Vragen over Bouwactiviteiten op grond van gevluchte Grieks-Cyprioten op Noord-Cyprus

dinsdag 22 maart 2005 07:37

Vragen van het lid Huizinga-Heringa (ChristenUnie) aan de minister van Buitenlandse Zaken over bouwactiviteiten op grond van gevluchte Grieks-Cyprioten op Noord-Cyprus.

Met antwoord.

Vragen van het lid Huizinga-Heringa (ChristenUnie) aan de minister van Buitenlandse Zaken over bouwactiviteiten op grond van gevluchte Grieks-Cyprioten op Noord-Cyprus. (Ingezonden 22 maart 2005)
  1. Kent u het artikel «Huizenkoper op Noord-Cyprus loopt risico»1, waaruit blijkt dat er vakan-tiehuizen worden gebouwd op Noord-Cyprus op grond van Grieks-Cypriotische vluchtelin-gen, die vervolgens doorgaans aan West-Europeanen, waaronder Nederlanders, worden ver-kocht?
  2. Kunt u aangeven op welke schaal er (vakantie)huizen gebouwd worden op grond van Grieks-Cypriotische vluchtelingen? Deelt u de mening dat de bouw van (vakantie)huizen op grond van gevluchte Grieks-Cypriotische vluchtelingen illegaal is? Zo ja, welke politieke consequenties vloeien hier uit voort? Zo neen, hoe beoordeelt u dan de uitspraak2 die is gedaan door een rechtbank in Nicosia?
  3. Kunt u aangeven wat de gevolgen kunnen zijn voor een Nederlandse koper van een vakantiehuis op Noord-Cyprus op grond die toebehoort aan een Grieks-Cypriotische vluchteling?
    Klopt het dat verbeurdverklaring van de eigendommen in het thuisland van de koper de uiterste consequentie kan zijn als de betrokkene geen gehoor wil geven aan een vonnis vergelijkbaar met het vonnis over een Brits echtpaar?3
  4. Welke mogelijkheden ziet u om de belangen van de Grieks-Cypriotische vluchtelingen te beschermen en om te voorkomen dat Nederlanders illegaal gebouwde vakantiewoningen op Noord-Cyprus kopen? Bent u bereid om (op Europees niveau) het kopen van illegaal gebouwde vakantiewoningen op Noord-Cyprus tegen te gaan?
1 Algemeen Dagblad, 9 maart jl.
2 Zie noot 1.
3 Zie voor deze casus het artikel in het Algemeen Dagblad, 9 maart jl.
 
Antwoord
Antwoord van minister Bot (Buitenlandse Zaken). (Ontvangen 3 mei 2005), zie ook Aanhangsel Handelingen nr.1481, vergaderjaar 2004–2005
  1. Ja, dit artikel is mij bekend.
  2. Er zijn geen betrouwbare cijfers beschikbaar, maar sinds het referendum in april 2004 kan een toename van bouwactiviteiten worden waargenomen.Volgens de «Kamer van Architecten» in Noord-Cyprus worden doorgaans 1800–2000 bouwvergunningen per jaar aangevraagd; in het eerste kwartaal van 2004 zouden al meer dan 2000 vergunningen zijn aangevraagd. Van de kopers zou 85% afkomstig zijn uit het Verenigd Koninkrijk, de rest voornamelijk uit Turkije en Israël.
    De vraag of de bouw van (vakantie)huizen op grond van gevluchte Grieks-Cypriotische vluchtelingen illegaal is, is nauw verbonden met de politieke situatie in Cyprus.Het noordelijk deel van Cyprus, de zogenaamde «Turkish Republic of Northern Cyprus» is internationaal niet erkend, behalve door Turkije.Zaken betreffende onroerend goed, zoals teruggave en/of compensatie ten behoeve van rechtmatige eigenaren van vóór 1974 (jaar van de de factodeling van het eiland), maken integraal deel uit van onderhandelingen tussen partijen over een algehele oplossing. Sinds de de factodeling van het eiland worden onderhandelingen, als die plaatshebben, gevoerd in VN-kader. De EU en Nederland zullen, indien mogelijk, de VN ondersteunen en druk uitoefenen op beide partijen aan een oplossing mee te werken.
    Zolang er geen oplossing is voor de kwestie Cyprus, bestaat de mogelijkheid dat in de Republiek Cyprus juridische procedures worden aangespannen tegen kopers van onroerend goed in het Noorden, zoals de zaak tegen het Britse echtpaar waaraan in het artikel in het Algemeen Dagblad wordt gerefereerd.
  3. Voorop dient te worden gesteld dat in de rechtszaak tegen het Britse echtpaar hoger beroep is ingesteld. Dat maakt het beantwoorden van de vraag in hoge mate speculatief. Ten overvloede zij opgemerkt dat het Europees arrestatiebevel, waarnaar het artikel in het Algemeen Dagblad verwijst, in casu geen rol speelt aangezien hier geen sprake is van een strafrechtelijke, maar van een civielrechtelijke kwestie.
  4. Het is de verantwoordelijkheid van de potentiële koper zelf, zich te laten informeren over eventuele risico’s van een bepaalde huizenmarkt. Het ministerie van BZ en de ambassade geven desgevraagd informatie over de specifieke situatie op Cyprus. Zoals gezegd, dient de eigendomsproblematiek te worden opgelost binnen het grotere kader van de kwestie Cyprus. De Verenigde Naties hebben het mandaat hiervoor.
 

« Terug

Reacties op 'Vragen over Bouwactiviteiten op grond van gevluchte Grieks-Cyprioten op Noord-Cyprus'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari