Bijdrage debat Begroting 2005 Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu

dinsdag 30 november 2004 15:30

Tineke Huizinga-Heringa: Voorzitter. Gisteren heeft de Kamer het milieubeleid behandeld en volgende week komt de Nota Ruimte aan de orde. Het ligt voor de hand dat wij ons deze week concentreren op volkshuisvesting. Nog meer zou het voor de hand liggen om het nu over het huurbeleid te hebben, want ook mijn mailbox raakt al wekenlang verstopt door de mailtjes van ongeruste burgers, en het is het gesprek van de dag. Wij hebben echter afgesproken dat wij daarover in januari zullen spreken.

Het kost mij enige moeite, maar mijn opmerkingen hierover houd ik dus op dit moment nog achter mijn kiezen. De minister kent ons en zij weet dat wij behoorlijk kritisch zullen zijn over haar plannen. Naast het huurbeleid blijft er gelukkig voldoende over. De situatie op de woningmarkt in ons land is zorgelijk. Er wordt te weinig gebouwd, waardoor de prijzen hoog blijven en er weinig doorstroming plaatsvindt. Startende jonge gezinnen kunnen daar-door moeilijk aan een eerste woning komen, maar evengoed is er sprake van een tekort aan seniorenwoningen. Daarnaast zijn er voortdurend spanningen in achterstandswijken, veroor-zaakt door gebrekkige integratie. Daarom is er, zoals de minister in een interview aangaf, een samenhangende en overkoepelende visie nodig op de woningmarkt. Met de minister vindt ook mijn fractie dat daarin ook een beschouwing van de hypotheekrenteaftrek thuis hoort. Ik vraag de minister om een nadere toelichting op haar uitspraak.

Gaat zij het fundamentele onderzoek, waar zij het in de Volkskrant over heeft, nu al in gang zetten, zodat het volgende kabinet een kant-en-klaar rapport heeft liggen op basis waarvan het knopen kan doorhakken? Als ik in de krant lees wat de minister zegt, is dat toch het minste wat zij kan doen? Wil de minister ook ingaan op de problematiek van startende gezinnen? Tot nu toe heb ik daarover weinig teruggevonden in de beleidsstukken. Vorig jaar heb ik daarover iets gezegd, in relatie tot de studentenhuisvesting. In het inkomensplan van mijn fractie, Omzien naar elkaar, heeft de ChristenUnie voorgesteld om starters een korting te geven op het eigenwoningforfait. Graag ontvang ik daarop een reactie.

Voorlopig zet de minister in op verhoging van de bouwproductie, maar die lag zelfs vorig jaar nog beneden het niveau van het jaar daarvoor. De prognoses zijn goed, gelet op de afspraken met gemeenten, provincies en kaderwetgebieden, maar ik vraag mij wel af hoe af-dwingbaar die afspraken zijn. Is de realisatie van deze woningen uiteindelijk niet afhankelijk van wat de corporaties gaan doen? Overheden bouwen immers geen woningen; dat doen cor-poraties. De minister zegt dat er veel woningen worden gesloopt. Wordt er daarbij rekening gehouden met de cultuurhistorische waarde en de architectuur van sommige oude stadswij-ken? Behalve de achterblijvende woningproductie is de leefbaarheid van oude wijken een groot probleem.

Sinds het integratiedebat staat deze extra nadrukkelijk in de schijnwerpers. In achterstandswijken concentreert zich een complex aan problemen. Sociaal-economische achterstand en achterblijvende integratie leiden tot segregatie en dat kan weer leiden tot slechte leefbaar-heid en tot maatschappelijk isolement van bevolkingsgroepen. Het is dan ook moeilijk te be-grijpen dat het kabinet bijna 700 mln bezuinigt op het ISV-budget. Hoe kan de minister een en ander met elkaar rijmen? Er is een integrale aanpak nodig. De 56-wijkenaanpak is een goe-de aanzet, maar de plotselinge aankondiging om wijken waarvoor de plannen onvoldoende zijn uitgewerkt van de lijst te schrappen, plus de bijbehorende sanctie dat zij niet langer voor het ISVimpulsbudget in aanmerking komen, is bij de VNG in het verkeerde keelgat gescho-ten. Ik kan mij daar iets bij voorstellen, want ik heb begrepen dat vanaf het begin onduidelijk bleek te zijn wat er moest gebeuren. Het is niet redelijk om gemeenten daarop af te rekenen. Graag zou ik van de minister hierop een reactie krijgen, alsmede de toezegging dat zij hierover in overleg zal treden met de VNG.
Voor een oplossing voor de leefbaarheidsproblematiek in achterstandswijken pleit mijn fractie voor herwaardering van de huisvestingsvergunning. Niet alleen voor sociale huur-woningen, maar ook voor koopwoningen kan deze verplicht worden gesteld. Het mes snijdt dan aan twee kanten. Er kunnen meer eisen worden gesteld aan de nieuwe bewoners en bovendien wordt controle op illegale bewoning eenvoudiger gemaakt. Met een periodieke controle van het adres kan worden vastgesteld of daar niet in strijd wordt gewoond met de huisvestingsvergunning. Op deze wijze wordt ook de overlast door illegale bewoning en overbewoning door inwonende vrienden en familieleden voorkomen. De stad heeft hierdoor meer grip op de instroom in de stad en de leefbaarheid van steden wordt verbeterd. Graag hoor ik hierop een reactie van de minister.

Spreiding van kansarmen over de stad of regio en verdunning kunnen bijdragen aan de beheersbaarheid van de achterstandsproblematiek, maar ook binnen de stad is verspreiding en verdunning een mogelijkheid. Ik stel voor om het instrument labelling in te zetten. Daarmee kunnen woningen gericht worden toegewezen aan bepaalde groepen, bijvoorbeeld net afge-studeerden, studenten en mensen die net iets meer verdienen, teneinde de eenzijdige bevol-kingssamenstelling in de wijk te doorbreken. Dit vraagt om een beperkte aanpassing van het gemeentelijk woningverdeelsysteem. Het recente project in Bos en Lommer in Amsterdam is hier een goed voorbeeld van. Ook hierop verneem ik graag een reactie van de minister.

Met het spreiden van de problemen lossen wij de problemen echter niet op. Ook het gedrag van bewoners moet veranderen. Daarom moet er meer aandacht komen voor een goed woongedrag. Zou de minister in overleg willen treden met gemeenten, verhuurders en wel-zijnswerk om initiatieven te nemen die kunnen bijdragen tot meer woonbeschaving? Hoe ouderwets en oubollig dat woord ook moge klinken, iedereen die in een achterstandswijk woont, weet precies waar het over gaat. Overlast van buren en buurtbewoners is de grootste bron van klachten. Er is dus reden genoeg om mensen aan te spreken op hun woongedrag. Eventueel kunnen corporaties het streven naar woonbeschaving voorzien van een prikkel, door goede bewoners te belonen. Dat kan bijvoorbeeld door huurders een huurkorting te geven, omdat de woning en het portiek netjes worden bewoond en onderhouden.

Tot slot waardeert de fractie van de ChristenUnie het dat de Wijziging Huisvestings-wet is ingetrokken en dat nu een novelle wordt ingediend, die zowel toewijzing voor de eigen bevolkingsaanwas als woningtoewijzing met integratie als criterium mogelijk zal maken. Ik spoor de minister aan om haast te maken met dit wetsvoorstel. Zo eindig ik met een positieve noot.

« Terug

Reacties op 'Bijdrage debat Begroting 2005 Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2004

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari