Tien motieven om tegen te stemmen

maandag 30 mei 2005 13:01

Het is bijna zover. Over een paar dagen kunnen de Nederlandse kiezers zich via een referendum uitspreken over de Europese Grondwet. De ChristenUnie was geen voorstander van dit referendum, maar de grote winst van deze volksraadpleging  is wel dat het gesprek over Europa goed op gang is gekomen. Ook in het Nederlands Dagblad. Er zijn voor- en tegenstanders van de Europese Grondwet in alle partijen, dus ook in de ChristenUnie. Dat is helemaal niet erg. Daar moeten we ontspannen en volwassen mee omgaan. Het is niet vanzelfsprekend dat een christen ‘voor’ of  ‘tegen’ stemt. Ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd.
 
Intussen ben ik wel blij dat een representatief onderzoek onder 7000 (!) mensen heeft laten zien dat bijna 80% van onze achterban onze inhoudelijke argumentatie deelt. In de discussie is het overigens wel van belang dat we elkaar recht doen in het beoordelen van de argumenten. Jammer genoeg is dat niet altijd gebeurd. Voorstanders verweten de ChristenUnie campagne te voeren ‘tegen Europa’ (Mollema) en zelfs een ‘eng-nationalistische visie’ te hebben (Sap) Anderen noemden onze argumentatie ‘te makkelijk’ (Douma en Vollaard) of spraken van een ‘proteststem’ (Veling). Vooral dat laatste is opmerkelijk, want de Europese Grondwet voldoet op tal van punten niet aan de voorwaarden die ons verkiezingsprogramma van 2002 – en ook dat van 2003 -  aan een nieuw verdrag stelt. Dat programma is vastgesteld door het congres. Kars Veling nam het voor z’n rekening en ging ermee de verkiezingen in. Dan is een stem ‘tegen’ geen proteststem, maar een weloverwogen en onderbouwde keuze, die getuigt van een consistente lijn!
 
Het is goed te bedenken dat GPV en RPF als voorstanders van een goede samenwerking tussen zelfstandige Europese staten zich steeds hebben uitgesproken tegen Europese verdragen, waarmee verdere politieke eenwording werd nagestreefd. De kernvraag voor de ChristenUnie én voor de kiezers op 1 juni is: brengt deze Grondwet het Europa dat ons voor ogen staat dichterbij? Onze conclusie is dat dit niet het geval is. Zeker, er zitten positieve punten in deze Grondwet en die zijn op alle campagneavonden aan de orde gekomen, maar die rechtvaardigen geen ‘ja’. Laat ik in reactie op de discussie in deze krant tien belangrijke punten tegen de Europese Grondwet noemen. 
 
1. Europa is een zegen! De Europese samenwerking heeft ons vrede en veiligheid en welvaart gebracht. De open grenzen zijn van belang voor de ontwikkeling van onze economie. Europese samenwerking is nodig.  De stroom van asielzoekers en de toenemende criminaliteit vragen om een gezamenlijke en grensoverschrijdende aanpak. Maar daarvoor hebben we geen Europese Grondwet nodig, die veel meer beoogt dan een intensieve samenwerking.
 
2. De Europese Grondwet zet een belangrijke stap in de richting van een federalisering van Europa – geen samenwerkingsverband van landen, maar een Verenigde Staten van Europa. Met een eigen president, een eigen vlag, een eigen volkslied en een officieel Europees burgerschap. In de preambule spreken de regeringen uit “vastbesloten te zijn om, steeds hechter verenigd, vorm te geven aan hun gemeenschappelijke lotsbestemming”. De Duitse staatssecretaris Bury noemt de Grondwet eerlijk ‘de geboorteakte van de Verenigde Staten van Europa’. En opsteller Giscard d’Estaing maakte de vergelijking met de Grondwet van de Verenigde Staten van Amerika.
 
3. Er is met dit document een poging gedaan om Europa slagvaardiger, democratischer en transparanter te maken. Dat is voor een deel gelukt, maar de prijs is dat onze invloed kleiner wordt. Nederland verliest op 25 terreinen z’n vetorecht, want er moet ruimte komen voor meerderheidsbesluitvorming. Als compensatie krijgt het Europese parlement op die terreinen weliswaar meer te zeggen, maar per saldo krijgen de grote landen meer invloed. In Duitsland en Frankrijk is dat het belangrijkste argument om ‘ja’ te zeggen tegen de Europese Grondwet. ‘Brussel’ krijgt meer macht. Vanouds hebben christenen moeite met de concentratie van veel macht op één punt. Terecht! Daar komt bij dat de Europese Grondwet niet voorziet in een adequate democratische controle van die macht. Niet voor niets spreken we over ‘het democratisch gat’ van Europa…
 
4. De vraag is waar de grenzen van Europa liggen. Strekt Europa zich straks uit van Reykjavik tot Wladiwostok? Moet dat kolossale gebied aangestuurd worden vanuit Brussel? De Europese Grondwet geeft op deze belangrijke vragen geen antwoord. Dat is een gemiste kans. De reden is de aanstaande toetreding van Turkije, dat deze Grondwet als waarnemer al heeft ondertekend. De ChristenUnie heeft al vaak aangedrongen op een debat over de geografische grenzen van Europa. Dat had natuurlijk moeten gebeuren vóór de beslissing over de toetreding van Turkije werd genomen. Pikant genoeg gaat het nu dan deze week gebeuren, één dag ná het referendum…
 
5. Europa laat ook na om via zelfbeperking de onvrede weg te nemen en aan legitimiteit en vertrouwen te winnen. De Europese Unie heeft in de loop der jaren stilaan steeds meer bevoegdheden naar zich toe getrokken en beslist nu al over meer dan de helft van onze binnenlandse zaken.  De Europese regelgeving is voor velen een bron van ergernis. Veel zaken waar ‘Brussel’ zich mee bemoeit kunnen we prima zelf regelen. De Grondwet verankert alle bestaande bemoeienis en legitimeert tot uitbreiding ervan. Er is niet één beleidsterrein waarop ‘Europa’ een stapje terug doet en bevoegdheden teruglegt op nationaal niveau. Opnieuw een gemiste kans!
 
6. De Europese Grondwet voorziet in een Europese President en een Europese Minister van Buitenlandse Zaken. Die President is niet slechts een technisch voorzitter, zoals de voorstanders suggereren. In de Duitse vertaling van de Europese Grondwet wordt hij namelijk gewoon ‘Präsident’ genoemd en geen ‘Vorsitzender’. Hij moet het ‘gezicht van Europa’ worden en zal zich moeten kunnen meten met de President van de Verenigde Staten van Amerika. Met een Europese Minister van Buitenlandse Zaken probeert de Grondwet te realiseren wat onmogelijk is gebleken. Europa moet over buitenlands beleid met één stem spreken, zo wordt gezegd. Maar het is een illusie om de meningsverschillen tussen de nationale lidstaten op deze manier op te lossen. Zeker de grote landen zullen zich nooit hun buitenlands beleid door anderen laten voorschrijven. Bovendien: de lidstaten moeten de vrijheid hebben om nationaal op te komen tegen mensenrechtenschendingen en schendingen van de vrijheid van godsdienst.
 
7. In de Europese Grondwet ontbreekt een verwijzing naar de joods-christelijke traditie van Europa. Ook in de Nederlandse Grondwet ontbreekt zo’n verwijzing, merkt J. Douma terecht op in het Nederlands Dagblad van 7 mei 2005. Maar er is in dit geval méér aan de hand!  De ChristenUnie heeft hier pas een punt van gemaakt toen een verwijzing naar de joods-christelijke traditie van tafel werd geveegd, omdat die op gespannen voet zou staan met de beginselen van de Franse Revolutie en de Verlichting! Er is openlijk gekozen voor het seculier humanisme als de ziel van Europa. De toekomst van Europa verdient beter!
 
8. Christenen spreken zich om uiteenlopende redenen uit vóór de Europese Grondwet. De Raad van Kerken heeft weliswaar ook kritiek, maar is positief over het vastgelegde recht van levensbeschouwelijke en maatschappelijke organisaties op een structurele dialoog met de Europese overheid. Daar zijn wij ook blij mee, maar we moeten het niet mooier maken dan het is. Een dialoog garandeert geen invloed. Individuele christenen benadrukken – ook in het Nederlands Dagblad – dat christenen een missie voor Europa hebben en zich moeten richten op de toekomst van Europa.  Ik ben het daar van harte mee eens, maar heb daar deze pretentieuze en ambitieuze Grondwet niet voor nodig. Integendeel. Zonder deze Grondwet is er méér toekomst voor Europa.
 
9. Voorstanders van de Europese Grondwet waarschuwen voor de gevolgen van een Nederlands ‘nee’. In dramatische bewoordingen beweren zij dat het slecht is voor Nederland als we de Europese Grondwet verwerpen. Ik kan het effect van het schetsen van zo’n doemscenario niet goed inschatten, maar ik hoop dat de kiezers zich er niet door van de wijs laten brengen. Gelukkig hebben ook overtuigde ‘ja’-stemmers als Bolkestein en Lubbers inmiddels aangegeven dat er geen sprake is van een crisis als Nederland ‘nee’ zegt. Bolkestein constateerde nuchter: “Dan gaan we gewoon door zoals we nu werken, namelijk op basis van het Verdrag van Nice”. En zo is het!
 
10. Er is veel onvrede over Europa. In veel landen is sprake van een vertrouwensbreuk tussen de politieke elite en de bevolking. Het kabinet doet er verstandig aan die onvrede serieus te nemen en niet de indruk te wekken dat er eigenlijk geen andere keuze is dan ‘ja’ stemmen. Het doordrukken van deze Grondwet is niet alleen onverstandig, maar ook zeer riskant voor Europa zelf. De Europese Unie bevindt zich in een kwetsbare fase van haar geschiedenis, met de uitbreiding met tien nieuwe lidstaten nog maar net achter de rug en drie nieuwe kandidaten, waaronder Turkije, op de stoep. Wie nu de vertrouwenssprong naar de Verenigde Staten van Europa wil maken, neemt een geweldig risico voor de huidige Europese samenwerking. Een periode van bezinning na verwerping van deze Grondwet zou daarom juist wel eens van groot belang kunnen zijn!
 
De Nederlandse kiezer heeft een grote verantwoordelijkheid, omdat Nederland één van de grondleggers van Europa is. Er gaat daarom van een Nederlandse tegenstem een belangrijk signaal uit. De Volkskrant plaatste een paar dagen geleden een ingezonden brief van drie Zweedse Europarlementariërs – bepaald geen eurosceptici: “ “Wij hopen samen op een Nederlands ‘nee’ in het referendum tegen de Europese Grondwet. Wij denken dat dit niet alleen goed is voor Nederland, maar ook voor Zweden en de rest van Europa. Miljoenen Zweden en miljoenen Europeanen zullen een Nederlands ‘nee’ verwelkomen als een democratische zege en een roep om betere Europese samenwerking dan nu is vastgelegd”. Ik heb daar niets aan toe te voegen.
 
André Rouvoet,
Fractievoorzitter ChristenUnie Tweede Kamer

Dit opinie artikel van André Rouvoet is aangeboden aan het Nederlands Dagblad.
 
Zie ook:
Dossier: Europese Grondwet (alles over het referendum)
 
 

« Terug

Reacties op 'Tien motieven om tegen te stemmen'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2005

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari