Bijdrage Gert-Jan Segers aan het plenair debat ten behoeve van de Wijziging van de Gemeentewet en het Wetboek van Strafrecht ter aanscherping van de maatregelen ter bestrijding van voetbalvandalisme en ernstige overlast

woensdag 21 januari 2015 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Gert-Jan Segers als lid van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie aan een plenair debat met minister Opstelten van Veiligheid en Justitie

Onderwerp:   Wijziging van de Gemeentewet en het Wetboek van Strafrecht ter aanscherping van de maatregelen ter bestrijding van voetbalvandalisme en ernstige overlast

Kamerstuk:    33 882

Datum:           21 januari 2015

De heer Segers (ChristenUnie):
Voorzitter. Voetbal is een mooie sport, zelfs als PSV een keer verliest, zoals gisteravond tegen Roda gebeurde, of toen PSV in dit seizoen verloor van PEC, de favoriete club van mijn fractievoorzitter. Dat is klein leed, dat ik deel met collega Dijkhoff, maar ondertussen staan wij wel bovenaan, dus dat is mooi. Voetbal is een mooie sport. Het verenigt jong en oud, rijk en arm, hoogopgeleid en laagopgeleid rond een mooi spelletje. Het bederven van iets leuks is echter iets verschrikkelijks. Rellen, grote politie-inzet, het moeten fouilleren van gewone fans, gezinnen die niet veilig naar het stadion kunnen gaan, het uit elkaar houden van verschillende groepen fans. Dit zijn zaken die niet zouden mogen gebeuren. Voetbal moet om sport gaan. Vechten, rellen en slopen horen daar niet bij.

Enkele jaren terug heeft de regering de mogelijkheden om voetbalvandalisme en ernstige overlast aan te pakken verruimd. Mijn fractie heeft toen opgeroepen tot een goede evaluatie. Op basis van de eerste bevindingen besluit de minister nu om de wet aan te passen. Als er zaken verbeterd kunnen worden, hoeven wij natuurlijk niet per se te wachten totdat een en ander uitgebreid is geëvalueerd. Ik begrijp dat. Als wij echter een wet aanpassen, moet daar wel aanleiding voor zijn. Op dit punt zijn er vragen gesteld. Zo geeft de Raad van State aan dat de noodzaak van het wetsvoorstel niet overtuigend is beargumenteerd. Uit de evaluatie van de wet blijkt dat bestaande middelen beter ingezet kunnen worden. De minister geeft ook zelf aan dat het huidige wettelijke instrumentarium een stevig stelsel aan bevoegdheden biedt, dat echter nog niet optimaal benut wordt.

Ik heb gehoord hoe burgemeesters en de KNVB aandringen op de wetswijziging. Wij moeten uiteraard heel goed naar hen luisteren. Ik ben daar ook wel gevoelig voor. Zij zijn immers degenen die er met hun neus bovenop staan. Wel vraag ik de minister hoe wij kunnen voorkomen dat wij opnieuw het instrumentarium uitbreiden, terwijl er straks onvoldoende gebruik van wordt gemaakt. Het moet geen symboolwetgeving worden, want daar hebben wij niet zo veel aan.

Een optie zou kunnen zijn om de handhaving en de inzet van de instrumenten te verbeteren. Iemand opleggen dat hij zich om 08.00 uur in de ochtend moet melden, terwijl de wedstrijd pas 's middags gespeeld wordt, heeft niet zo veel zin. In dat licht vraag ik de minister of een stadion- en gebiedsverbod en de meldplicht wel goed kunnen worden gehandhaafd. Het zich digitaal melden — daarmee wordt een pilot gestart — lijkt mij geen waterdicht systeem. Hoe weten wij dat de persoon om wie het gaat zich inderdaad zelf meldt in plaats van een ander?

Een clubkaart kan, afgezien van risicowedstrijden, gebruikt worden om meerdere kaarten te bestellen. Hoe weten wij dat op deze manier niet ook mensen met een stadionverbod het stadion binnenkomen? Wij hebben op beelden van PowNews gezien dat iemand met een stadionverbod gewoon het stadion kon ingaan. Dat waren geen fraaie beelden. De VNG suggereert dan ook om na te gaan of in dezen een enkelband geen goede functie zou kunnen vervullen. Deze suggestie onderstreep ik graag. Ik vraag de minister om op dit interessante idee te reageren. Dat is namelijk wel goed te handhaven.

Ook is het belangrijk dat mensen die de orde verstoren, opgespoord worden. Met een slimme inzet van de politie is dat mogelijk. Een grote aanwezigheid van de ME is lang niet bij elke wedstrijd op haar plaats. Ik heb daar vorig jaar over gesproken met vertegenwoordigers van de supportersvereniging van Feyenoord. Ik ben toen ook bij een wedstrijd aanwezig geweest en heb dat bekeken. Volgens die vertegenwoordigers werkt de aanwezigheid van ME'ers niet erg pacificerend. Ik meen dat ook collega Van Nispen daarop doelde. Ze zijn in verreweg de meeste gevallen ook helemaal niet nodig. Ziet de minister mogelijkheden om de politie slimmer in te zetten en om die inzet te verschuiven in de richting van een sterkere opsporing door rechercheurs? Dan worden mensen die relschoppen daadwerkelijk opgepakt. Bovendien voorkom je dan ook dat de grootschalige aanwezigheid van ME'ers alleen maar polariserend werkt. Graag krijg ik een reactie op dat punt.

Veel voetbalgeweld wordt nu civielrechtelijk geregeld. De voetbalwereld lijkt zo de rol van strafrechter over te nemen, terwijl het primaat daarvoor toch echt bij de overheid ligt. De KNVB wijst ook op dit punt en voelt zich eigenlijk heel ongemakkelijk bij die rol, die haar zo is toebedeeld. De verhoudingen lijken wat uit het lood te zijn. Dat kan ik me goed voorstellen. Misdragingen in een vol voetbalstadion kunnen ernstige gevolgen hebben voor andere toeschouwers. Zou het daarom niet op zijn plaats zijn om vaker over te gaan tot strafrechtelijke vervolging? In Engeland en België lijkt dat een goede afschrikkende werking en daarmee ook een preventieve werking te hebben. Zou de minister daar eens goed naar willen kijken?

Of iemand een bevel krijgt opgelegd, hangt af van de besluitvorming door de burgemeester. De fractie van de ChristenUnie vindt het van belang dat zorgvuldig met deze bevoegdheid wordt omgegaan. De redenering van de minister dat de burgemeester altijd nog een eigen afweging moet maken en het besluit moet motiveren en dat er dus geen automatisme zal optreden, lijkt wat makkelijk. Hoe zorgt de minister ervoor dat zorgvuldige besluitvorming in de praktijk is gewaarborgd? Hoe voorkomen wij dat burgemeesters ongekroonde veiligheidstsaren worden? Ik hoor graag of de minister bereid is om in de reguliere evaluatie van het beleid ook aandacht te besteden aan dit punt, hoe het zit met die bevoegdheden en het gebruikmaken daarvan.

De minister is met het wetsvoorstel vooral op de repressieve toer. Hard optreden is soms ook nodig, maar bijvoorbeeld de Vereniging van Nederlandse Gemeenten wijst erop dat voor het aanpakken van voetbalhooligans meer nodig is dan repressieve maatregelen. Ziet de minister dit ook in? Wil hij met een bredere aanpak komen waarin ook rekening wordt gehouden met andere factoren die van invloed zijn, zoals alcohol- en drugsproblematiek? Ik denk ook aan het belang van goed contact met supportersverenigingen en regulier overleg met hen. Hoe zorgt de minister ervoor dat deze preventieve aanpak niet achterblijft bij de repressieve aanpak?

Ik heb bij interruptie al iets gezegd over de amendementen van collega Oskam. Tegenover het eerste amendement staan wij zeer sympathiek, het tweede roept wat vragen op. De minister zal daar ongetwijfeld op ingaan. Ik vraag hem ook om zijn licht daar nog even over te laten schijnen.

Tot slot, voetbal is en blijft een prachtige sport, al was het maar omdat dit seizoen er heel goed uitziet en ik goede hoop heb dat PSV ook aan het eind van het seizoen helemaal bovenaan staat.

De voorzitter:
We zijn weer helemaal bij over de voetbaluitslagen. Ik was dat nog niet helemaal, dus dat is weer een voordeel van deze ochtend!

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

« Terug

Nieuwsarchief > 2015

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari