Bijdrage Cynthia Ortega aan plenair debat inz. wijz. socialezekerheidswet. ivm Alg. Kinderbijslagwet

woensdag 13 juni 2012 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Cynthia Ortega-Martijn aan een plenair debat met minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Onderwerp:   Wijziging van enkele socialezekerheidswetten in verband met een andere vormgeving van de exportbeperking in de Algemene Kinderbijslagwet en het regelen van overgangsrecht voor de situatie van opzegging of wijziging van een verdrag dan wel een daarmee gelijk te stellen situatie

Kamerstuk:   33 162

Datum:            13 juni 2012

Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):

Voorzitter. De fractie van de ChristenUnie kan zich vinden in dit wetsvoorstel, dat de export van kinderbijslag en het kindgebonden budget beperkt. In een tijd van crisis en economische teruggang moeten nieuwe afwegingen worden gemaakt wat betreft de houdbaarheid van ons socialezekerheidsstelsel. Mijn fractie onderschrijft de keuze voor een heldere lijn, namelijk de plaats waar het kind woonachtig is. Dat moet gewoon Nederland zijn.

Hierop wordt een aantal legitieme uitzonderingen gemaakt. Mijn fractie is positief over het feit dat kinderen die hier wonen maar van wie de verzekerde buiten Nederland woont, door dit wetsvoorstel ook in aanmerking komen voor kinderbijslag.

Ik heb wel een aantal vragen. Mijn fractie is ongerust over het feit dat het kabinet niets kan zeggen over de opzegging van 21 verdragen. Wij begrijpen dat, gezien de onderhandelingen, een en ander heel gevoelig ligt, maar er wordt door de minister wel uitgegaan van een uiterste datum van inwerkingtreding, namelijk 1 januari 2014. Graag verneem ik van de minister waarop dat is gebaseerd. Is het nattevingerwerk of is er echt sprake van een serieuze inschatting?

Daarnaast wil mijn fractie weten wat het gevolg is van het opzeggen van de verdragen voor andere socialezekerheidsuitkeringen. Met betrekking tot het eigendomsrecht zegt de minister dat inmenging is toegestaan indien deze rechtvaardig is. Dit wordt getoetst aan drie stappen. Met betrekking tot stap twee wil ik graag een toelichting van de minister op het algemeen belang dat door deze inmenging gediend wordt. Is de minister ervan overtuigd dat bij een gang naar de rechter dit algemeen belang de toets zal doorstaan? Graag krijg ik hierop een reactie.

De compensatie van zes maanden acht de regering proportioneel omdat de kinderbijslag en het kindgebonden budget alleen beogen, een tegemoetkoming te zijn in de kosten van kinderen. Het gaat hierbij om een generieke overgangsperiode, terwijl het algemeen belang afgewogen moet worden tegen de individuele rechten. Dat zou kunnen betekenen dat in bepaalde individuele gevallen de compensatie niet proportioneel is. Hoe groot acht de minister de kans en op welke manier kan hij dat gaan opvangen? Heeft hij een hardheidsclausule voor bijzondere individuele gevallen overwogen? Immers, de wijze waarop het overgangsrecht is vormgegeven, is afhankelijk van de vraag welke compensatie proportioneel wordt geacht. Graag krijg ik hierop een toelichting.

Tot slot vraag ik graag aandacht voor de verzekerden die als gevolg van dit wetsvoorstel recht op kinderbijslag of kindgebonden budget krijgen omdat een kind in Nederland woont maar zijzelf in het buitenland. De minister geeft in de nota naar aanleiding van het verslag aan dat deze categorie mensen niet apart geïnformeerd kan worden, doordat zij niet bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) bekendstaan. Op welke manier worden deze mensen wel op de hoogte gebracht van de wijziging, die in hun voordeel kan uitwerken? Trouwens, als deze mensen niet bekend zijn, waarop is het aantal van tien kinderen dan gebaseerd? Graag krijg ik daarop een reactie.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

 


« Terug

Nieuwsarchief > 2012

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari