Het Congo-debat en minister Verdonk

donderdag 15 december 2005 14:54

De ChristenUnie-fractie in de Tweede Kamer heeft na rijp beraad een motie van wantrouwen tegen minister Verdonk mede-ondertekend. Het is één van de weinige keren in het bestaan van de ChristenUnie of haar voorgangers dat een dergelijke motie ondersteund. In vraag- en antwoordvorm vindt u het hoe en waarom.

De ChristenUnie-fractie in de Tweede Kamer heeft na rijp beraad een motie van wantrouwen tegen minister Verdonk mede-ondertekend. Het is één van de weinige keren in het bestaan van de ChristenUnie of haar voorgangers dat een dergelijke motie ondersteund. In vraag- en antwoordvorm vindt u het hoe en waarom.
 
Wat was de aanleiding?
Het is gebleken dat, via de IND, over een reeks van jaren bij vele landen kennis terecht kwam dat uitgewezen onderdanen asiel in Nederland hadden aangevraagd. De minister heeft over een periode van ruim een half jaar herhaaldelijk ontkend dat dit het geval was. Uitzendingen van het TV-programma Netwerk vormden in juni 2005 aanleiding tot het instellen van de commissie Havermans die een en ander tot de bodem heeft uitgezocht. De commissie heeft geconcludeerd dat over het afgelopen jaar in tenminste ruim 100 gevallen bij meer dan 30 landen dit soort informatie is terechtgekomen. Dat komt neer op 10 % van de uitzettingen in die periode.
 
Waarom is dat erg?
Het belangrijkste is: het mag niet, want het is gevaarlijk. Er is een groot risico dat de landen van herkomst mensen gevangen zetten of anderszins straffen, omdat zij asiel hebben aangevraagd. Dat geldt zeker voor landen als China of Syrie, waarnaar ook mensen zijn teruggestuurd; het kan volgens de UNHCR (de VN-Vluchtelingenorganisatie) zeker ook gelden voor Congo. Uitgeprocedeerden moeten er dus op kunnen vertrouwen dat de landen van herkomst niet te weten komen dat zij asiel hebben aangevraagd. Om die reden is internationaal, via de UNHCR, afgesproken dat dit nooit mag gebeuren.
 
Overigens is het in Nederland gewoon bij wet verboden, driedubbel zelfs. Via de algemene wet bestuursrecht, de wet op de persoonsgegevens en de vreemdelingenwet. Deze wetten stellen dat informatie die vertrouwelijk is, door de overheid niet bij derden bekend mag worden gemaakt. Dat vertrouwen moeten mensen kunnen hebben als het bijvoorbeeld om hun belastingaangifte gaat, maar zeker als het om vreemdelingenzaken gaat.
 
Het valt toch wel mee? Er zou slechts vermeld zijn dát het om asielzoekers gaat; inhoudelijke informatie (informatie over het vluchtverhaal)  zou niet zijn verstrekt.
Uiteraard is inhoudelijke informatie uit de asieldossiers nog gevoeliger dan de enkele vermelding dat iemand asielzoeker is. Ook het laatste gegeven is echter in elk geval vertrouwelijk en het is mogelijk gevaarlijk voor betrokkene, als dat feit bekend wordt. Bedacht moet worden dat landen als Congo, China of Syrie gemakkelijk de wetenschap dat iemand asiel heeft aangevraagd, kunnen koppelen met de omstandigheid dat iemand (bijvoorbeeld) tot een bepaalde bevolkingsgroep, partij, of religie behoort, die het regime ter plekke niet welgevallig is. Bij Congo kan gedacht worden aan iemand uit Oost-Congo, in het geval van China kan gedacht worden aan mensen die christen zijn of Falun Gong aanhangen.
 
Maar landen als Congo weten zelf  toch ook wel dat teruggestuurde Congolezen asiel zullen hebben aangevraagd?
Dat is maar zeer de vraag. Lang niet iedere teruggekeerde Congolees heeft asiel aangevraagd. Er zijn ook veel mensen die bijvoorbeeld hier gestudeerd of gewerkt hebben. Als teruggekeerde Congolees wil je liever niet dat bekend is dat je asiel hebt aangevraagd, al was het maar om afpersing door de douane te voorkomen. Ten aanzien van landen als Algerije of China geldt al helemaal dat het overgrote deel van de reizigers tussen die landen en Nederland, geen asiel heeft aangevraagd.
 
De minister kan toch niet alles weten?
In politieke zin is het een stelregel dat de minister de Kamer altijd juist behoort in te lichten. Anders werkt de democratie niet. In dit geval speelt mee dat herhaaldelijk naar voren is gebracht dat de gegevens wel bekend zouden zijn gemaakt bij het land van herkomst. Pas na 7 maanden van ontkenningen volgde hiernaar een gedegen onderzoek. In de tussentijd zijn nog steeds mensen uitgezet, zonder deze fouten te corrigeren.
 
De minister heeft toch spijt betuigd?
De minister heeft inderdaad toegegeven dat het niet had mogen gebeuren en spijt betuigd dat de Kamer verkeerd was ingelicht. Vervolgens heeft zij in het Kamerdebat de ernst van de feiten echter toch weer gebagatelliseerd. Alsof het niet zo erg zou zijn. Die laconieke houding geeft onvoldoende vertrouwen dat het in de toekomst beter zou gaan. En dan telt:
  1. zoals je er op moet kunnen vertrouwen dat de overheid je belastinggegevens vertrouwelijk behandelt, zo moet je er ook op kunnen vertrouwen dat de overheid je asielgegevens vertrouwelijk behandelt.
  2. Het bekendmaken dát iemand asielzoeker is, kán teruggekeerden en hun familie in gevaar brengen.
Hoe luidde de uiteindelijke afweging?
In tweede termijn heeft Tineke Huizinga dit namens de ChristenUnie als volgt verwoord:
“De belangrijkste vraag voor mijn fractie na afloop van de eerste termijn, was of wij nog langer vertrouwen hebben in de minister. Terecht heeft zij erkend dat zij de Kamer verkeerd en onvolledig heeft ingelicht. Daarmee is een correctie aangebracht op de reactie van vrijdag en op de kabinetsreactie. Tijdens dit debat is de minister echter blijven spreken over administratieve onzorgvuldigheden. Het oordeel van mijn fractie is dat de fouten die zijn gemaakt de belangen van teruggestuurde asielzoekers hebben geschaad. De commissie-Havermans spreekt over onzorgvuldig handelen in een proces waar grote belangen bij op het spel staan. Voor zulke fouten volstaat het niet te spreken over administratieve onzorgvuldigheid. Met het volhouden van deze woordkeuze, maakt de minister duidelijk dat zij de ernst van de fouten niet inziet. Voor mijn fractie speelt daarnaast de uitspraak van de minister dat zij Kamer niet kan beloven dat in de toekomst fouten van deze belangrijke orde zullen uitblijven, ook een rol.”
“Deze zaken brengen mij fractie ertoe -- ik moet u zeggen dat wij dat absoluut niet graag doen -- de motie van afkeuring tegen deze minister te steunen.”
 
Zie ook:
 

« Terug

Reacties op 'Het Congo-debat en minister Verdonk'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari