Bijdrage Joël Voordewind aan het voortgezet algemeen overleg Nieuwe definitie van ontwikkelingssamenwerking (ODA) (AO d.d. 11/06)

donderdag 03 juli 2014

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Joël Voordewind als lid van de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking aan een voortgezet algemeen overleg met minister Ploumen voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

Onderwerp:   VAO Nieuwe definitie van ontwikkelingssamenwerking (ODA) (AO d.d. 11/06)

Kamerstuk:    32 605

Datum:            3 juli 2014

De heer Voordewind (ChristenUnie):
Voorzitter. Ik kan de heer Bosma geruststellen: in mijn motie komt het woord "ik" niet voor. Wij hebben inderdaad een goed debat gevoerd met de minister. Voorlopig houdt de minister nog vast aan de ODA-norm. Daar zijn wij blij mee, maar het gaat natuurlijk om de komende discussie over de precieze definitie en wat er allemaal onder gaat vallen als het gaat om armoedebestrijding en ontwikkelingssamenwerking. Om de minister een steuntje in de rug te geven bij echte armoedebestrijding hebben wij de volgende motie geformuleerd.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat vergroting van veiligheid met name in fragiele staten van wezenlijk belang is voor het tegengaan van extreme armoede;

overwegende dat waar veiligheidsbeleid gericht is op het versterken van relevante instituties in deze landen, zoals politie en rechtspraak, de kosten hiervoor als ontwikkelingsrelevant zijn te beschouwen en deze onder ODA vallen;

overwegende dat militaire uitgaven zoals de aanschaf en onderhoud van militair materieel voor de eigen krijgsmacht en financiering van onder andere anti-piraterijmissies niet aantoonbaar als ontwikkelingsrelevant zijn te beschouwen;

verzoekt de regering, zich in internationaal verband in te zetten voor een ODA-definitie die militaire hulp (met uitzondering van humanitaire hulp) uitsluit, zoals uitgaven aan wapens, wapenleveranties en inzet van wapens alsook de bestrijding van terrorisme,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Voordewind. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 143 (32605).

De heer Van Ojik (GroenLinks):
Ik heb een vraag over de inleidende woorden van de heer Voordewind, waarin hij zegt dat hij er, net als ik, blij mee is dat die norm gehandhaafd blijft. Betekent dat dan ook dat hij de motie van GroenLinks gaat steunen? Dat lijkt dan logisch, toch?

De heer Voordewind (ChristenUnie):
De heer Van Ojik kent ons verkiezingsprogramma. Daar staat het streven in naar 0,7% als norm. Wij hebben daar altijd voor gepleit en zullen dat ook in de toekomst blijven doen.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

« Terug