Bijdrage debat Hanzelijn

dinsdag 27 april 2004 15:02

De heer Slob (ChristenUnie): Voorzitter. Ik werd gisteren attent gemaakt op een brief van de minister over de tunnelvariant Hattem, gedateerd 26 april. Ik moest de brief zelf van de website van het ministerie plukken, omdat hij mij niet digitaal was toegestuurd. De inhoud van deze brief was echter wel illustratief voor het verloop van het algemeen overleg van een paar weken geleden.
Alle argumenten om te komen tot een duurzame inpassing van de Hanzelijn tussen Hattem en Zwolle worden namelijk geminimaliseerd en soms zelfs genegeerd. De argumenten tegen, tijdverlies en extra kosten, worden behoorlijk uitvergroot. Ze worden verder ook gegoten in een behoorlijk zwart scenario. Zo wordt in de brief de doorlooptijd van de bouw van de tunnel opeens op 5,5 tot 6 jaar geschat, terwijl wij enkele jaren geleden nog spraken over een doorloopvariant die, in vergelijking met de bouw van een brug, een jaar extra vereiste. In dat geval spraken wij dus over 3,5 jaar. 5,5 of 3,5 jaar maakt natuurlijk een flink verschil!
Een looptijd van ruim vijf jaar moet je vergelijken met de bouw van de Westerschelde-tunnel of de tunnel onder het groene hart. Dat zijn echter tunnels van een heel andere orde.  Het kost mij daarom nogal wat moeite om deze argumentatie serieus te nemen. Natuurlijk heeft mijn fractie oog voor de problemen die zich kunnen voordoen. Ik zal het algemeen overleg van enkele weken geleden niet overdoen, maar uiteindelijk komt het volgens mij neer op de vraag: wil je wel of niet een duurzame inpassing van de Hanzelijn in het traject tussen Hattem en Zwolle.
Wij achten het realistisch, om de terminologie van ProRail maar te gebruiken, tot een duurzame inpassing te komen, ook als daar de planning voor de Hanzelijn en de beschikbare budgetten bij worden betrokken. Omdat de minister die mening niet is toegedaan, zou het een goede zaak zijn als de Kamer hierover een uitspraak doet. Vandaar de volgende motie.

 
Motie
 
De Kamer,
 
gehoord de beraadslaging,
 
overwegende:
- dat het om onder andere landschappelijke, ecologische en auditieve redenen de voorkeur verdient om bij de IJsselpassage tussen Hattem en Zwolle in het Tracébesluit Hanzelijn te kiezen voor een tunnel;
- dat door een bijdrage uit de Europese middelen voor Trans-Europese netwerken, door scherp aanbesteden en door alsnog te vragen bijdragen uit de regio, binnen het door ons als taakstellend beschouwd rijksbudget van 901 mln euro moet kunnen worden gebleven;
- dat er geen onnodig extra tijdverlies hoeft te ontstaan omdat gewoon met de aanleg van de Hanzelijn gestart kan worden (bij Lelystad) en het wegvallen van bezwaarschriften tegen de aanleg van een brug ook tijdwinst zal opleveren;
 
spreekt uit:
- dat het Tracébesluit Hanzelijn kan worden vastgesteld, met uitzondering van het deel tussen Hattem en Zwolle;
- dat het onderdeel van het Tracébesluit betreffende het gedeelte tussen Hattem en Zwolle zodanig dient te worden aangepast dat de IJsselpassage tussen Hattem en Zwolle als tunnelvariant kan worden aangelegd,
 
en gaat over tot de orde van de dag.
 
 
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Slob, Dijksma, Duyvendak, Hermans, Gerkens en Van der Staaij. Zij krijgt nr. 11 (27569).
 
 
De heer Van Haersma Buma (CDA): Heeft de heer Slob kennisgenomen van de brief uit de regio, van de provincies Flevoland en Overijssel, waarin de Kamer wordt opgeroepen om vooral akkoord te gaan met het tracébesluit zodat de Hanzelijn snel kan worden aangelegd?
De heer Slob (ChristenUnie): Ik heb uiteraard kennisgenomen van die brief, waarover ik mij zeer heb verbaasd, met name over het compliment in de richting van de fractie van de heer Van Haersma Buma over de gevolgde ''consistente lijn'' bij dit onderwerp. Die zie ik eerlijk gezegd niet: wat zien deze provincies wat wij niet zien? Wij zitten er toch heel dichtbij.

In het AO hebben wij uitentreuren gesproken over de tijd die beschikbaar is voor de aanleg van de Hanzelijn en de eventuele complicaties die het alsnog kiezen voor een tunnelvariant kan opleveren. Wij zien in een aantal opzichten tijdwinst ontstaan, onder andere door het wegvallen van de bezwaarschriften.

Deze zouden nog een lange weg moeten afleggen, wat ook tijdverlies zou opleveren. Dit kan worden weggestreept tegen het tijdverlies door het kiezen voor een tunnelvariant. De minister heef gisteren een brief gestuurd aan de Kamer. Een curieuze brief omdat zij daarmee reageert op een brief die de gemeente Hattem aan de Kamer heeft gestuurd; dat is echter de keuze van de minister. Zij gaat daarin uit van het meest zwarte scenario dat je je kunt voorstellen; naar onze mening kan het veel sneller. Verder refereer ik aan eerdere uitspraken in deze Kamer die door voorgangers van de minister op dit punt zijn gedaan. De vraag - ik zeg dit met name tegen de heer Van Haersma Buma - is uiteindelijk: wil je een duurzame inpassing of niet? Die keuze moeten wij als Kamer maken; daarover kunnen wij ons met deze motie uitspreken.

Nieuwsarchief > 2004

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari