overbodig maakt. Wil de staatssecretaris de rol van de provincies betrekken bij de schaalgroottediscussies?

Over het decentraal belastinggebied heeft de minister zich eerder ambitieus uitgesproken. Zij wil geen onderzoeken meer maar zij wil het decentraal belastinggebied niet los zien van de decentralisatiediscussie. Dat is uiteraard enorm wijs, maar als in de zoektocht naar een systematiek, een discussie gevoerd gaat worden over eigen taken en geld, kan dat een heleboel stroefheid tot gevolg hebben, waarvoor wij toch wel een beetje vrezen. Hoe wil de staatssecretaris daarmee omgaan? Wanneer kunnen wij concrete voorstellen op dit gebied verwachten om dit niet al te lang te laten voortduren? Wij willen er in deze periode al wat mee gaan doen. Ook zouden wij graag zien dat de afschaffing van het gebruikersdeel van de ozb daarbij betrokken wordt. Die heeft er namelijk wel voor gezorgd dat alleen de huiseigenaren op dit moment bijdragen aan het lokaal belastinggebied en de huurders van huizen niet meer, hetgeen wat ons betreft niet eerlijk is.

Mijn laatste opmerking betreft de veiligheid. In het bestuursakkoord met de VNG wordt gesteld dat in 2007 de regierol van de gemeenten als het gaat om veiligheidsbeleid verankerd moet worden. Dat is een prachtige term, maar wij vragen ons wel af hoe die verankering zich verhoudt tot het wetsvoorstel inzake de veiligheidsregio's dat er aan zit te komen. Verder wordt opgemerkt dat de openbare-ordeportefeuille van de burgemeester nog eens goed tegen het licht worden gehouden. Wij vragen ons af waarom dit gebeurt en hoe een en ander zich tot elkaar verhoudt. Wij zouden ook graag zien dat de Kamer op de hoogte werd gesteld van de resultaten van het onderzoek.

Nadere gedachtenwisseling
De heer Anker (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor haar beantwoording. Op het punt van het lokaal belastinggebied vond ik haar reactie wat voorzichtig. Zij hoopt voor de zomer ermee terug te komen. Ik zou graag willen dat er wat meer gang in komt en dat er meer duidelijkheid komt over het verdere verloop van dit proces.

Bron: ongecorrigeerd stenogram

« Terug

Reacties op 'Overleg over het gemeente- en provinciefonds'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2007

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari