Bijdrage Esmé Wiegman in het plenair debat VAO Landbouw in Ontwikkelingslanden.

woensdag 21 december 2011 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Esmé Wiegman-van Meppelen Scheppink in een voortgezet algemeen overleg met staatssecretaris Knapen van Buitenlandse Zaken.

Onderwerp:    VAO Landbouw in Ontwikkelingslanden (AO d.d. 17/11)

Kamerstuk:    31 250

Datum:             21 december 2011

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Voorzitter, ik heb drie moties. Graag krijg ik daarna nog ruimte voor één korte vraag.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

van mening dat met ontwikkelingsgeld gesteunde PPP's en activiteiten van het bedrijfsleveninstrumentarium bij dienen te dragen aan de doelstellingen van ontwikkelingssamenwerking;

overwegende dat de impact op lokale duurzame ontwikkeling en armoedebestrijding, zoals het creëren van werkgelegenheid, in het bijzonder voor gemarginaliseerde groepen, het bereiken van vrouwen, boeren en kleine ondernemers en het versterken van lokale ketens momenteel onvoldoende doorslaggevend onderdeel is van de beoordeling van aanvragen voor het bedrijfsleveninstrumentarium;

overwegende dat de regering zich ten aanzien van landbouw in ontwikkelingslanden wil richten op kleine producenten en op vrouwen;

verzoekt de regering, doorslaggevende criteria te ontwikkelen waarin armoedebestrijding en lokale duurzame ontwikkeling centraal staan en deze toe te passen in de beoordeling en selectie van aanvragen bij de bedrijfsleveninstrumentaria en PPP's en verzoekt de regering geen aanvragen te honoreren die onvoldoende scoren op internationale mvo-standaarden of duurzame armoedebestrijding,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Wiegman-van Meppelen Scheppink en El Fassed. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 83 (31250).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de nota "Uitwerking voedselzekerheidsbeleid" de samenhang tussen landbouw en water in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid niet of nauwelijks noemt;

constaterende dat de landenlijst van het programma Water Mondiaal sterk afwijkt van de prioriteitslanden voor voedselzekerheid en dat voor het programma Partners voor Water nog niet duidelijk is hoe de activiteiten in de partnerlanden zullen aansluiten op het beleid voor voedselzekerheid;

van mening dat een goede aansluiting van het waterbeleid op het beleid voor voedselzekerheid een absolute noodzaak is;

verzoekt de regering om in de aangekondigde beleidsnotitie over water, zowel voor de programma's Water Mondiaal en Partners voor Water als voor andere programma's en activiteiten op het gebied van water in ontwikkelingslanden, de samenhang met het voedselzekerheidsbeleid expliciet te maken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Wiegman-van Meppelen Scheppink en El Fassed. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 84 (31250).

U hebt nog achttien seconden.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de brief "Uitwerking voedselzekerheidsbeleid" voor elk van de vier pijlers een aantal resultaatsindicatoren formuleert, maar niet aangeeft wat de huidige stand van zaken is, wie verantwoordelijk is voor het te behalen resultaat en hoeveel resultaat er geboekt moet zijn aan het einde van deze kabinetsperiode;

van mening dat, gelet op de prioriteit die dit kabinet geeft aan het stimuleren van voedselzekerheid in de partnerlanden, een goed inzicht in de behaalde resultaten van groot belang is;

verzoekt de regering om per indicator de huidige stand van zaken weer te geven, (nulmeting), wie verantwoordelijk is voor de realisatie en waar de regering aan het eind van deze kabinetsperiode wil staan;

verzoekt de regering eveneens om door middel van jaarlijkse voortgangsrapportages de Kamer te informeren over de gemaakte voortgang,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Wiegman-van Meppelen Scheppink en El Fassed. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 85 (31250).

Mevrouw Wiegman, u bent ruim door uw spreektijd heen.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Ik begrijp het. Het is wel een heel mooie vraag! Helaas interrumpeert niemand mij.

Voor meer informatie zie ook www.tweedekamer.nl.


« Terug

Nieuwsarchief > 2011

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari