Christelijk hardhout

zaterdag 16 juli 2005 10:17

Bron: Volkskrant

Interview door Marc Peeperkorn

Missionaris

Onmiskenbaar een politiek talent: André Rouvoet (43), fractieleider van de ChristenUnie. Beste debater in 2003, beste politicus in 2004 en overtuigend winnaar van het Europese Grondwetdebat in 2005. En hij is nog lang niet klaar. 'Ik ben een missionaris voor de christelijke politiek.' Twijfel kent hij niet, wel vertwijfeling. Vol afgrijzen volgde hij de afgelopen maanden het debat in de Tweede Kamer over Intelligent Design, de vraag over schepping of evolutie. 'Ik was verbijsterd over de platheid en het dédain. Het waren de verlichte geesten die die achterlijke gelovigen even een lesje zouden leren.' Zonder resultaat, overigens. 'Ik vind het moeilijker om in een oersoep te geloven dan in een God die de wereld heeft gemaakt.'

De ChristenUnie doet het goed in de peilingen. Als er nu verkiezingen zouden zijn, hoopt fractievoorzitter André Rouvoet op acht zetels uit te komen. Deels komt dat door zijn 'nee' tegen Europa. 'Mijn uitdaging is al die mensen over de drempel heen te helpen.'

André Rouvoet lijdt aan volledigheidsneurose. 'Systeemdwang' noemt hij zijn afwijking ook wel, die zich openbaart in het obsessief verzamelen van stapels krantenknipsels. In meters boeken op de grond bij hem thuis die hij niet opbergt - 'mag niet!' - voordat ze van begin tot eind gelezen zijn. 'Ik ga er niet voor naar de psychiater, maar knap storend is het soms wel.'

Neem de kranten, waar Rouvoet (43) als fractievoorzitter van de ChristenUnie er dagelijks vele van verslindt. 'Ik begin achterin, het minst interessante deel van de krant. Kan ik dat vast weggooien, dat scheelt weer. Met het belangrijkste, de eerste zes pagina's, blijf ik vervolgens zitten. Daarvoor ontbreekt de tijd om het goed te lezen. Dat sjouw ik dan mee naar Den Haag en ' s avond weer naar huis, met als enige effect dat er iedere dag meer bijkomt.'

En gewoon die berg vrijdag in de oud-papierbak donderen? 'Dat kan ik niet. Ik heb een enorme behoefte aan cerebrale zekerheid. Dus zit ik in het weekeinde al die knipsels te lezen.'

Met boeken is het niet anders. Eerst is er de verzamelwoede. 'Die gaat ver. Als ik een schrijver goed vind, koop ik al zijn boeken. Ook als ik na een tijdje denk: nou, het is niet meer wat het geweest is. Of neem John Grisham, van hem heb ik alle Nederlandstalige boeken en één Engelse pocket. Die moet en zál ik dan ook in het Nederlands krijgen. Ik wil de serie compleet hebben!'

Dan komt de leesdwang. Slechte boeken halverwege terzijde leggen is uitgesloten. Wat weer leidt tot de opbergpsychose. 'Een boek mag pas in de boekenkast als het uitgelezen is. Laatst heb ik gezondigd met dat boek van Hillary Clinton. Bij hoge uitzondering had ik het ongelezen in het rijtje buitenlandse politiek gezet. Twee dagen later kreeg ik daar een heel slecht gevoel over. Ik heb het er weer uitgehaald en op de grond gelegd. Het slaat nergens op, maar zo steek ik in elkaar.'

Verder gaat heel goed met de heer Rouvoet, dank u. Hij mag zich de ongekroonde winnaar noemen van het debat over Europese Grondwet. Niet het platte populisme van de SP, Wilders of de LPF kon de meeste nee-stemmers bekoren, maar de gefundeerd kritische toon van de ChristenUnie. Met Rouvoet als vertolker.

In 2004 werd hij door de parlementaire pers tot beste politicus van het jaar uitgeroepen. Een jaar eerder kreeg hij de Thorbeckeprijs voor politieke welsprekendheid. De ChristenUnie staat in de peilingen op acht zetels, ruim een verdubbeling ten opzichte van het huidige aantal (3). Opvallend: Rouvoet spreekt bij voorkeur over zijn partij in de ik-vorm. 'Ik wil geen brede volkspartij worden. Dan ben ik niet meer de ChristenUnie.'

En dat voor iemand die tot ver in zijn studietijd volstrekt geen interesse had voor politiek. Goedgebekt, dat wel, op de lagere school al. Zoon van een groenteboer, een klein opdondertje, maar o zo ad rem. 'Een bijdehandje. Het leren ging mij makkelijk af. Ik gebruikte graag mijn mond, was erg aanwezig. Wat dat betreft is er niet veel veranderd .'

Een buitenbeentje ook. De enige uit het christelijk-gereformeerde gezin van vier kinderen die gaat studeren. Rechts-en staatsfilosofie in Amsterdam, aan de Vrije Universiteit natuurlijk. De eerste van de broers en zussen die op kamers gaat wonen, in Hilversum omdat hij daar voorzitter is van de kerkelijke jeugdvereniging.

Het studentikoos experimenteren met drank, drugs en vrouwen is hem daardoor volledig onthouden. Gemist heeft hij het niet. 'Die vriendinnen en verdovende middelen, dat was niet mijn stijl.' In 1983 krijgt hij verkering met zijn huidige vrouw, Liesbeth. 'Daarvoor had ik één keer eerder verkering, maar dat stelde niet zoveel voor.' Wel waren er verliefdheden, zeer regelmatig zelfs. 'Dat bleef allemaal heel stiekem. Onlangs heb ik tijdens een reünie van mijn middelbare school verklapt hoe geweldig verliefd ik vier jaar lang op een klasgenote ben geweest. De hele school wist dat overigens al, dus zij zal het ook wel geweten hebben.'

Het was zijn docent cultuurfilosofie Egbert Schuurman die Rouvoet ontdekt als politiek talent. Schuurman - senator voor de RPF (voorloper van de ChristenUnie) - raadt hem aan eens te gaan praten met RPF-leider Leerling. 'Om me te verdiepen heb ik toen een stapel oude Else viersmeegenomen. Die heb ik doorgelezen, helemaal ja.'

U was ambitieus: u reed Schuurman naar partijbijeenkomsten, verhuisde naar Maarssen om een raadszetel te bemachtigen. 'Voor mij was het avontuur. Als ik Schuurman naar bijeenkomsten bracht, luisterde ik ademloos. Hij was mijn mentor. Ambitie riekt voor mij naar carrièrezucht, naar strebers. Ik ben er altijd laconiek onder geweest. Maar wat ik doe, wil ik zo goed mogelijk doen. Al mijn talenten inzetten voor de zaak van de christelijke politiek: het dienen van het Koninkrijk van God. Dat is mijn ambitie. In 1989 kwam ik in beeld voor een verkiesbare plaats in de Tweede Kamer. Nooit gesolliciteerd. In 1994 werd ik opnieuw gevraagd en ditmaal verkozen. In 2002 viel mij het politiek leiderschap in de schoot, omdat onze toenmalige leider Veling ziek thuis zat. Het is een beetje the story of my life: niet gezocht wel beschikb aar.'

Dat klinkt erg lijdzaam. 'Het is mij overkomen, maar ik ben er niet voor weggelopen. Ik voel me gevleid als ik word verkozen tot politicus van het jaar; zit op een wolkje als ik het Grondwetdebat win. Acht jaar lang was ik als gewoon Kamerlid volslagen oninteressant voor de media. Den Haag Vandaag wist niet eens dat ik bestond. En dan nu succes: dat is leuk voor mij, maar vooral een buitenkansje voor de ChristenUnie. Dat je met drie zetels verwoordt wat 62 procent van de kiezers van de Grondwet vindt. Magnifiek! Dat geeft de burger richting bij de verkiezingen. Dan denken ze: die jongens en meisjes van de ChristenUnie hebben gezonde standpunten.' Om vervolgens op de concurrent te stemmen. 'In 2003 schreven columnisten: ik heb de Stemwijzer ingevuld en kwam nota bene uit bij de Christen-Unie. Hoe vertel ik het mijn vrienden? Uit onderzoek van De Hond blijkt dat een kwart van de CDAkiezers overweegt de volgende keer ChristenUnie te stemmen. Onder de PvdA-aanhang schommelt dat rond de vijf procent. Alleen al in orthodox-christelijk Nederland is er een potentieel van vijftien zetels. Mijn uitdaging is al die mensen over de drempel heen te helpen. Je stemt niet op een partij vanwege haar uitgangspunten, maar vanwege de standpunten. Mijn leus is: ChristenUnie, waarom niet?'

Wat biedt christelijke politiek in tijden van populisme? 'Herkenbaarheid. Als je zegt wat iedereen graag wil horen, heb je geen profiel meer. Het zet een premie op politiek zapgedrag waardoor zetels komen en gaan. Je moet groeien als een eikenboom. Dat gaat langzaam, maar je krijgt ongelooflijk degelijk hout. Hardhout. Daar buffel ik voor, het is een roeping. Ik ben een missionaris voor de christelijke politiek.'

U droomt er stiekem van lid te worden van het CDA. 'Haha, die droom heb ik nooit gehad. Vreemd hè? Ik zou niet in het CDA kunnen aarden. Die partij is mij te breed. Je kunt te smal zijn, zoals de SGP die vrouwen uitsluit. Daarin kan ik niet ademen. Bij het CDA is het andersom, dat is mij te verwaterd met atheïsten, agnosten en moslims. Daarin kan ik de christelijke politiek niet dienen.'

U krijgt juist dé kans: in de regering! 'Veel mensen die in 2003 voor Balkenende kozen, stemden voor de macht. Zij vertellen mij nu: wat een deceptie, volgende keer stemmen we ChristenUnie.'

Zij stemden voor de macht, u hongert ernaar. 'Cruciaal voor mij in de politiek is niet het hebben van macht, maar wat je ermee doet. Als zeteldrift je inhoudelijke doelstellingen uitholt, zit je zonder autoriteit. Balkenende wilde christelijk-sociaal fatsoen, maar hij krijgt Zalms liberale zelfredzaamheid.'

Minister De Geus (CDA), christelijk-gereformeerd, runt een ministerie en beslist over de WAO voor honderdduizenden mensen. André Rouvoet, ook gereformeerd, leidt een fractie van drie mensen. Wie dient de christelijke politiek beter? 'Oogt De Geus gelukkig? Hij moet keer op keer besluiten verdedigen die lijnrecht ingaan tegen zijn christelijk-sociale gedachtegoed. Ik hecht aan mijn profiel en het vertrouwen van de mensen.'

Vertrouwen in een man zonder invloed. Als minister kunt u iets doen. 'Minister worden is geen doel voor mij. Het gaat om wat je ermee kunt bereiken. Stel dat het kabinet over een paar maanden valt, en die kans is niet denkbeeldig, het rammelt aan alle kanten. Ik had laatst een afscheidsdiner van voormalig D66-minister De Graaf. Daar zaten leden van de coalitiefracties blijmoedig te speculeren over het moment waarop het kabinet gaat vallen. Het is ondenkbaar dat wij zomaar in dat gat stappen. Politiek gaat om macht, maar christelijke politiek gaat erom macht dienstbaar te maken aan de gerechtigheid.'

U lijdt aan de wet van de remmende voorsprong: hoe sterker de principes, hoe kleiner het profijt. 'Als mij iets dierbaar is, is het de geloofwaardigheid van mijn partij. D66 heeft zichzelf verloochend door in dit kabinet te stappen. Ze heeft het milieu en de bestuurlijke vernieuwing prijsgegeven en is akkoord met een asielbeleid waar iedereen tegen te hoop loopt. Aan de knoppen zitten is mooi als je ze de juiste kant op kunt draaien.'

De laatste maanden is Rouvoets politieke mensbeeld er niet vrolijker op geworden. Hij is geschokt door de verbetenheid waarmee met name VVD en D66 hun anti-religieuze agenda doordrukken. In het debat over Intelligent Design de vraag over schepping of evolutie, moedigden deze partijen elkaar aan met vergelijkingen over fakirs en het verhaal van de ooievaar.

'Ik was verbijsterd over de platheid en het dédain. Na afloop zei ik tegen D66-Kamerlid Bakker: ha, daar hebben we onze evolutiefundamentalist. Het was geen debat over de vraag of wel of niet in de biologieles thuishoort. Het waren de verlichte geesten die de achterlijke gelovigen even een lesje zouden leren.'

Geen twijfel, de evolutieleer hoort in de biologieles. 'Maar ik vind het raar als - zeker christelijke - scholen er niet op wijzen dat de evolutietheorie behoorlijke gaten kent. Er komt een forse portie geloof aan te pas om die theorie te aanvaarden, want de meest cruciale schakels ontbreken. Ik vind het moeilijker om in een oersoep te geloven dan in een God die de wereld heeft gemaakt.'

Het scheppingsverhaal heeft dezelfde wetenschappelijke status als de evolutieleer? 'De evolutieleer zegt belangrijke dingen over ontwikkelingen binnen de soort. Maar voor de sprong tussen soorten - waar komt de mens vandaan? - biedt ze geen spat bewijs. De essentie van ontwikkeling is degeneratie en toch is de evolutieleer gebaseerd op de ontwikkeling naar steeds hogere levensvormen. Dat is zeer aanvechtbaar. Geloof is, anders dan wetenschap, niet rationeel. Geloof in de schepping is van een andere orde dan de theorie over kookpunt van water.'

Wat blokkeert gelovigen bij het idee dat we voortkomen uit zuren, cellen en apen? 'Omdat het strijdt met de kern van het geloof dat God mij heeft gemaakt. Geloof en wetenschap mag je niet naast elkaar zetten en dan zeggen: wat is het meest plausibel? Geloof gaat door waar het meten, weten en tellen ophoudt. Tijdens de Verlichting is rigoureus gezegd: ni Dieu, ni maître. Dat God werd afgezworen is dus pas van betrekkelijk jonge datum.'

U vraagt alle ruimte voor het ID-debat, maar dringt tegelijkertijd aan op een verbod van het RVU-programma God bestaat niet. 'Christenen moeten niet bij alles piepen en naar de rechter lopen. Je moet kunnen velen dat je een keertje uitgescholden wordt. Maar er zijn grenzen. Het RVU-programma beeldt Jezus Christus af aan een hondenlijntje. Haalt hem van het kruis af en hangt daar vervolgens een naakte negerin aan. Dan zoek je geen debat maar de confrontatie .'

Wie kijkt er naar de RVU? De aandacht van uw partij maakt de zaak alleen maar groter. 'Ergens moet je een streep trekken. Iedereen heeft het recht om te zeggen: ik vind jouw godsdienst achterlijk. Ik snap niet dat jij gelooft in het verhaal van een timmermanszoon die wonderen verricht. Maar vrijheid van meningsuiting betekent niet onverschilligheid. Daarom maken we ons druk over spreekkoren over de vrouw van een voetballer. Als de RVU Allah bestaat niet zou maken, was de wereld te klein. Maar het christelijk geloof mag je kennelijk neerhalen op iedere manier. Mensen doelbewust op hun ziel trappen, daar ligt de grens.'

Het geloof bij Rouvoet komt van heel diep: uit het gezin, de kerkgang, het jeugdwerk. 'Ik lees dat ex-Kamerleden moeilijk aan de bak komen. Wel, daar maak ik mij geen seconde druk over. Als God mij nu wil gebruiken in zijn Koninkrijk, komt dat later ook wel goed. Vraag me niet hoe het werkt, maar eigen verantwoordelijkheid wringt niet met Gods leiding. De werkelijkheid is voor mij een enorm borduurwerk waarvan wij alleen de onderkant zien. Allemaal losse eindjes die we niet aan elkaar kunnen knopen. Maar God ziet van boven het hele plaatje. Wij kunnen alleen een patroon vermoeden.'

André Rouvoet als kruissteek? 'Ik heb geen verstand van borduurtechnieken. Maar ik weet dat God mijn leven draagt. Het niet gekozen, wel beschikbaar is eigenlijk: God leidt en ik ben beschikbaar. Dat is niet altijd glashelder. Er zijn momenten van vertwijfeling. Toen mijn schoonzus zelfmoord pleegde, kon ik dat geen plaats geven, ik snapte het domweg niet. Vertwijfeling maar geen twijfel: er is een plan en ik geef mij met groot vertrouwen daaraan over.'

Hoe lankmoedig voor iemand die lijdt aan volledigheidsneurose. 'Ik kan het ook niet aan elkaar plakken. Cerebrale zekerheid stopt bij geloof. Daarna komt houvast van een andere orde.'

En niet-gelovigen, die belanden in de hel? 'Daar ga ik niet over, ik heb geen sleutel van de hemel. Christus zegt: niemand komt tot de Vader dan door mij. Daar heb ik het mee te doen. Het geloof in Christus is cruciaal met het oog op de eeuwigheid. Ik spiegel niet-gelovigen graag voor hoe ongelooflijk rijk het geloof is. Ik hoop daar jaloersheid mee te wekken. Dat mensen denken: wat is dat nou dat christenen zoveel rust geeft?'

Dat wordt knap stil in de hemel. 'De Bijbel spreekt over een schare die niemand kan tellen. Het zal dus reuze meevallen, ik ben niet bang dat ik mij zal vervelen. God wil dat alle mensen bij Hem komen. Dat is de reden dat Hij zoveel geduld heeft met de aarde. Hij had de boel allang kunnen beëindigen, omdat we er een klerezooi van maken. In Nederland heeft de secularisatie toegeslagen. Wij christenen zijn lui geworden. Omdat we het te goed hebben, het kost ons te weinig. Heel veel christenen in China moeten in het geniep geloven. Ze worden opgepakt, opgesloten, vernederd en gemarteld, maar zijn gesterkt in hun geloof. De kerk leeft daar tegen de verdrukking in.'

U roept het kabinet op de vrijheid van godsdienst af te schaffen? 'Ik pleit niet voor verdrukking of vervolging. Maar het zegt iets dat tijdens de Tweede Wereldoorlog de kerken vol zaten, omdat we op onszelf werden teruggeworpen. Onder de Paarse kabinetten zochten christenen elkaar op, omdat de religieuze vrijheden onder vuur lagen. Nu moeten we onszelf achter de vodden zitten. Welvaart en voorspoed bedreigen het geestelijk leven.'

U moet uw licht eens opsteken bij de islam. Daar heeft luiheid geen wortel geschoten. 'Allah is niet verenigbaar met de God van de Bijbel en naast Hem bestaan er geen andere goden. De kloof is groot. Wat westerse christenen kunnen leren van de islam is disciplinering, het vasthouden geloofsverplichting. Bij ons heeft de vervlakking toegeslagen: morgen ligt toch wel brood op de plank.'

Wat is uw favoriete Bijbeltekst? 'Het boek Daniël, over een gewone joodse jongen die minister van Financiën werd aan het Hof van Babel. Hij moest zich aan allerlei regels houden, deed dat ook, behalve als ze raakten aan voor hem essentiële zaken. Zo mocht hij niet bidden en dat deed hij dus wel. Met de luiken open, drie keer per dag met het gezicht naar Jeruzalem. Hij werd in de leeuwenkuil gegooid maar kwam er levend uit. Daniël is het voorbeeld dat je als christen heel goed kunt functioneren in een niet-christelijke wereld. Als de kerk naar binnen is gekeerd, deugt zij niet. Mensen moeten horen, zien, ruiken en proeven dat christenen midden in de wereld staan. Wij zijn het zout der aarde. We hebben een geweldige boodschap en een geweldige God.'

« Terug

Reacties op 'Christelijk hardhout'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari

Sluit