Bijdrage Arie Slob aan het plenair debat over de Europese Top van 13 en 14 december 2012

woensdag 12 december 2012 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Fractievoorzitter Arie Slob aan het plenair debat met minister-president Mark Rutte over de Europese top van 13 en 14 december 2012 en het leningenprogramma Griekenland

Onderwerp:   Debat over de Europese top van 13 en 14 december 2012 en het leningenprogramma Griekenland

Kamerstuk:    21 501 - 20

Datum:             12 december 2012

De heer Slob (ChristenUnie):

Voorzitter. Wat wordt de opstelling van Nederland bij de komende EU-top? Gaan we onder aanvoering van de heer Van Rompuy immer gerade aus verder op de glibberige euroweg waarop we terecht zijn gekomen of durven we ook lessen te trekken uit gemaakte fouten in het verleden en stellen we, waar dat mogelijk en nodig is, gericht onze koers bij? Wij zien de komende EU-top als een heel belangrijke top, niet alleen voor de toekomst van de euro, maar ook voor de toekomst van de Europese Unie.

We hebben inmiddels een aantal brieven met kabinetsreacties ontvangen. Ik constateer dat die reacties een aparte studie waard zijn. Aan de ene kant zie je soms glasheldere teksten, bijvoorbeeld over het afwijzen van een Europese begroting, ook al lijkt die intussen onderdeel te zijn van de voorliggende plannen. Aan de andere kant zie je soms heel vage teksten. Zo wees de heer Pechtold terecht op die teksten waaruit niet echt duidelijk wordt wat we precies gaan doen. Ik denk dat wij van het kabinet mogen verlangen dat men heel gericht aangeeft waar zijn eurokompas op gericht is. Ik zeg nadrukkelijk "ons kabinet", want de afzonderlijke partijen kijken soms heel verschillend naar Europa. Pas als we het kompas van het kabinet kennen, kunnen we het kabinet echt controleren en onze eigen voorstellen indienen.

De koers van de heer Van Rompuy is wel helder. Uiteindelijk is hij gericht op het toewerken naar een meer politieke unie. Durft het kabinet klip-en-klaar uit te spreken daar geen voorstander van te zijn? Of wordt nu met heel erg wollig taalgebruik een rookgordijn gelegd om de politieke meningsverschillen tussen Partij van de Arbeid en de VVD over de koers van Europa te verbergen? Dat zou een heel slechte zaak zijn. Gezien de voorstellen die op tafel liggen, is de vraag gerechtvaardigd of we de komende dagen verder de integratiefuik in zwemmen of dat we op blijven komen voor onze nationale soevereiniteit. Dat laatste natuurlijk in het besef dat samenwerking in Europa meer is dan alleen een monetaire unie. Ik zou daar een hele dik streep onder willen zetten.

In de stukken van de heer Van Rompuy en in de kabinetsreacties wordt van tijd tot tijd gesproken over weeffouten, weeffouten die hersteld moeten worden. De grootste weeffout in de eurozone is echter dat er landen zijn toegetreden die wij niet in de eurozone hadden moeten toelaten. Er zijn landen toegetreden die niet voldeden en nog steeds niet voldoen aan de criteria voor een optimale muntunie. Het was de verwachting dat al die sterk verschillende economieën in de loop van de jaren wel naar elkaar toe zouden groeien. Nu is meer dan ooit duidelijk dat die verwachting naïef was. We weten inmiddels beter. Welke consequenties trekt het kabinet hieruit voor zijn opstelling tegenover Europa en voor de keuzes die nu gemaakt moeten worden?

Wij taxeren de situatie als heftig. Er is ook heel veel wijsheid nodig. Niet alles kan ook zomaar worden teruggedraaid. Wij moeten daar reëel in zijn, zeg ik als vertegenwoordiger van een fractie die tegen de euro was en tegen de toetreding van Griekenland. Landen zijn echter toegetreden en wij dragen daarvoor verantwoordelijkheid. Wat wij nu in ieder geval moeten doen, is het zogenaamde "Tina-denken" doorbreken, waarbij Tina staat voor "There is no alternative". Wij moeten de ruimte nemen om opties tot ons te nemen. en die niet zomaar klakkeloos aan de kant te schuiven. Met name in de situatie van Griekenland is dat heel belangrijk. Er zijn voor Griekenland geen gemakkelijke en -- dat zeg ik er gelijk bij -- geen goedkope oplossingen, maar wij zullen, met Griekenland als de belangrijkste casus op dit moment, nadrukkelijk de mogelijkheid moeten openhouden van teruggang naar een eigen munt, om op die wijze te kunnen devalueren. Dat kan een bijdrage leveren aan het economisch herstel van landen die gebukt gaan onder een overgewaardeerde munt, in combinatie met een grote buitenlandse schuld. Ik vraag het kabinet, daarop te reageren.

Voor een langetermijnvisie is het ook van belang dat wij exitcondities vaststellen. Die zijn er nu niet, maar het kabinet heeft daarover al een eerste passage opgenomen in het regeerakkoord. Die is nog wel wat voorzichtig. In een interview met de Süddeutsche Zeitung heeft de minister-president er wat meer woorden aan gewijd. Ik roep het kabinet op om te bevorderen dat die exitcondities er komen. Ik ben bereid om de Kamer daarover een uitspraak voor te leggen. Ik vraag de minister-president om hiervoor met kracht aandacht te vragen in Europa. Laten wij de langetermijnvisie die nu wordt gecreëerd en waarover wij nu spreken, gebruiken om dit daarin mee te nemen. Wat ons betreft is het behoorlijk urgent en ook cruciaal voor het verder functioneren van de eurozone in de komende jaren.

Ik vraag ook aandacht voor het vraagstuk van de democratische legitimatie. Het kabinet stipt dit ook wel aan in de brieven, maar waar leidt het uiteindelijk toe? Het lijkt ons van zeer groot belang dat wij dit vraagstuk serieus nemen. Ik denk ook aan de burgers in Nederland, die bij tijd en wijle niet meer kunnen volgen wat er gebeurt. Het gaat om duizelingwekkende bedragen. Het gaat om motivaties waar wij burgers in zullen moeten meenemen. Het gaat ook om het budgetrecht van nationale lidstaten en parlementen. Dit is een heel serieuze en ernstige zaak, die wij ook zullen moeten bewaken. Het betreft ook het functioneren van een instelling als de ECB, die de afgelopen tijd heeft gebalanceerd op het randje van zijn mandaat als het gaat om het bewaken van de prijsstabiliteit. Kortom, waar gaan wij met elkaar op dat punt op inzetten?

Ik vraag ook aandacht voor de steeds groter wordende kloof tussen eurolanden en niet-eurolanden. Ik kijk daarbij ook naar de voorstellen van Van Rompuy en cum suis. Ik maak mij daar zorgen over, want de euro is belangrijk voor Nederland -- ik zeg het iedereen na die dit zal opmerken -- maar de interne markt is misschien nog wel vele malen belangrijker. Als wij zozeer inzetten op het veiligstellen van de euro en het bij elkaar houden van de landen die nu deel uitmaken van de eurozone, lopen wij het risico dat wij lidstaten die niet bij de euro behoren -- ik denk bijvoorbeeld aan het Verenigd Koninkrijk -- steeds verder van ons verwijderen, met alle gevolgen van dien, ook voor het functioneren van de interne markt. Als er op dat punt grote ongelukken gaan gebeuren, zijn wij pas echt goed ver van huis.

Tot slot ga ik in op de bankenunie. Ik ben benieuwd waar het kabinet nu precies staat als het om de bankenunie gaat. Ik hoorde de heer Pechtold zeggen dat alle economen zeiden dat die er zo snel mogelijk moet komen. Ik heb in elk geval vrijdag één econoom -- dat was de heer Boot -- horen zeggen: beter geen bankenunie dan een foutieve bankenunie. Kortom, wij moeten even heel goed opletten met elkaar wat wij gaan doen, want de risico's voor Nederland zijn onvoorstelbaar groot en de schade die kan ontstaan als er stappen worden gezet die niet goed doordacht zijn, zou wel eens vele malen groter kunnen zijn dan wij nu misschien met elkaar vermoeden. Als wij erachter komen, is het echter te laat.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.


« Terug

Nieuwsarchief > 2012

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari