Bijdrage Esmé Wiegman plenair debat inz. rapport klankbordgroep Econ. dim. verduurzaming voedselprod

woensdag 18 januari 2012 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Esmé Wiegman-van Meppelen Scheppink in een plenair debat met staatssecretaris Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Onderwerp:    Debat over het rapport van de klankbordgroep Economische dimensie verduurzaming voedselproductie

Kamerstuk:    32 708

Datum:             18 januari 2012

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):
Voorzitter. Ik dank de klankbordgroep heel hartelijk voor de inzet in de afgelopen maanden. Mijn complimenten voor het mooie resultaat van de eindnotitie.

Eten doen we allemaal, maar eten zonder verder na te denken kan eigenlijk niet meer. Wat we eten, raakt onze gezondheid, ons welzijn, de biodiversiteit dichtbij en veraf, de situatie van werknemers in de landen van herkomst, het dierenwelzijn, het landschap, noem maar op. Je hoeft alleen maar naar alle labeltjes te kijken op de producten en het gaat je al duizelen. Het is ook bijzonder dat er vandaag de dag voor het eerst wereldwijd meer mensen sterven aan de gevolgen van overvoeding dan aan de gevolgen van ondervoeding.

Verduurzaming van de voedselproductie is een moeilijk vast te grijpen onderwerp. Het veranderen van allerlei ingeslepen patronen is complex. Juist omdat er zo veel bij komt kijken en er zo veel spelers zijn in het hele proces van primaire productie tot de mond, is het duidelijk dat verandering noodzakelijk is om afnemende biodiversiteit, uitputting van de grond en gezondheidsproblemen tegen te gaan. Op allerlei vlakken gebeurt er veel. Maar wie heeft welke verandermacht? Hoe brengen we alle initiatieven samen in de goede richting?

Ik breng graag een aantal belangrijke resultaten uit het onderzoek naar voren, die volgens de ChristenUnie richtinggevend zijn. Allereerst, als de externe kosten zouden worden doorgerekend, zitten de varianten "met meer zorg" en "meer met minder" dichter bij elkaar dan in de gemiddelde supermarkt. We zullen dus werk moeten maken van het doorrekenen van externe kosten. Het wordt tijd dat we echt betalen voor wat iets kost in plaats van kosten af te wentelen. De ChristenUnie wil eerlijke prijzen voor eerlijke producten. Daarom verzoek ik het kabinet om informatie te verzamelen en om met ideeën aan de slag te gaan voor het daadwerkelijk doorrekenen van de kosten. Graag wil ik daarop een reactie.

Economische instrumenten kunnen duurzame productie bevorderen. We moeten daar niet alle heil van verwachten -- dat was zojuist ook aan de orde in een discussie -- maar zowel heffingen als fiscale maatregelen die duurzame productie stimuleren, spelen wel een rol. Wat gaat het kabinet doen na een streep te hebben gezet door bijvoorbeeld zoiets moois als groen beleggen?

Deskundigen hebben opgemerkt dat het prijsverschil met gangbaar vlees weliswaar voor consumenten een rol speelt, maar dat consumentenbewustzijn en gedragsverandering van groter belang zijn. De overheid zou daarin ook een rol kunnen spelen volgens de onderzoekers. Wat gaat het kabinet hiermee doen?

Volgens het onderzoek spelen transportkosten een kleine rol in het verduurzamingsvraagstuk. Ik zou echter wat kanttekeningen naar aanleiding van de hoorzitting willen maken. Het wegtransport in het buitenland is bijvoorbeeld niet meegenomen. Ook het probleem van dalende bodemvruchtbaarheid wil ik vandaag benoemen. Wat gaat het kabinet doen met dit probleem?

Mij viel de afgelopen maanden op dat het kabinet heel veel belijdt met de mond, maar welke daden kunnen wij verwachten? Welke rol ziet het kabinet voor zichzelf in plaats van alleen de bal bij anderen neer te leggen en vervolgens ook niet te beroerd te zijn voor een mooi fotomoment? Welke visie op voedsel en verduurzaming spreekt er bijvoorbeeld uit de focus op de topsectoren? Enkel kabinetsinzet op het verhogen van de opbrengst en het verminderen van het verlies is te beperkt en te eenzijdig.

Het kabinet wil handelsbeleid inzetten om non-trade concerns aan de orde te stellen als integraal onderdeel van zijn bredere inzet op duurzame ontwikkeling. Wat wordt er concreet gedaan om dit aan de orde te stellen? Wordt actief onderzocht waar ruimte zit en waar niet?

Over de rol van de NMa hebben wij het vaker gehad. De ChristenUnie-fractie ziet mogelijkheden als de NMa ook de langetermijnconsumentenbelangen mee gaat wegen. Duurzaamheid is op korte termijn misschien duurder, maar op de lange termijn kan het wel eens zeer voordelig uitpakken om verduurzaming te stimuleren. Iedereen kent de afweging tussen lange- en kortetermijnbelangen, maar in mededingingswetgeving is het nog geen gemeengoed. Wat de ChristenUnie-fractie betreft, werkt de NMa dit verder uit. Is hier geen aanwijzing mogelijk? Er zou eventueel begonnen kunnen worden met één specifieke productgroep. Neem zoiets als chocola. Daarmee kan een basis worden gevormd om zaken die bijdragen aan verduurzaming, ruimte te geven in plaats van ze steeds af te remmen vanwege economische belangen op korte termijn. De wetsbasis ligt al in artikel 6 van de Mededingingswet. Uitzonderingen op het kartelverbod mogen als: "een billijk aandeel in de daaruit voortvloeiende voordelen de gebruikers ten goede komt". Bij duurzaamheid kunnen wij dat bevestigen. Daar kan sprake van zijn op de lange termijn. Dat vraagt dan alleen wat meer onderzoek.

Een van de grote vragen die de afgelopen maanden naar boven zijn gekomen, is in hoeverre wij voedselaanbod en -productie moeten sturen. Moeten er het hele jaar door seizoensgebonden appels in de winkel liggen of zit er ergens een grens aan wat aangeboden wordt? Ik weet wel dat gesleep met voedsel vanuit het oogpunt van duurzaamheid niet direct een probleem hoeft te zijn. Tijdens een van de hoorzittingen wees de heer Duijzer er wel op dat er een risico is van instabiliteit op de lange termijn. Hij voerde ook het pleidooi om zo veel mogelijk te produceren waar de behoefte is. Dat gaat om regionale productie en dan niet regionale productie in heel enge zin maar in het groot. Je kunt bijvoorbeeld Nederland en Duitsland als één regio zien. Ik krijg hier graag een reactie op.

Ik wil dit thema ook verbinden met het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor Integrale Duurzame Landbouw en Voeding dat recent is verschenen. Daarin wordt gesteld dat veel problemen bij voedsel en landbouw te maken hebben met het gebrek aan samenhang. Er zijn geen onderlinge relaties meer. Zou herstel van die onderlinge relatie bij de omslag kunnen helpen? Zo zou er meer kennis zijn van hoe voedsel geproduceerd wordt, maar ook van de voorkeuren en behoeften van de consument. De ChristenUnie wil graag een kabinetsreactie op het rapport ontvangen, met name op de vijftien concrete aanbevelingen. Gaat het kabinet de voorgestelde onderzoeksagenda ondersteunen en volgen?

Ik wil ook nog even het onderwerp octrooirecht noemen. Dat is een belangrijk punt in de discussie over biodiversiteit en de beschikbaarheid van rassen. Ik wil ook een relatie leggen tussen het octrooirecht en het ontwikkelingsbeleid om de productie in ontwikkelingslanden te verhogen. Stimuleer ook daar dan het gebruik van eigen rassen.

Stimuleer diversiteit en de eigen landbouwmethodes van het betreffende ontwikkelingsland, eventueel aangevuld met Nederlandse kennis.

Voor meer informatie zie ook www.tweedekamer.nl.


« Terug

Nieuwsarchief > 2012

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari