Algemeen Overleg Bemiddeling en reïntegratie werklozen

woensdag 26 januari 2005 13:01

Mevrouw Huizinga-Heringa (ChristenUnie) deelt de kritiek op de minister inzake de motie-Noorman-den Uyl over de 80–20% niet. Zij heeft de brieven ervaren als een onderkennen van het probleem en een creatief zoeken naar een oplossing voor het probleem. Betekent de opmerking in het kader van een separaat scholings- en reïntegratiebudget en de gezamenlijke inspanning van UWV, de Cliëntenraad en Borea, dat er een protocol komt en dat de motie hierover wordt uitgevoerd? Kan de minister voorts nog een reactie geven op de motie-Huizinga-Heringa/De Wit over scholing van mensen met ernstige beperkingen?
 
Mevrouw Huizinga wijst op het subjectieve karakter van de indicatoren in het protocol zeer moeilijk plaatsbare cliënten. Als een belemmering in de persoonlijke situatie wordt genoemd rolidentificatie in uitkeringssituatie, zoals zorg voor een gezinshuishouden en mantelzorg. Waarom moeten die zorgtaken leiden tot een afwijkende mate van resultaatfinanciering? Hoe verhoudt dit zich tot elkaar?
 
De eerste ervaringen met de IRO zijn (redelijk) positief, maar er komen veel klachten dat gemeenten cliënten niet de mogelijkheid bieden om via de IRO zelf een reïntegratiebedrijf te kiezen. Als gemeenten daartoe niet verplicht zijn, bepleit mevrouw Huizinga om de gemeenten erop te wijzen en in de wet te op te nemen dat zij cliënten wel die mogelijkheid bieden. Kan de minister reageren op berichten dat de gemeenten maar een klein deel van hun werkdeel inzetten voor reïntegratie, omdat een groot deel opgaat aan gesubsidieerde arbeid?
 
Waarop is het optimisme van de minister over de mogelijkheden van meer maatwerk in regulier aanbestede trajecten gebaseerd? Is dat gebaseerd op het voornemen om de functie van reïntegratiecoach in het leven te roepen? Kan de minister een reactie geven op de suggestie om cliënten in de regulier aanbestede trajecten een gekwalificeerd adviesrecht te geven, waarvan alleen beargumenteerd kan worden afgeweken? Dat gaat niet zover als een IRO, maar zou wel kunnen bijdragen aan een assertieve en gemotiveerde opstelling van de cliënt. Diens mening ontbreekt nu heel vaak in het reïntegratieadvies.
 
Mevrouw Huizinga stelt vast dat de Rekenkamer in zijn rapport een beroerd beeld van de reïntegratiepraktijk schetst. Dat was niet verrassend, gezien de vele klachten die ook haar partij ontvangt. Op dit terrein moet nog veel gebeuren. De oplossing is dan niet om de boel op te heffen, maar om in te zetten op verbeteren. Mevrouw Huizinga sluit zich aan bij de vragen over een duidelijk plan van aanpak waarin de Kamer vertrouwen kan hebben, het liefst voor de zomer.
 
Het kwaliteitskeurmerk voor reïntegratiebedrijven heeft geen groot draagvlak onder de opdrachtgevers. Hoe wil de minister met het keurmerk omgaan? Ziet hij mogelijkheid en noodzaak om over te gaan tot een verplichte certificering, waarover een motie van de fractie van de ChristenUnie is aangenomen? Als de vrije markt zijn verantwoordelijkheid niet goed genoeg en snel genoeg neemt en wanneer de certificering achterblijft, heeft de overheid de taak om sturend op te treden. De overheid kan dan de verplichte certificering als stok achter de deur houden.
 
Het cliëntvolgsysteem lijkt een waardevolle aanbeveling. De minister schrijft dat de bedoeling van reïntegratie is om te komen tot de kortste weg tot duurzame werkhervatting. Mevrouw Huizinga vreest voor het dumpen van mensen in een makkelijke baan omdat het de kortste weg is, maar dat die uiteindelijk niet duurzaam zal blijken te zijn omdat mensen veel meer mogelijkheden hebben. Zij pleit voor een traject van reïntegratie ook na de eerste werkplek. Ziet de minister mogelijkheden om nog eens te brainstormen op die duurzaamheid en een begeleiding voor de moeilijk plaatsbaren die langer duurt dan tot de eerste werkplek?
Voor werklozen die als zelfstandige willen starten vindt mevrouw Huizinga een oriëntatiefase van drie maanden kort. Vaak is al meer dan drie maanden nodig om goedkeuring van UWV te krijgen voor het eerste trajectplan. Ook de termijn van anderhalf jaar voor herleving van de oude WW-rechten vindt zij erg kort.

« Terug

Reacties op 'Algemeen Overleg Bemiddeling en reïntegratie werklozen'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari