Bijdrage debat Begroting Volksgezondheid, Welzijn en Sport

dinsdag 25 november 2003 19:48

André Rouvoet: Voorzitter. Sinds de koude douche van prinsjesdag hebben wij met deze oud-minister van Financiën al een flink aantal stevige debatten over de bezuinigingen gevoerd. Ik heb hem al meermalen verweten dat hij nog te veel de minister van de centen en nog te weinig de minister van de patiënten is. Hij doet mij in zijn beleid denken aan een figuur uit de Griekse mythologie, Procrustes, een reus die voor zijn gasten twee bedden bezat: een heel lang en een heel kort bed. Een gast met een flinke lichaamsbouw gaf hij het korte bed en een kleine gast het grote bed.
Het was een soort georganiseerde verkeerdebedproblematiek. Hij had de vervelende gewoonte om de gasten aan het bed aan te passen: ofwel hij hakte de ongelukkige de benen af, ofwel hij rekte ze uit totdat ze op maat waren. Minister Hoogervorst heeft ook twee bedden gekregen: de financiële kaders van minister Zalm. En hij is nu al een paar maanden bezig om alle regelingen, subsidies en voorzieningen van zijn ministerie in die twee bedden te leggen. Wat uit het bed van de bezuinigingstaakstelling steekt, gaat er subiet af. En in het andere bed worden begrippen als eigen verantwoordelijkheid, zorgpremies en eigen bijdragen eindeloos opgerekt. Nieuw vergeleken met Procrustes is dat de minister zijn hak-, schaaf- en snoeiwerk pleegt aan te duiden met eufemismen als ’’moderniseringsslag’’, ’’stroomlijning’’ en zelfs ’’stimulering van de creativiteit en inventiviteit van de burger’’. Daar was Procrustes nog niet opgekomen!

Met zeer velen in dit land maak ik mij ernstig zorgen om de zorg. Na een periode waarin alle aandacht uitging naar de kwantitatieve problemen, de wachtlijsten, is het nu de kwaliteit van de zorgverlening die onder grote druk dreigt te komen staan. Het aantal petitie-aanbiedingen en protestdemonstraties is niet meer bij te houden, de situatie in veel instellingen, zoals verpleeghuizen, is belabberd, en de directies e´n werkers in de zorg klagen dat ze door de bezuinigingen, de bureaucratie en de opeenstapeling van beleidsmaatregelen domweg niet meer in staat zijn adequate zorg te verlenen.

Als er dan wat in de efficiency moet gebeuren, laat het dan in ieder geval niet gebeuren door te bezuinigen op het aantal grammen vlees, of het aantal douchebeurten per bewoner. Klopt het trouwens dat in een enkele regio de Belastingdienst doende is om zorginstellingen te confronteren met een naheffing voor btw op zaken als coördinatie van zorg? Dat moet er na alle maatregelen en de efficiencykorting nog eens bij komen!

De AVVV spreekt over een zorgkloof tussen vraag en aanbod. Voor de langere termijn dreigt een structureel personeelstekort. Hoelang denkt de minister te kunnen volhouden dat we het redden met arbeidsproductiviteitsverhoging? Moeten we niet toe naar een substantiële verschuiving uit andere sectoren naar de zorg, zoals ook uit het OSA-rapport bleek? (1) Gisteren deed de Nederlandse Patiëntenvereniging een creatief voorstel. Wat vindt de minister van de gedachte om met het bedrijfsleven afspraken te maken om uren vrij te maken, zodat er in huishoudens meer gewerkt kan worden in de zorgsector?

Ik wil trouwens wel kwijt dat ik me in toenemende mate erger aan het spreken over de zorg als een productiebedrijf: zorgproductie, arbeidsproductiviteit, outputfinanciering, het opknippen van de zorgverlening in DBC’s en AWBZfuncties, marktwerking en concurrentie.
Mag het in de zorg alstublieft nog gaan over de mens die zorg behoeft en anderen die die zorg willen verlenen?

En dan de zorggebruikers, de patiënten en cliënten, die de ene premieverhoging na de andere pakketverkleining om de oren krijgen. Zeker chronisch zieken, ouderen en gehandicapten zullen meer gaan betalen voor minder zorg. Ik denk hier ook aan de eigen betalingen bij de AWBZ, de thuiszorg, het schrappen van de zelfzorgmedicijnen uit het pakket, als ’’sociaal alternatief voor de medicijnknaak’’?! Alleen het kabinet en de coalitiefracties geloven nog dat met dit beleid de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Wat mij vooral irriteert, is dat van iedere maatregel afzonderlijk wordt gezegd dat de inkomensgevolgen acceptabel zijn. Het is juist de opeenstapeling van maatregelen waardoor mensen in de problemen komen! Zie de rekensommen van voorzitter Troost van de CG-raad vorige week in de kranten. Het kabinet verschuilt zich achter de tegemoetkomingsregeling, maar die is nog steeds in de maak. Hoe kunnen we groen licht geven voor de begroting als de Kamer niet weet of de regeling adequaat is?

En dan komt daar ook nog eens de gigantische kortingsoperatie in de subsidies bij. Procrustes in z’n element! Die kortingen raken niet alleen aan de golfbond en de sjoelorganisatie, die treffen ook tal van organisaties die zich vaak al vele jaren bewezen hebben in hun verlening van zorg, hulp en welzijn, van preventie en ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers. We hebben er gisteren uitvoerig in een algemeen overleg over gesproken en toen bleek dat instellingen die niet op het lijstje van Buijs en Hoogervorst staan – ik denk aan het sectorale maatschappelijk werk van Stichting De Driehoek – het wel kunnen vergeten. En over de landelijke jeugdorganisaties zegt de staatssecretaris doodleuk dat er weliswaar bestuurlijk overleg gaande was over een nieuwe vormgeving van de subsidies, maar dat dat werd ingehaald door de bezuinigingstaakstelling. Hoezo bestuurlijk zorgvuldig handelen? Hoezo betrouwbare overheid? Ik zeg het nog maar eens: ik vind het geen manier van werken en blijf van mening dat deze operatie een schoolvoorbeeld van kortzichtig kortetermijndenken is. Penny wise, pound foolish. Weet wel dat wat eenmaal kapot is gemaakt aan het sociaal weefsel van het vrijwilligerswerk, niet zo gemakkelijk weer hersteld kan worden. Daar wil mijn fractie geen verantwoordelijkheid voor dragen, hoezeer zij open stond en open staat voor een zinnig debat over subsidies.

In het Hoofdlijnenakkoord is afgesproken dat er meer aandacht komt voor hulp en voorlichting rond (ongewenste) zwangerschap en voor palliatieve zorg en de opleiding daarvoor. Ik heb er nu inmiddels een keer of drie op aangedrongen dat de daad bij het woord wordt gevoegd en er behalve extra aandacht ook extra middelen worden vrijgemaakt voor die ’’immaterie¨ le paragraaf’’. Dit is niet mijn regeerakkoord, maar dat van de coalitie. Ik help er maar aan herinneren. Steeds werd ik door het kabinet en de coalitiefracties doorverwezen naar een volgend debat: van de formatie en de regeringsverklaring naar prinsjesdag, van de algemeen politieke beschouwingen naar dit begrotingsdebat. Nu zijn wij daar en wat er gebeurt er: Organisaties die precies doen wat in het Hoofdlijnenakkoord staat, worden getroffen door de bezuinigingen van VWS. Niet meer, maar minder ruimte en aandacht voor de zaken die daarin worden genoemd. Dat kan natuurlijk niet. Daarom heb ik, samen met de heer Van der Staaij, een amendement ingediend om in elk geval de kortingen op de VBOK-subsidie en de subsidie voor het Landelijk steunpunt vrijwilligers terminale zorg ongedaan te maken en voorts een extra impuls te geven aan de broodnodige hulp en begeleiding aan het begin en het einde van het leven. Zo voeg ik mijn daad bij uw woord. Graag een reactie van de bewindslieden.

Financiële afwegingen lijken ook doorslaggevend te zijn in de discussie over het pakket. Welke zorginhoudelijke visie ligt er ten grondslag aan de beslissing om verstrekkingen te schrappen? Is meegewogen of zaken via de aanvullende verzekering wel herverzekerbaar zijn? Denk aan het zittend ziekenvervoer. Wat is de verbinding met de rapporten van Dekker, Dunning, Simons en Borst? Ik weet het niet. Hoe ziet het traject er nu eigenlijk precies uit, op weg naar een nieuw ziektekostenstelsel in 2006? Naar aanleiding van een recent CVZ-rapport een schot voor de boeg. Ook als er straks een basisverzekering komt, waar wij voor zijn, zal er wat de ChristenUnie betreft linksom of rechtsom ruimte moeten blijven voor erkenning van gewetensbezwaren tegen het meebetalen aan bepaalde verstrekkingen en dus voor een vorm van een ’’schone polis’’. Is de minister dat met mij eens?

Al vele malen heb ik in deze Kamer gesproken over het belang van een wereldwijd verbod op kloneren. Nu heb ik uit de media begrepen dat onlangs in VN-verband met nota bene een verschil van één stem is besloten tot twee jaar uitstel van zo’n wereldwijd verbod. Ik ben nu wel erg nieuwsgierig naar de opstelling van Nederland in die discussie. Ik mag hopen dat Nederland tegen uitstel heeft gestemd, maar krijg daar in dit debat graag uitsluitsel over.

Bij de begroting VWS in 1999 is via een amendement van mijn hand geregeld dat tot en met 2004 een extra budget voor het stimuleren van onderzoek naar alternatieven voor dierproeven beschikbaar kwam. Daarna zou een evaluatie plaatsvinden. In de begroting voor 2004 is geen geld uitgetrokken voor dat onderzoek. Over een evaluatie lees ik niets. Zeker nu sprake is van een lichte stijging van het aantal dierproeven is het belangrijk dat dit onderzoek blijft plaatsvinden. Ik heb met enkele collega’s een amendement ingediend om hiervoor in ieder geval voor 2004 een bedrag vrij te maken. Wil de minister toezeggen de evaluatie komend jaar te doen plaatsvinden, ook met het oog op een structurele oplossing?

Ik sluit af met een blik op de klok. Het is vijf voor twaalf geweest voor de zorg.

1 rapport ‘Arbeid in Zorg en welzijn’, het zogenaamde ‘Integrerend OSA-rapport 2003’, waarin staat dat in 2025 ca.22% van de beroepsbevolking bij ongewijzigd beleid in de zorg zal moeten werken.

« Terug

Nieuwsarchief > 2003

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari