Klimaatconferentie in Montréal

maandag 12 december 2005 13:34

Hans Blokland (lid van het EP voor ChristenUnie-SGP, en plv. leider van de EP delegatie) en Jan Wijmenga (beleidsmedewerker milieu) namen van 5-9 december deel aan COP-11 in Montréal, Canada.

In het gezelschap van duizenden activisten en lobbyisten, kwamen afgelopen week in Montréal delegaties uit vrijwel alle landen ter wereld bij elkaar om te discussieren over de gevolgen van klimaatverandering, de toekomst van het Klimaatverdrag van de Verenigde Naties en de status van het protocol van Kyoto. Deze elfde jaarlijkse bijeenkomst, aangeduid met de afkorting COP-11 (Conference of the Parties), was de eerste sinds de officiële inwerkingtreding van het Kyoto-protocol op 16 februari dit jaar. De toezeggingen over reductie van uitstoot van broeikasgassen die in december 1997 in Kyoto zijn gedaan zijn daarmee verplichtend geworden voor de deelnemende landen. Samen vertegenwoordigen deze meer dan negentig procent van de wereldbevolking. Een heuglijk feit dat door ettelijke deelnemers werd gememoreerd. Toch was er niet sprake van een echte juichstemming in Montréal, want er is nog steeds één land dat niet bij het Kyoto-protocol betrokken wil worden. En dit land is wel verantwoordelijk voor een kwart van de wereldwijde uitstoot van een broeikasgas als koolstofdioxide (CO2): de Verenigde Staten.

 

Het doel van de conferentie in Montréal was onder meer om te starten met onderhandelingen over de periode na afloop van het Kyoto-protocol in 2012. Het grote probleem bij deze onderhandelingen is dat de Verenigde Staten, die wel het Klimaatverdrag hebben geratificeerd, maar niet het Protocol, elke discussie over toekomstige reductieverplichtingen blokkeren. De andere landen hebben daarmee een keus: proberen de VS te overtuigen van het nut en de noodzaak van deze reducties en ze daarmee binnenboord halen, of de VS buitenboord laten en zelf verder gaan.

Vanuit de EU is de insteek om toch de VS te betrekken bij het proces, want juist in dat land zijn door het relatief hoge energieverbruik met weinig kosten grote reducties mogelijk. Bovendien zou het ook ten opzichte van de Europese industrie moeilijk verdedigbaar zijn als zij wel, en de Amerikanen niet reducties te verwerken krijgen. De haalbaarheid van het betrekken van de VS bij het proces wordt door velen betwijfeld gezien de houding van de Amerikaanse delegatie tot nu toe in de diverse onderhandelingssessies. De Europees Commissaris voor milieu, Stavros Dimas, bleef echter tot het eind toe optimistisch over de uiteindelijke deelname van de Amerikanen.

 

Na afloop van de conferentie gaf de EU een persconferentie, waarbij het resultaat werd toegelicht door Blokland (EP), Dimas (Commissie) en Beckett (Raad) Als lid van de delegatie die namens het Europees Parlement (EP) aanwezig was hebben ondergetekenden geen formele rol bij de onderhandelingen. Die worden namens de EU gevoerd door de Britse minister voor milieu, Margaret Beckett, ondersteund door de Commissaris Dimas. Toch zijn we niet hier gekomen om slechts toeschouwers te zijn. In diverse bijeenkomsten in zijzalen hebben we geprobeerd parlementariërs uit Rusland, de Verenigde Staten en andere landen te overtuigen van het nut en de noodzaak van verdergaande emissiereducties in de toekomst. Het is apart om te ervaren dat landen als Rusland, China en India meer bewust zijn van de gevolgen van klimaatverandering dan de VS! 

 

De Europese Unie (Commissie, Ministerraad en EP) heeft als uitgangspunt dat de temperatuur op aarde niet meer dan 2 graden Celsius mag toenemen ten opzichte van het pre-ïndustriële niveau. Dit zou betekenen dat geïndustrialiseerde landen, inclusief de Verenigde Staten, reducties moeten realiseren tot 30% in 2020 en 80% in 2050, in vergelijking met 1990. Met deze cijfers in het achterhoofd is het zeer begrijpelijk dat vrijwel alle landen nu al willen praten over doelstellingen die ze pas over vijftien jaar zouden hoeven te realiseren: het vraagt immers een zeer grote inspanning van overheden en bedrijfsleven om deze doelstellingen in realiteit om te zetten. Dáárom is het zo nuttig dat we nú al starten met onderhandelingen, ook al zijn we nog niet aan het einde van de duur van het Kyoto-protocol (2012).

 

Bijna aan het einde van de conferentie kunnen we echter concluderen dat, ondanks een last-minute oproep van oud-president Clinton, er nog te weinig echte vooruitgang is geboekt. Er zijn goede werkafspraken over het huidige systeem gemaakt, maar we moeten ook constateren dat er voor de periode na 2012 nog geen echte doelstellingen zijn afgesproken.

 

Hans Blokland (lid van het EP voor ChristenUnie-SGP, en plv. leider van de EP delegatie) en Jan Wijmenga (beleidsmedewerker milieu) namen van 5-9 december deel aan COP-11 in Montréal, Canada.

« Terug

Reacties op 'Klimaatconferentie in Montréal'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari