Hoor en wederhoor

woensdag 11 februari 2004 16:52

Eén ding wil ik in dit debat vooropstellen: zonder Palestijnse terreur zou er geen Israëlische veiligheidsbarrière in aanbouw zijn. Het siert de Duitse minister van buitenlandse zaken dat hij deze ultieme maatregel onlangs heeft gebillijkt. Zeker, over het precieze traject van deze afscheiding lopen de meningen uiteen. Evengoed in Israël zelf. Vandaar ook de huidige hoorzittingen voor het Israëlische Hooggerechtshof.

Vandaag debatteert het Europees Parlement over het standpunt van de Europese Unie in de zaak voor het Internationaal Gerechtshof over de bouw van de veiligheidsmuur rondom de Palestijnse Gebieden. Bas Belder legt de verantwoordelijkheid van de noodzaak van van deze afescheiding zondermeer bij de Palestijnse terreur. Anderzijds roept de eurofractie ChristenUnie-SGP de regering van de joodse staat op de Palestijnse bevolking met de muur niet onnodig te schaden.


Mijnheer de Voorzitter,

Eén ding wil ik in dit debat vooropstellen: zonder Palestijnse terreur zou er geen Israëlische veiligheidsbarrière in aanbouw zijn. Het siert de Duitse minister van buitenlandse zaken dat hij deze ultieme maatregel onlangs heeft gebillijkt. Zeker, over het precieze traject van deze afscheiding lopen de meningen uiteen. Evengoed in Israël zelf. Vandaar ook de huidige hoorzittingen voor het Israëlische Hooggerechtshof.

Helder wil ik evenzeer zijn dat de algemene belangen van de Palestijnse bevolking op de westelijke Jordaanoever geen onnodige schade mogen ondervinden van de zo omstreden veiligheidsbarrière.

Die belangen dient de Algemene Vergadering van de VN evenwel niet door de interventie in te roepen van het Internationaal Gerechtshof over zo´n primair politieke kwestie als deze scheidslijn tussen Israëli´s en Palestijnen. Dat schaadt alleen maar de urgente noodzaak van de hervatting van de politieke dialoog tussen betrokken partijen. Kortom, ik deel in dezen het afwijzende standpunt van mijn land Nederland en dat van de EU!

Over die aangespannen procedure bij het Internationaal Gerechtshof gesproken: hoogst merkwaardig is daarbij de speciale waarnemersstatus van "Palestina" (lees de Palestijnse Autoriteit). Een duidelijke achterstelling van de joodse staat.

Deze scheve verhouding werkt politiek averechts. Dit euvel geldt evenzeer het EP wanneer wel de Palestijnse premier zijn opwachting mag maken in de commissie buitenlandse zaken, maar niet de Israëlische minister-president. Laten wij ons ook in het Israëlisch-Palestijnse conflict houden aan de volle toepassing van het beproefde adagium van "hoor" en "wederhoor".

Bas Belder

Nieuwsarchief > 2004

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari