Verbazing over Haagse stolp (Column ND)

2012-gertjan-segersAPR_2300dinsdag 01 april 2014 09:51

Anderhalf jaar ben ik politicus en ik zie nog beter dan daarvoor dat politici soms raar doen, schrijft Gert-Jan Segers in het ND. Ze weten bijvoorbeeld vaak voorafgaand aan een interview al wat ze gaan zeggen. Vragen zijn daarbij dan hinderlijke onderbrekingen van de antwoorden die ze hoe dan ook willen geven.

Zo zag ik vlak voor de verkiezingen een curieus gesprek tussen minister-president Rutte en een verslaggeefster van de NOS die hem vroeg of hij zich bepaalde kritiek van CDA-leider Buma aantrok.

‘Waar het om gaat, is dat wij de goede dingen aan het doen z...’

‘Ik vroeg of u de kritiek van de heer Buma terecht vond.’

‘We nemen lastige beslissingen, maar ik ben er van overtuigd dat dit kabinet ...’

‘De vraag was wat u vindt van het verwijt van de heer Buma dat de verwachte lage opkomst aan u te wijten is.’

‘Dit kabinet neemt de noodzakelijke beslissingen ...’

‘Nee, ik vroeg u ...’

En zo ging het nog even door. Een vermoeiend toneelstukje voor twee personen die doen of ze elkaar niet begrijpen.

best raar

Even daarvoor maakte ik iets vergelijkbaars mee tijdens een kamerledenpanel van BNR Nieuwsradio. Blijkbaar had een collega zich voorgenomen om boosheid te ventileren over iets wat Diederik Samsom de avond ervoor over de zorg had gezegd. Ik ben vergeten waarover ze boos was, maar ik weet nog wel dat een vraag over handhaving van de alcoholleeftijd het opstapje was. Het leverde een wonderlijke combinatie op van een vraag en een antwoord die keurig na elkaar kwamen, maar inhoudelijk in geen enkele verhouding tot elkaar stonden. In het normale leven zou dat best raar zijn. Maar goed, dit is politiek.

Waar ik ook nog altijd aan moet wennen, is het soms forse verschil tussen een opgewonden botsing voor de schermen en de gezellige relativering achter de schermen. Zeker, het is professioneel als politici zaken en personen een beetje van elkaar kunnen scheiden. Maar als het er echt stevig aan toe gaat, dan is de gemoedelijke schouderklop na afloop ook wat bevreemdend. Toen de Kamer pas debatteerde over hulp aan Oekraïne was er een harde woordenwisseling die werd afgesloten met de venijnige wens ‘dat GroenLinks een nog kleiner en onbeduidender partijtje zou mogen worden dan ze nu al was’. Als dan na zo’n debat de kemphanen elkaar lachend opzoeken, dan kun je dat als een teken van beschaving beschouwen, maar bij mij gaan er ook twee wenkbrauwen omhoog.

eindeloos schaven

Maar veel vaker ben ik aangenaam verrast door het oprechte idealisme van collega’s. Kamerleden die salaris hebben ingeleverd om de publieke zaak te kunnen gaan dienen, die hun debatten goed voorbereiden, eindeloos schaven aan een eigen initiatiefwetsvoorstel. Collega’s met wie je persoonlijk kunt doorpraten over de lastige combinatie van werk en gezin of over hun en mijn geloof, hoop en liefde. En des te vreemder de gewaarwording dat voor sommige mensen politici alleen maar bezig zouden zijn met zakkenvullen en stemmen bij elkaar sprokkelen. Er komen e-mails binnen die zijn geschreven in de veronderstelling dat een Kamerlid een gevoelloos wezen is tegen wie je alles aan kunt gooien. Meestal verandert de toon als je terugmailt en de afzender erachter komt dat een politicus ook maar een mens is.

Dat het laatste voor sommigen een verrassing is, bleek me toen ik pas op een avond van een kiesvereniging de vraag kreeg of wij in die Haagse kaasstolp weleens gewone mensen spraken. Interessant dat je in een Hollands dorp tegenover iemand staat en dan de vraag krijgt of je weleens tegenover iemand van buiten Den Haag staat. Het is de kleine verbazing van een beginnende politicus. Maar ook nu geldt dat ik veel vaker in positieve zin geraakt wordt door warm meeleven en de verzekering dat er ook voor mij gebeden wordt. Juist het veelvuldige contact tijdens gesprekken, werkbezoeken en avonden in het land is inspirerend. Juist de debatten over zaken die er echt toe doen, juist de gesprekken met die andere gewone mensen die zich politicus mogen noemen, doen me beseffen dat ik een bijzonder, mooi ambt heb. Voor zolang het duurt.

Gert-Jan Segers is Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie. Hij schrijft voor het Nederlands Dagblad iedere zes weken een column.

« Terug

Reacties op 'Verbazing over Haagse stolp (Column ND)'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2014

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari