Rouvoet: ‘Debat over baarpremie wil ik juist voorkomen’

woensdag 20 februari 2008 11:03

Minister André Rouvoet (Jeugd en Gezin) neemt een voorschot op zijn Gezinsnota, die komend najaar verschijnt. Hij wil een ‘interessante discussie’ over de vraag in hoeverre flexibele regelingen ervoor zorgen dat ouders aan hun kinderwens kunnen voldoen. ‘André Rouvoet heeft een kinderwens’, kopte het dagblad De Pers dinsdag. De minister voor Jeugd en Gezin wil volgens het blad een discussie starten over hoe meer baby’s de kosten van de vergrijzing kunnen opvangen.

Kamerleden reageren terughoudend. ‘Drie stappen te ver’ en ‘De keuze voor kinderen moet komen uit liefde’. Minister André Rouvoet: ,,Ik ga niet over de krantenkoppen, ik ga over m’n eigen woorden.’’

U wilt dat er meer kinderen worden geboren?
,,Dat is juist een discussie die ik niet wil. Maar het zou raar zijn als de regering geen interesse heeft in de ontwikkeling van het geboortecijfer. Dat is licht aan het dalen, maar zit niet op het niveau dat we ons ernstig zorgen moeten maken. Tegelijk is er een maatschappelijke discussie over het feit dat veel vrouwen pas op latere leeftijd hun eerste kind krijgen. Daarom wil ik nu graag de discussie voeren of ouders die een kinderwens hebben, ook in de gelegenheid zijn om aan die wens te voldoen.’’

U zegt: dit is geen bevolkingspolitiek?
,,Nee, ik wil graag een bredere discussie over gezinsbeleid, en daarbij ook praten over de problemen die ouders ervaren rond het krijgen van kinderen. Zijn mensen in staat de keuzes te maken die ze willen maken? Dan heb ik het niet alleen over kinderopvang,
maar ook over flexibele werktijden, verlofregelingen, vaderschapsverlof, enzovoort.
Mijn vraag is of we ons beleid nog gezinsvriendelijker kunnen maken. Tegelijk wil ik wegblijven van actieve bevolkingspolitiek. Door nu dit thema zelf aan de orde te stellen, wil ik juist voorkomen dat we over een aantal jaren in de vervelende discussie terechtkomen waar Duitsland nu in zit. Daar is het geboortecijfer tot 1,3 gedaald, en kiest de regering wel voor actieve bevolkingspolitiek, met allerlei nare woorden als baarpremie.’’

Noemt u eens een voorbeeld van iets wat ouders zou kunnen helpen, maar wat we nog niet doen in Nederland.
,,De ChristenUnie-fractie in de Tweede Kamer heeft al eens het voorstel gedaan te bekijken of ouders die dat willen, hun werktijden kunnen laten samenvallen met de schooltijden van hun kinderen. Want het is niet zo simpel dat wanneer moeders meer thuis zijn, er automatisch meer kinderen komen. In Italië is de arbeidsparticipatie van vrouwen vrij laag, maar het geboortecijfer ook. Tegelijk zie je in Scandinavische landen dat meer mogelijkheden op het gebied van kinderopvang en flexibel werken niet alleen leiden tot een hogere arbeidsparticipatie van vrouwen, maar ook tot een hoger geboortecijfer.’’

Praat u hier ook over met vakbonden en werkgevers?
,,Jazeker, maar de overheid staat bij het voeren van gezinsvriendelijk beleid niet aan de zijlijn. We zijn in Nederland van een impliciet naar een expliciet gezinsbeleid gegaan, nu er een ministerie voor Jeugd en Gezin is. We hebben het kindgebonden budget al met enkele honderden euro’s per gezin per jaar verhoogd. Maar in het kader van de Gezinsnota kijken we ook naar andere voorzieningen, die het mogelijk maken dat ouders aan hun kinderwens kunnen voldoen. Verder heeft de overheid een voorlichtende taak. Je ziet bijvoorbeeld dat veel ouders niet op de hoogte zijn van de verhoogde risico’s voor moeder en kind, wanneer vrouwen pas op latere leeftijd hun eerste kind krijgen.’’

Loopt u niet het risico telkens te horen dat u wilt dat er meer kinderen worden geboren?
,,Wat ik ook telkens benadruk, is dat als er iets privé is, dat wel het krijgen van kinderen is. Kinderen moeten uit liefde worden geboren en opgevoed, en niet omdat dat nodig is voor het geboortecijfer. Tegelijk zegt een instituut als de OESO (een sociaal-
economische organisatie van rijke industrielanden, red.) dat westerse landen tegen problemen aanlopen door de vergrijzing en uitgesteld ouderschap. Bovendien is het een feit dat je voor het vervangen van je bevolking een geboortecijfer van minstens 2,1 nodig hebt. Het is niet zo dat ik koste wat kost naar dat cijfer wil, maar het is voor de regering wel een relevant getal. Al die aspecten leveren een interessante discussie op, die in het kader van een goed gezinsbeleid gewoon moet worden gevoerd.’’
(Bron: Nederlands Dagblad / Gerard Beverdam, 20 februari 2008)

« Terug

Reacties op 'Rouvoet: ‘Debat over baarpremie wil ik juist voorkomen’'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2008

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari