Bromfietsplannen minister Peijs

zaterdag 10 januari 2004 14:35

Minister Peijs heeft gisteren nieuwe plannen met betrekking tot het rijden van bromfiets naar buiten gebracht. Bijgaand een artikel uit het Reformatorisch Dagblad van 10 januari. Daarin is ook mijn commentaar op de plannen van Peijs terug te vinden.

„Brommer is met stip het gevaarlijkst”
Redactie politiek

DEN HAAG - Geen brommer meer op je zestiende. Minister Peijs van Verkeer wil de minimumleeftijd optrekken naar zeventien jaar. Het liefst ziet ze zelfs dat jongeren het populaire vervoermiddel helemaal de bons geven. VVD-kamerlid Hofstra vindt haar daarin veel te ver gaan. „Je moet de verkeersveiligheid niet bevorderen door de mobiliteit te beknotten.”


Met verve verdedigde CDA-minister Peijs vrijdag publiekelijk haar plan. Het brommervoorstel is het meest opmerkelijke uit een reeks maatregelen ter bevordering van de verkeersveiligheid. Maar brom- en snorfietsen zorgen dan ook voor relatief veel verkeersdoden en -gewonden. Niet alleen conditioneel, maar ook om redenen van verkeersveiligheid is gewoon fietsen dus een „gezond alternatief”, aldus Peijs. „Ik heb door de Adviesdienst Verkeer en Vervoer laten uitrekenen wat het scheelt als we deze maatregel doorvoeren. Er zouden dan per jaar 28 doden en ruim 1100 soms zeer zwaargewonden minder zijn. Daar doe ik het voor, ik vind dit echt heel belangrijk. Het gaat in wezen om een schoolklas vol kinderen, die ’s avonds thuiskomt… of niet.”


Heleen Rijnkels van verkeersveiligheidsorganisatie 3VO is het helemaal met de bewindsvrouw eens. Volgens haar is de bromfiets „met stip het gevaarlijkste vervoermiddel dat we in Nederland hebben. In 2002 hadden we in Nederland alleen al 106 ongevallen met dodelijke afloop onder de brommerrijders. Dat is toch ongelofelijk veel? En in het grootste deel van de gevallen gaat het om jongeren van zestien jaar.” Dat brengt Rijnkels tot de stelling dat niet alleen de brommers zelf gevaarlijk zijn, „maar vaak ook de mensen die erop zitten.” Wat haar betreft mag minister Peijs nog een stapje verder gaan en het brommerrijden ook voor het zeventiende levensjaar verbieden. En daar kan de minister wel weer in meekomen. „Eigenlijk hoop ik dat jongeren de brommer helemaal laten staan.”


Steun kreeg ze vrijdag ook van minister-president Balkenende. Tijdens zijn eerste wekelijkse persconferentie in het nieuwe jaar vertelde die dat hijzelf in ieder geval nooit voor een brommer gekozen heeft, mede om de ongevallen die hij om zich heen zag gebeuren. Volgens de premier is er sprake van een „zorgelijke situatie met jonge mensen.” Namens het kabinet zei hij „risicogroepen in het verkeer” te willen beschermen. Ook ChristenUnie-kamerlid Slob voelt ervoor de minimumleeftijd voor het brommen te verhogen. „Hoe eerder dit gebeurt, hoe liever”, reageert hij. „Er is overtuigend aangetoond dat zestienjarigen minder goed in staat zijn ingewikkelde verkeerssituaties te overzien en een minder ontwikkelde risicoperceptie hebben dan zeventienjarigen.” Overigens pleit Slob ook voor het radicaal vernietigen van de brommers van „hardleerse opvoerders”, waaronder hij de bromfietsers verstaat die voor dat vergrijp al meer dan twee keer zijn opgepakt.


Niet iedereen is echter zo positief. De brancheverenigingen Bovag en RAI zijn verbijsterd. „Veel jongeren worden hierdoor gedupeerd”, aldus een woordvoerder van de RAI. „De minister laat de goeden lijden onder de kwaden. Het zijn vaak de scooter-aso’s die voor de brokken zorgen” De drie grote fracties in de Tweede Kamer zijn ook al niet enthousiast over de aanpak van Peijs. PvdA-kamerlid Verdaas toonde zich vrijdag „enigszins sceptisch.” Het verhogen van de bromfietsleeftijd naar 17 jaar is volgens hem „een bot instrument.” Liever had hij gezien dat Peijs gekozen had voor een speciaal bromfietsrijbewijs om onverantwoord rijgedrag tegen te gaan. Nu is er alleen een theorie-examen en een (straf)puntenrijbewijs.


Ook CDA-kamerlid De Pater ziet liever invoering van een soort rijbewijs met kentekenregistratie. „Het is veel belangrijker dat de bromfietser weet hoe hij zich in het verkeer moet gedragen en waarop hij moet letten”, reageert zij. Ze wil zich ook nog niet neerleggen bij het schrappen van het puntenrijbewijs, zoals minister Peijs wel doet. Het CDA is volgens De Pater in ieder geval voorstander van een strafpuntensysteem voor notoire verkeersovertreders. VVD-kamerlid Hofstra is tegen het voorstel van de minister omdat hij mobiliteit en bewegingsvrijheid een „onopgeefbaar groot goed” vindt. „In de grote steden zou het misschien nog gaan, omdat daar de afstanden kort zijn en de voorzieningen rijk verdeeld. Maar denk eens aan al die jongeren op het platteland die soms 10 of 20 kilometer moeten rijden naar school of werk. Die kun je toch niet zomaar in hun vrijheid gaan beknotten.”


Volgens Hofstra is er heus wel een manier om de verkeersveiligheid voor brommerrijders te vergroten. „De tactiek op het hele terrein van de verkeersveiligheid is niet het verbieden van mobiliteit, maar het veranderen van gedrag. Dat zou ook hier de lijn moeten zijn. De politie zou beter kunnen gaan controleren of bromfietsers wel een helm op hebben, of ze niet te hard rijden en of de brommer niet is opgevoerd. Dat gebeurt al, maar het zou veel intensiever kunnen.” In de plannen van de minister zit ook een forse tegenstrijdigheid, betoogt de VVD’er. „Ze wil de minimumleeftijd voor het brommerrijden omhoogtrekken, maar stelt tegelijkertijd voor, jongeren van zeventien alvast de gelegenheid te geven om autorijles te nemen. Maar zij weet toch net zo goed als ik dat het ook bij automobilisten zo werkt dat ze in de eerste jaren relatief veel ongelukken krijgen?”


© Reformatorisch Dagblad

« Terug

Reacties op 'Bromfietsplannen minister Peijs'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2004

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari