Bijdrage Arie Slob aan het algemeen overleg Politieonderwerpen

donderdag 29 maart 2012 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Fractievoorzitter Arie Slob als lid van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie aan een algemeen overleg met minister Opstelten van Veiligheid en Justitie

Onderwerp:   Politieonderwerpen

Kamerstuk:   29 628

Datum:            29 maart 2012

De heer Slob (ChristenUnie): Voorzitter. Ik moet heel eerlijk bekennen dat ik wel wat bezorgd ben. Meestal sta ik heel ontspannen in het leven, maar er is nu zoveel in beweging bij de politie, dat we met de verantwoordelijke minister Opstelten toch moeten spreken over een aantal risico's. Zo is er de megaoperatie van de nationale politie. We hebben hier een mooi moment beleefd toen de Kamer unaniem de wetgeving rond de nationale politie heeft gesteund. Mijn fractie is toen over de eigen schaduw heen gesprongen, want er stond in het verkiezingsprogramma dat we het niet wilden. We hebben het uiteindelijk toch gedaan, omdat het een trein was die niet meer te stoppen was. We hebben bereidheid gezien bij de minister om recht te doen aan een groot aantal wensen van de Kamer, zoals de lokale inbedding van de politie en het stellen van prioriteiten tot op wijkniveau. Deze wensen hebben een plekje gekregen in de wet. Uiteindelijk hebben wij gezegd dat we niet meer dwars zouden liggen en hebben we het wetsvoorstel gesteund. Daarnaast is er de inrichting van het landelijk functiehuis Nederlandse politie. Dat is ook een megaoperatie. Het moet wel gebeuren, het is zelfs al gaande, en het zorgt voor heel veel onzekerheid en onrust. Daar komen de cao-onderhandelingen die op dit moment stilliggen nog bij en daarnaast is er een toename van het aantal prioriteiten dat richting de politie gaat. Het gaat om de optelsom en omdat heel veel zaken nog niet duidelijk zijn of stilliggen. Een politieagent die ik gisteren sprak zei: "Het is een gevaarlijke cocktail aan het worden als we niet oppassen." Hoe taxeert de minister de situatie rond deze onderwerpen?

Ik heb de afgelopen weken heel bewust veel gesprekken gevoerd met politiemensen op allerlei niveaus en in verschillende delen van het land. Dat is natuurlijk altijd onze taak, maar soms doe je er even een tandje bij. Ik ben ervan geschrokken dat een stuk enthousiasme wegloopt. Er is sprake van demotivatie, mede omdat men zich niet gewaardeerd voelt. Er bestaat zelfs verbolgenheid over de opstelling van de minister. Bij de start van dit kabinet zou je dat niet verwacht hebben, want er leek echt wat te gaan gebeuren op het terrein van de politie. Nu zien we dat het langzaam maar zeker aan het draaien is en dat vind ik riskant. Hoe gaat de minister vanuit zijn verantwoordelijkheid en zijn regiefunctie proberen de zaken echt goed op de rails te krijgen? Hoe zorgt hij dat er op een positieve manier rust komt? Er rust een heel zware taak op de schouders van de minister, daar zal ik ook niet laatdunkend over doen. Er moet weer nieuwe energie komen. Mensen moeten weer aan de slag gaan en de politie moet gaan functioneren zoals we dat met elkaar graag zien en zoals die mannen en vrouwen die dit moeilijke werk moeten doen, dat zelf ook graag willen. Daar hoort ook bij dat er knopen worden gehakt bij de cao-onderhandelingen. Ik weet dat de Kamer daarbij op afstand moet blijven. We hebben van de minister een brief gekregen, waarin hij aangeeft dat er problemen zijn en hij noemt daarin een aantal onderwerpen. We weten inmiddels van verschillende zijden wat de stand van zaken is. De minister schrijft: "Ik betreur dat het constructieve overleg vooralsnog niet tot resultaten heeft geleid en ik zal me uiteraard blijven inspannen om alsnog tot afspraken te komen met de vakorganisaties. Uiteraard moeten deze afspraken passen binnen de moeilijke budgettaire omstandigheden." Die laatste zin laat ik even voor wat het is, maar wat doet de minister op dit moment? Hoe zien die inspanningen eruit? Ik heb het idee dat het volledig stilligt, maar misschien is dat niet waar. Ik vind dat we daarover geïnformeerd mogen worden, maar dat is niet om een plekje aan die tafel in te nemen. Ik moet me wel inhouden, want ik heb wel opvattingen over die onderwerpen. Het beeld bestaat bijvoorbeeld dat er nog steeds een looneis van 3% ligt en volgens mij is dat al lang verleden tijd. Ik snap ook de onvrede over de arbeidsvoorwaarden die mensen dreigen kwijt te raken en we moeten ons afvragen of dat verstandig is. Ik wil me er echter niet mee bemoeien, maar ik wil wel weten wat er gebeurt. De Kamer heeft namelijk een controlerende taak met betrekking tot het goed functioneren van de politie en daar hoort dit volgens mij ook bij. Dit kan de smeerolie zijn om met de andere onderwerpen een stukje voortgang te krijgen.

Een aantal collega's heeft al indringende vragen over de nationale politie gesteld. Ik hoorde de collega van de SP zeggen dat we er dan maar een halfjaar langer over moeten doen. Ik vind dat geen wenkend perspectief. Het is al later dan we van plan waren, maar het moet wel kunnen. Er bereiken mij ook geluiden van onzekerheid over hoe zaken worden uitgewerkt, nog even los van het traject dat in de Eerste Kamer nog moet plaatsvinden. Gaan we de datum van 1 juli halen? Mijn fractie wil dat er alles aan gedaan wordt om die datum te halen, maar dan wel op een zorgvuldige wijze.

Het is natuurlijk van alle tijden dat er spanningen zijn rond de cao en rond bepaalde onderwerpen. Ik kan ook geen voorbeeld bedenken waarbij er uiteindelijk niet een cao is gekomen. Als het echter te lang gaat duren en het gecombineerd wordt met andere trajecten die erg ingrijpend zijn, die zoveel gaan vragen en die ook zo belangrijk zijn voor de veiligheid in ons land, dan hebben we straks behoorlijk grote schade. Ik wil dat voorkomen en daarom rust er op deze minister en op dit kabinet de grote verantwoordelijkheid om te zorgen dat het nu ook echt opgelost wordt. Dat past ook bij de ambities van dit kabinet op het gebied van veiligheid. Wij hebben die grote inzet voor veiligheid deze kabinetsperiode altijd gesteund.

Dat brengt me bij het voetbalgeweld. Ik weet dat er een landelijk actieplan is en daar zullen we later nog wel over doorspreken. We moeten ons ook de principiële vraag stellen wat we maatschappelijk nog acceptabel vinden rond voetbalgeweld, de inzet die daarvoor moet worden gedaan, ook in harde euro's. Het is niet het eerste waar ik aan denk, maar er hangt altijd een prijskaartje aan. Ik kom dat niet zo tegen in het actieplan. De minister is ook met de evenementenheffing gekomen en dat heeft hij misschien met een schuin oog afgekeken van de ChristenUnie. Dat is geen enkel probleem, want dat mag ook zonder bronvermelding worden uitgevoerd. De minister heeft echter wel met een schuin oog gekeken, want bij ons stond voetbal er ook gewoon bij. De minister heeft dat echter niet opgenomen. We moeten echter overwegen voetbal er ook onder te laten vallen. Voor de inzet tegen voetbalgeweld wordt een beroep gedaan op de politie en daardoor zijn die agenten op andere terreinen niet in te zetten, terwijl dat ook heel erg noodzakelijk is. Bezorgde dienders zeiden dat er een heffing op spelerstransfers kan komen. Ik vond dat een creatieve oplossing. Graag een reactie van de minister.

Wat betreft de arbeidstijdenregeling en de landelijke capaciteit sluit ik me kortheidshalve aan bij de indringende vragen die collega Berndsen daarover heeft gesteld.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

 


« Terug

Nieuwsarchief > 2012

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari