Vragen over Omzeilen procedure euthanasie

maandag 24 februari 2003 14:44

Vragen van de leden Van der Vlies (SGP) en Rouvoet (ChristenUnie) aan de ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Justitie over de omzeiling van de euthanasie-procedure door toediening van medicijnen voor pijnbestrijding. (Ingezonden 28 februari 2003)

Met antwoord

Vragen van de leden Van der Vlies (SGP) en Rouvoet (ChristenUnie) aan de ministers van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Justitie over de omzeiling van de euthanasie-procedure door toediening van medicijnen voor pijnbestrijding. (Ingezonden 28 februari 2003)

  1. Hebt u kennisgenomen van berichtgeving als zouden artsen in toenemende mate slaapmidde-len en morfine aan ernstig zieke patiënten toedienen met als vooropgezet doel niet alleen pijnbestrijding, maar ook bekorten van het leven, op een wijze die het mogelijk zou maken de euthanasieprocedure te omzeilen?1
  2. Kunt u bevestigen dat deze trend, die door uitspraken van artsen in deze berichtgeving wordt bevestigd, zich voordoet en, zo ja, op welke schaal?
  3. Zo neen, bent u dan bereid onderzoek te doen instellen naar de voorgegeven feiten of trends rondom de terminale sedatie?
  4. Deelt u de mening dat artsen te allen tijde gehouden zijn zich tenminste naar letter en geest van de euthanasieprocedure te gedragen, waar het gaat om de in die procedure voorziene vereisten en de melding achteraf aan een toetsingscommissie? Wilt u bij de beantwoording van deze vraag betrekken hetgeen in antwoorden op door mij over het sterftecijfer ten gevolge van pijnbestrijding gestelde vragen d.d. 4 mei 2001 2 werd geoordeeld en toegezegd?
  5. Is het waar dat het gebruik van het middel dormicum in een paar jaar tijd is verzesvoudigd? Wat kan daarvan dan de reden zijn?
  6. Welke maatregelen overweegt u om deze trends, verondersteld dat zij moeten worden bevestigd, het hoofd te bieden en de procedureregels, protocols en dergelijke op transparante wijze te doen naleven?
1 Trouw en Nederlands Dagblad, 27 februari jl., met daarin een vooraankondiging van het
KRO-tv-programma «Reporter» van dezelfde datum.
2 Aanhangsel-Handelingen nr. 1135, vergaderjaar 2000–2001.


Antwoord van staatssecretaris Ross-van Dorp (Volksgezondheid, Welzijn en Sport), mede namens de minister van Justitie. (Ontvangen 8 april 2003)
  1. Ja.
  2. en 3
    Momenteel is het derde evaluatieonderzoek gaande naar de aard en wijze waarop medische beslissingen rond het levenseinde tot stand komen en in welke mate diverse soorten beslissingen worden genomen. In het onderzoek wordt aandacht besteed aan palliatieve zorg en terminale sedatie. Antwoorden op de gestelde vragen zullen naar verwachting uit dit onderzoek naar voren komen.
  1. Artsen worden geacht de euthanasieprocedure en de in de wet vastgelegde zorgvuldigheidseisen te kennen en in voorkomende gevallen daarnaar te handelen.
    Het eerder genoemde onderzoek Medische Beslissingen rond het Levenseinde zal ook ten aanzien van deze aspecten, alsmede de houding van artsen over zich conformeren aan de inhoud van de Euthanasiewet, actuele gegevens kunnen leveren, waarbij tevens een vergelijking met de uitkomsten van vorige onderzoeken gemaakt kan worden.
  2. Dormicum wordt in diverse situaties gebruikt, bijvoorbeeld bij kleinere ingrepen om een patiënt te sederen. Dormicum wordt ook voor sedatie bij een terminale patiënt toegepast om onrust in de laatste levensfase weg te nemen en het bewustzijnsniveau te verlagen om, indien noodzakelijk, een dragelijk sterfbed mogelijk te maken.
    Er kunnen nog meer voorbeelden genoemd worden. Een eventuele toename van dormicum kan derhalve heel diverse oorzaken hebben. Ten aanzien van het gebruik van dit middel bij het sederen van patiënten zal het bovengenoemde onderzoek inzake Medische Beslissingen rond het Levenseinde inzicht kunnen
    verschaffen.
  3. Primair zal duidelijk moeten zijn of de gesuggereerde trends, dat artsen op enigerlei wijze middelen toedienen met de intentie om niet alleen pijnbestrijding toe te passen maar ook om daarbij het leven van ernstig lijdende patiënten te bekorten, op enige realiteit berusten. Het eerder genoemde evaluatieonderzoek zal hier het nodige inzicht verschaffen. Het is aan de beroepsgroepen zelf om steeds weer duidelijk te maken dat de betrokken individuele beroepsbeoefenaren bij hun handelen gehouden zijn zich te houden aan de wettelijke regels. Protocollen en richtlijnen kunnen daarbij een hulpmiddel zijn. Het is mede een taak van de Inspectie voor de Gezondheidszorg na te gaan of er voldoende duidelijke afspraken en protocollen zijn en of de vereiste kennis aanwezig is om een transparante en controleerbare handelwijze te waarborgen.

« Terug

Reacties op 'Vragen over Omzeilen procedure euthanasie'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2003

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari