Verslag Wijziging Wegenverkeerswet 1994 ivm de invoering van een puntenstelsel rijbewijs

dinsdag 17 januari 2006 16:31

Door: Arie Slob
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben met belangstelling kennis genomen van het voorliggende wetsvoorstel. Het puntenstelsel rijbewijs kent een betrekkelijk lange voorgeschiedenis en is ook bepaald niet onomstreden. Deze leden onderschrijven de primaire doelstelling van de voorgestelde maatregel, bevordering van de verkeersveiligheid, uiteraard van harte. De ronduit negatieve reacties van Raad van State en van vrijwel alle geraadpleegde instanties op het voorstel lijken erop te duiden dat het draagvlak in elk geval in juridische kringen niet erg groot is.
 
 
De Wegenverkeerswet 1994 maakt het opleggen van een rijontzegging al mogelijk bij een aantal verkeersdelicten die raken aan de verkeersveiligheid. Het aantal delicten op grond waarvan de rechter verplicht is een rijontzegging op te leggen is minder groot. De leden van de fractie van de ChristenUnie zetten met de Raad van State vraagtekens bij de wenselijkheid die in een algemene maatregel van bestuur vast te leggen. Zij missen een overtuigende argumentatie om af te zien van vastlegging in de wet zelf. Kan het kabinet in dit kader aangeven op grond van welke criteria precies wordt vastgesteld welke delicten worden aangewezen? Waarom zouden bijvoorbeeld doorrijden na een ongeval of het rijden onder invloed van drugs niet tot deze delicten moeten behoren?
 
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben er begrip voor dat de regering geen onderscheid wil maken tussen beroepschauffeurs en andere rijbewijshouders. Zij vragen de regering in welke mate de overheid een bijdrage kan leveren aan het oplossen van de gevolgen voor werkgevers bij een rijontzegging van een werknemer? Zal de voorgestelde hardheidsclausule naar verwachting vooral worden toegepast op situaties waarbij beroepschauffeurs zijn betrokken?
 
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie informeren op welke wijze zal worden voorkomen dat het ne bis in idem-beginsel wordt losgelaten. Als de rechter bij een eerste verkeersovertreding die in de algemene maatregel van bestuur wordt genoemd een rijontzegging oplegt, in hoeverre weegt dat dan mee bij een tweede verkeersovertreding die in de algemene maatregel van bestuur wordt genoemd?
 
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie constateren dat de regering een betrekkelijk eenvoudige opzet van het puntenstelsel rijbewijs voorstelt. Duitsland en Frankrijk hebben gekozen voor een tamelijk ruim opgezet puntensysteem. Deze leden hebben kennis genomen van de argumentatie om daarvan af te zien. Zij zijn er nog niet helemaal van overtuigd dat het precies in deze vorm moet. Zij informeren in welke mate de Duitse en Franse stelsels zich tot nu toe hebben bewezen. Op grond van welke overwegingen verwacht de regering meer van het eenvoudige stelsel? Gaat het daarbij vooral om praktische overwegingen, zoals het afzien van werken met kentekenconstatering en het ontbreken van een systeem van front-flitsing? Hoe zwaar weegt het nadeel van een mogelijke uitruil van cursussen of goed rijgedrag tegen ernstige verkeersdelicten hierin mee, mede in het licht van ervaringen in Duitsland en Frankrijk? In de memorie van toelichting wordt geschreven dat het beoogde stelsel, in tegenstelling tot dat van genoemde landen, niet de mogelijkheid biedt om voorbeeldig verkeersgedrag te belonen. Op welke wijze denkt de regering voorbeeldig verkeersgedrag wel te gaan stimuleren? Aansluitend informeren deze leden op welke termijn het kabinet invulling denkt te geven aan de uitbreiding van de educatieve maatregelen. Zij verwijzen in dit verband ook naar het pleidooi van de Overlegorganen Verkeer en Waterstaat om een verplichte aanvullende gedragstraining voor recidivisten van ernstige verkeersdelicten in te voeren (zie commentaar OVW dd. 24 januari 2005, blz. 3), omdat het niet alleen gaat om de rijvaardigheid maar ook om het rijgedrag. De leden van de fractie van de ChristenUnie vragen of personen die opnieuw een rijexamen moeten afleggen ook opnieuw een theorie-examen moeten afleggen.
 
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie vragen of de regering  beducht is voor negatieve gevolgen van dit wetsvoorstel, zoals het doorrijden na een ongeval of het rijden zonder rijbewijs. Welke ervaringen hebben andere landen op dit punt?
 
 
De Raad van Hoofdcommissarissen en het Korpsbeheerdersberaad (RHC) vrezen dat het wetsvoorstel een aanzienlijke extra inspanning van de politie vergt die een extra ongewenst beslag op de beschikbare capaciteit legt. De leden van de fractie van de ChristenUnie veronderstellen dat inderdaad sprake zal zijn van een intensivering van de handhaving en een verhoging van de (subjectieve) pakkans. Het kabinet stelt in reactie op het commentaar van de RHC dat geen aanzienlijke extra inspanning zal worden geleverd. Maar welke gevolgen zal het wetsvoorstel precies hebben voor de handhavingscapaciteit? In welke mate zal het eveneens aanhangige kabinetsvoorstel betreffende het invoeren van een bestuurlijke boete voor lichte overtredingen ertoe kunnen bijdragen dat voor de handhaving van ernstige delicten extra capaciteit beschikbaar komt?
 
 
De leden van de fractie van de ChristenUnie vragen of het de bedoeling is het puntenstelsel rijbewijs na verloop van enige tijd te evalueren en of het niet wenselijk is daartoe een aparte bepaling in de wet op te nemen.
 

« Terug

Reacties op 'Verslag Wijziging Wegenverkeerswet 1994 ivm de invoering van een puntenstelsel rijbewijs'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2006

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari