Speech Hans Blokland voor congres ChristenUnie

zaterdag 24 april 2004 12:00

Op 24 april hield Hans Blokland een speech bij het partijcongres van de ChristenUnie. Hier treft u de tekst van deze speech aan.

Beste ChristenUnievrienden,

Exact drie maanden geleden koos U mij tot uw lijsttrekker bij de komende Europese Verkiezingen. Daar was ik zeer verheugd over. Ik zag en zie er naar uit onder Gods leiding campagne te voeren en mijn werk in het EP voort te zetten.

Afgaand op een bericht in het Nederlands Dagblad moest ik vanmorgen wel met lood in mijn schoenen naar de Blije Werelt in Lunteren komen,want op dezelfde dag dat u mij tot lijsttrekker koos, werkte u mee aan een enquête die zeer recent gepubliceerd werd in Denkwijzer. Die leidde tot de volgende kop in de krant: ´Onvrede bij ChristenUnie over Eurofractie´. Verder in dat artikel staat: ´Er bestaat voor de Eurofractie maar weinig waardering. Slechts een schamele 51% van de achterban is tevreden over het functioneren van de fractie´. En daar werd ik persoonlijk niet echt blij van. Nu staat dat over die onvrede, de weinige waardering, de slechts schamele 51% niet in Denkwijzer, maar is de vrije interpretatie van de journalist. Leg ik het positief uit dan bedoelt de krant te zeggen dat het wel zeer vreemd is dat maar 51% tevreden is over de Eurofractie, want hij had wel 80% verwacht. Leg ik het negatief uit dan is een bericht over Europa pas nieuws als het negatief nieuws is.

Onder de bestuursleden is 6% niet tevreden over het functioneren van de Eurofractie en 55% is dat wel. Dat is zelfs een verhouding van 90:10. Daarover hoef ik me dus geen zorgen te maken. Wel over dat hoge percentage wat zegt: ´weet niet/volgt het niet zo´. Precies daar willen we wat aan doen als Eurofractie. De komende weken in de campagne en daarna de komende vijf jaar. Dat betekent dat wij ruimte maken voor u in onze agenda. Spreekbeurten, werkbezoeken, discussies, artikelen: we gaan er tegenaan.

Dus ik claim voortaan spreektijd op Uniecongressen en ruimte in de partijbladen. Tevens komt er een Nieuwsbrief en houden we u via mailing en onze website op de hoogte. Verder zorgen we dat u met uw vragen altijd een willig oor zult vinden bij de Eurofractie. Die les heb ik inmiddels wel geleerd. Zo willen we veel doen aan de zichtbaarheid van de Eurofractie.

Uit de enquete bleek dat 34% van de geënquêteerden de afgelopen tien jaar in hun mening over Europa kritischer was geworden, 24% net zo kritisch was gebleven, 27% positiever was gaan denken en 10% net zo positief was gebleven. Dus hoewel 35% het niet zo volgt, heeft men toch wel een mening over Europa: 58% is negatief/kritisch en 37% positief.

Blijkbaar slaagt de Eurofractie er aardig in om de standpunten die leven in de verdeelde achterban redelijk voor het voetlicht te brengen. Anders had de tevredenheid veel lager moeten uitvallen!

Ook bij de Eurofractie vindt u in onze opstelling terug, dat we over een deel van de Europese ontwikkelingen positief zijn en over een ander deel negatief kritisch. Laten we vooral niet vergeten dat Europa nu bijna 60 jaar vrede kent na twee afschuwelijke wereldoorlogen in de vorige eeuw. Dat honger en armoede vrijwel zijn uitgebannen. Ik las het nieuwe boek van Geert Mak over de twintigste eeuw. Afschuwelijke passages kom je er in tegen over alle ellende die mensen over elkaar uitstorten. Nu onderhandelen we. Dat is grote winst. We hebben oog gekregen voor mensenrechten, voor minderheden, voor vervolgden. Dat is gemeengoed. Ook dat mogen we niet vergeten. Er blijven vragen over verdere uitbreiding, over de grondwet, over de Nederlandse positie binnen Europa. Dat zijn vragen, die te maken hebben met het ambitieniveau dat we kiezen voor Europa. Gaat het slechts over vrijhandel dan kan een douaneunie volstaan en dan kan ieder land, dat aan de weinige toelatingscriteria voldoet, toetreden: Noord-Afrika, de hele voormalige Sowjet-Unie en het Midden-Oosten en waarom China, Japan en India niet? Ho, ho, roept u terecht, maar al die landen liggen niet in Europa. Maar ligging is nogal een zwak criterium. Liggen Turkije, de Oekraïne en Rusland nu wel of niet in Europa?

Blijkbaar voelen we aan dat we een Europa willen dat meer is dan een douaneunie. De lidstaten hebben de Europese Unie bekleed met overheidsgezag. Daarmee is de EU een rechtsgemeenschap en in zekere zin ook een waardengemeenschap. De 25 lidstaten vanaf 1 mei delen een gemeenschappelijke geschiedenis, waarin de christelijke geloofsovertuiging een prominente rol speelt. Nog altijd zien we daarvan veel terug in onze wetgeving, in onze cultuur, in het functioneren van onze samenleving, in het bewustzijn van onze persoonlijke verantwoordelijkheden tegenover God en medemens.

Toen zo´n 15 jaar geleden het IJzeren Gordijn viel en vrede, vrijheid en welvaart ook voor Hongaren, Tsjechen en Polen binnen bereik kwam, waren we daar in het geheel niet op voorbereid. Een echte discussie over wat we willen met Europa en onder welke voorwaarden is nooit gevoerd. Andere oplossingen voor samenwerking dan het aanbieden van het EU-lidmaatschap waren niet aan de orde. Het is daarom nu de hoogste tijd voor de vormgeving van een samenwerkingsstructuur met die landen die aan de Europese Unie grenzen, maar die we niet gaan toelaten.

Het moet dus afgelopen zijn met het aan het lijntje houden van Turkije. We moeten knopen

doorhakken en constateren dat Turkije met 70 miljoen inwoners om tal van reden niet bij de Europese Unie hoort. We hechten wel aan de nauwe band met het buurland Turkije, maar geografisch, historisch, cultureel en sociaal hoort het niet bij Europa. In de vorige eeuw heeft Turkije zich ontdaan van miljoenen niet-Moslims. Het land heeft zich etnisch gezuiverd en is daarmee een monolitische, nationalistische staat geworden waar zich de laatste restanten van minderheden met moeite staande kunnen houden.

Dat laat onverlet dat de huidige regering haar uiterste best doet voor een ontwikkeling in de goede richting. Dat waardeer ik positief. Maar het is zoals blijkt uit de rapportages een eerste begin.

Dan de Europese grondwet en het referendum. Het referendum zou Europa dichter bij de burger brengen. Ja of nee tegen zo´n dik boekwerk is toch wel erg veel gevraagd. Laatst heb ik daar met Jean-Luc Dehaene, oud-premier van België en ondervoorzitter van de Conventie over gediscussieerd. Hij antwoordde dat eigenlijk maar een klein gedeelte van het dikke boekwerk een constitutioneel karakter had en de overgrote rest was opgenomen in de concept-grondwet omdat het anders nooit zou komen tot een grondige herschikking van de verdragen!

Terecht hebben laatst de kamerfracties van ChristenUnie en SGP een motie mede ingediend, die stelde dat we moeten stoppen met de term grondwet, omdat die vlag de lading in genen dele dekt. Overigens wordt dat dikke boekwerk nog niet acceptabel als er in de preambule wordt verwezen naar de christelijke fundamenten van onze beschaving. Maar als er een preambule komt, moet het wel een eerlijke beschrijving zijn. En daar schort het aan. Dus onze minister-president verdient steun in zijn pleidooi voor een verwijzing naar de christelijke wortels van onze beschaving.

De kern van ons bezwaar tegen dit nieuwe concept-verdrag is dat het tekort doet aan de gelijkwaardigheid van de 25 lidstaten. Als de grote drie, Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, de dienst gaan uitmaken, vervreemden ze de nieuwe lidstaten van de Europese Unie. Ook Slowaken en Slovenen willen dat de EU echt van hen is. Het is ook ons probleem dat de EU zich manifesteert als een ver van ons bedshow. Dat de EU en zeker het EP ook veel heeft bijgedragen aan schone lucht en schoon water – eerste levensbehoeften – beseft men niet zo. Persoonlijk heb ik mij ingezet voor het tegengaan van knoeien met afval. Voor de volksgezondheid en het milieu bleek dat van groot belang.

Ik rond af. Samenvattend er is naast veel goeds om dankbaar voor te zijn, ook alle aanleiding om de ontwikkelingen kritisch te volgen en waar mogelijk bij te sturen.

Dat hebben we als Eurofractie de afgelopen 20 jaar met vallen en opstaan trachten te doen en dat willen we in de toekomst blijven doen. Terugkijkend vinden wij dat we rijk gezegend zijn in het bereiken van onze doelen. De kracht daarvoor kwam niet uit onszelf, maar van boven, van onze hemelse Vader. Samen met de SGP willen we ons als ChristenUnie blijven inzetten in het Europees Parlement. Daar hebben we uw steun hard bij nodig. In gebed, maar ook op 10 juni als u uw stem mag gaan uitbrengen. Steunt u ons daarom in de campagne, die op 11 mei officieel van start zal gaan.

Ik dank u voor uw aandacht.

« Terug

Reacties op 'Speech Hans Blokland voor congres ChristenUnie'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2004

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari