Tineke Huizinga, de vrouw van de ChristenUnie

maandag 08 september 2003 13:28

Jarenlang was ze met hart en ziel fulltime moeder. "Ik wilde er echtzijn voor haar kinderen. Dat laat zich niet combineren met iets anders." Haar jongste dochter is nu dertien. Zelf is ze alweer ruim vijf jaar politicus. Sinds mei vorig jaar zit ze voor de ChristenUnie in de Tweede Kamer. Radicaal is Tineke Huizinga (1960) nog altijd. Dus weg met de sollicitatieplicht voorbijstandsmoeders. En die pardon-regeling voor slechts een paarduizend asielzoekers? "Amoreel."

Jarenlang was ze met hart en ziel fulltime moeder. "Ik wilde er echtzijn voor haar kinderen. Dat laat zich niet combineren met iets anders." Haar jongste dochter is nu dertien. Zelf is ze alweer ruim vijf jaar politicus. Sinds mei vorig jaar zit ze voor de ChristenUnie in de Tweede Kamer. Radicaal is Tineke Huizinga (1960) nog altijd. Dus weg met de sollicitatieplicht voorbijstandsmoeders. En die pardon-regeling voor slechts een paarduizend asielzoekers? "Amoreel."

Tineke Huizinga werd geboren in het Friese Dantumadeel, als vijfde in een gereformeerd onderwijzersgezin met zes kinderen. Haar vader was "hoofd der lagere school", eerst in Ommen, later in Amersfoort. Haar moeder was oorspronkelijk onderwijzeres, maar bleef thuis bij de kinderen. De kiem van Huizinga's latere politieke carrière werd gelegd op de lagere school. Wellicht. "In de zesde klas in Amersfoort had ik mijn vader als meester. Het was de tijd van de stempels: als je je werk goed had gemaakt, kreeg je een stempel er op. Mijn vader gaf stempels met de namen van VN-landen en functionarissen. Zo leren ze gelijk iets over de VN, dacht hij. Ik herinner me Oe Thant, de toenmalige secretaris-generaal. Sommige kinderen hadden waarschijnlijk liever een stempel gehad met een dier of een boom. Ik weet het niet echt, maar mogelijk heeft die vroege kennismaking met de politiek op mij effect gehad..

Stelliger is Tineke Huizinga over haar "ontwaken" als christen. In haar Amersfoortse gymnasiumtijd werd ze lid van Youth for Christ. "Wat ik daar meemaakte, was zo anders dan ik thuis en in de kerk had leren kennen. Hoe die mensen daar met elkaar omgingen, hoe ze een relatie met God zochten; hoe hun christen-zijn daadwerkelijk invloed had op hun doen en laten. Ik werd me er van bewust dat ik dat eigenlijk zocht."

Buitenlandcorrespondent
Haar religieuze bevlog enheid vertaalde zich vooralsnog niet in een grote maatschappelijke betrokkenheid. Sterker: na de middelbare school wist Huizinga eigenlijk helemaal niet wat ze wilde in de maatschappij. Wat vage ideeën over een carrière als buitenlandcorrespondent, meer had ze niet. "Uiteindelijk ben ik in Utrecht rechten gaan studeren, een studie waar je veel kanten mee opkan. Maar ik ben er mee gestopt toen ik trouwde en kinderen kreeg. Ik wilde er echt voor mijn dochters zijn. Dat laat zich niet combineren met iets anders. Intussen waren we ook naar Heerenveen verhuisd, waar mijn man zijn werk had. Daar ben ik jarenlang fulltimemoeder geweest."

Heeft u nooit spijt gehad van die keuze?
"Nee, ik heb met volle overgave voor mijn drie dochters gezorgd. Al is een van de beste manieren om je zelfvertrouwen te verliezen een aantal jaren voor je kinderen zorgen en dan te horen hoe je omgeving daar over praat; de maatschappelijke stroming die zegt dat je als vrouw zelfstandig moet zijn, is sterk. Ik herinner me nog glashelder hoe ik in mijn 'moederjaren' een keer na een lange dag hard werken even op de bank zat, voor de buis. 'Vrouw en die uitsluitend voor hun kinderen zorgen maken zich maatsc happelijk niet nuttig', sprak een vrouw me met veel aplomb vanaf het scherm toe. De één is gevoeliger voor die gedachte dan de ander, maar bij mij kwam zulke kritiek hard aan -juist omdat ik me zo voor mijn kinderen had ingezet en had ervaren dat dit heel waardevol werk is. Ik was en ben het dan ook niet eens met de sollicitatieplicht voor jonge moeders met een bijstandsuitkering, die nu weer actueel is. Vrouwen in die situatie moeten kunnen kiezen."

Maatschappelijk zinvol
In 1993 ging haar jongste kind naar school en kreeg Tineke Huizinga tijd om er 'iets maatschappelijk zinvols' bij te doen, naast haar gezin. Maar w at? Ze schreef een brief aan Open Doors, een stichting die zich wereldwijd inzet voor vervolgde en verdrukte christenen. "Kan ik iets voor jullie doen?" Dat kon en zo begon ze met het vertalen in het Nederlands van Engelstalige artikelen. Korte tijd later werd ze juridisch medewerker bij het net geopende asielzoekerscentrum in Heerenveen. "Zo kwam dat buitenland weer in mijn leven, nu met mijn onafgemaakte rechtenstudie erbij."

"Het compromis als inzet,daar heb ik moeite mee."

Ook binnen de gereformeerde kerk zette ze zich in voor asielzoekers; ze schreef artikelen in het kerkblad en nam zitting in een for m, waarin ook Tweede-Kamerleden zaten. "Sommige uitgeprocedeerde asielzoekers zouden bij een heropening van hun procedure nog een kans maken. Omdat ze geldige redenen hebben om te blijven. Soms kun je dat ook bewijzen. In dergelijke gevallen moet je als kerk tijdelijk onderdak bieden, vind ik. Anders ben je niet eerlijk naar deze mensen toe."

Met een dergelijke benadering kom je natuurlijk wel in conflict met de overheid?
"Inderdaad kun je in een spagaat terecht komen, want als christen moet je ook gehoorzamen aan de overheid. Maar dat probleem is niet specifiek christelijk. Het bestuur van een gemeente waar uitgeprocedeerde asielzoekers rondlopen, heeft hetzelfde probleem." Het recente generaal pardon van de regering aan slechts 2200 asielzoekers die al langer dan vijf jaar in Nederland zijn, noemt Tineke Huizinga dan ook 'dramatisch'. "Allereerst voor de uitgeprocedeerde asielzoekers die niet meer welkom zijn in hun eigen land. Zij komen op straat te staan. Maar gemeenten die zich uit humaniteit en naastenliefde het lot van deze mensen hebben aangetrokken, staan óók in de kou. Hun probleem met deze groep mensen is genegeerd. Ik zou me als lokaal bestuurder in de steek gelaten voelen." Veel asielzoekers die een tweede verzoek hebben ingediend zijn door de regeling bijvoorbaat en in alle gevallen uitgesloten van een pardon. Huizinga: "Dat kun je moreel niet maken. Veel van die mensen zijn al heel lang hier, hebben kinderen gekregen, vrienden gemaakt. Het komt alleen door onszelf, door onze bureaucratie en ons onvermogen om besluiten te nemen dat ze zo lang op die definitieve afwijzing hebben moeten wachten. We mogen onze tekortkomingen niet afwentelen op deze asielzoeker s."

Dubben
Eer der al deed het strenge asielbeleid van het CDA haar kiezen voor de Reformatorische Politieke Federatie, de RPF. In 1998 vroeg deze partij haar voor de Heerenveense gemeenteraad. "Ik was toen nog geen lid van een politieke partij. Mijn moeder stemde RPF, mijn vader CDA. Ik zat daar altijd tussen. Bij elke verkiezing zat ik weer te dubben over mijn stem. Toen de RPF mij vroeg voor de gemeenteraad, móest ik wel kiezen. Toen herinnerde ik me ook een hoorzitting in Den Haag over Iran, een jaar eerder. Hoe teleurgesteld ik was door de negatieve houding van het CDA over asielzoek ers. Van de RPF sprak juist het asielbeleid mij aan. Dat heeft de door slag gegeven. Wat verder meespeelde was dat toen al duidelijk was dat de RPF en het Gereformeerd Politiek Verbond zouden fuseren (de politieke fusie was begin 2000, de organisatorische fusie moet eind dit jaar plaatsvinden, red.) tot de ChristenUnie."

"Bij Youth for Christ had christen-zijn daadwerkelijk invloed op je doen en laten. Dat was wat ik zocht"

In 1999 al werd Huizinga in Heerenveen gekozen tot politicus van het jaar. In mei 2002 plaatste de ChristenUnie haar, als hoogste vrouw, op plaats zeven van de kandidatenlijst voor de Tweede-Kamer-verkiezingen. De partij haalde tegen de verwachting in slechts drie zetels. Één daarvan was voor Huizinga, die met voorkeur stemmen werd gekozen.

Het gerucht ging dat de partij u onder druk heeft gezet om uw plaats af te staan aan nummer drie op de li jst, Eimert van Middelkoop.
"De dag na de verkiezingen kwamen volgens afspraak de eerste zeven kandidaten bij elkaar in de Haagse fractiekamer. Pal daarvoor belde onze toenmalige lijsttrekker Kars Veling me mobiel. Hij vertelde dat ik misschien met voorkeursstemmen was gekozen. In de fractiekamer zat iedereen aangeslagen bij elkaar, zag ik even later. Maar al tijdens dat telefoongesprek had Veling gezegd: 'Je bent gekozen, dus aanvaard het, dat doen wij ook.' Van enige druk was geen sprake. "Bij de verkiezingen van januari ben ik weer met voorkeursstemmen gekozen. Ik stond nummer vier op de lijst, maar opnieuw kregen we maar drie zetels. Ook toen is er geen druk op mij uitgeoefend om mijn plaats op te geven - dat zou natuurlijk ook een vorm van kiezersbedrog zijn geweest."

Heef t u een v erklaring v oor die v oork eur stem-men??
"Op landelijk niveau heeft het zonder twijfel te maken met het feit dat ik een vrouw ben, want inhoudelijk ben ik niet veel in het nieuws geweest. In onze eigen achterban ligt dat anders."

Het 'mooiste' zijn natuurlijk stemmen van mensen die niet tot uw traditionele achterban behoren, maar op u kiezen om wat u te zeggen heeft.
"Ja, tegelijkertijd raak je met die vraag de identiteit van de kleine christelijke partijen. Ons wordt wel verweten dat we betweterig zijn, dat we de bijbel hebben en daar uithalen wat we nodig hebben en dat anderen willen opleggen. Maar zo is het niet. De bijbel reikt je de grondnoties aan over de zorg voor de schepping, ook voor de vreemdeling. Maar de vraag blijft hoe je die grondnoties vertaalt. Als ChristenUnie-Kamerlid moet je je zo opstellen dat ook mensen die niet op je stemmen je opmerken. Dat ze ontdekken dat jij iets te melden hebt dat mogelijk voor hen van belang is. En misschien dat ze daardoor overwegen de volgende keer wel hun stem aan je te geven. Daarom was het ook heel goed dat wij bij de formatiebesprekingen in mei van dit jaar even in beeld waren als coalitiepartner. Toen werd duidelijk dat wij wel degelijk bereid zijn verant oordelijkheid te nemen en nietalleen maar als beste stuurlui aan de wal willen roepen wat we allemaal beter weten. Als het niet anders kan, zijn we bereid vuile handen te maken. Als het niet anders kan dus. Ik begin altijd met radicale standpunten en idealen. Om dan misschien later het compromis te accepteren. Niet te zoeken, maar te accepteren. Het compromis als inzet, daar heb ik moeite mee."

DOOR: HUGO VERBRUGH

Dit interview is gepubliceerd in Jonas, onafhankelijk maandblad dat wil bijdragen aan de maatschappelijk dialoog over actuele onderwerpen. Nr. 73, September 2003

« Terug

Nieuwsarchief > 2003

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari