Overdenking Peter Kos op Ledencongres

zaterdag 22 april 2006 16:07

Een paar weken nadat ik had aangegeven deze morgen graag met u te willen nadenken over een gedeelte uit het boek Micha, hoorde ik dat mijn voorganger dit vorig jaar ook had gedaan… wat doe je dan….Ik besloot mijn keuze niet los te laten,
  • deels omdat ik vermoed, en uit voor predikanten pijnlijke statistieken weet, dat een overgrote meerderheid een week na een preek de inhoud daarvan niet meer weet, laat staan een jaar,
  • deels, omdat ik wil spreken vanuit Micha 6 en niet zoals vorig jaar uit Micha 4
  • maar vooral omdat ik geloof dat de HERE God deze jaren door Micha hoofdstuk 6 spreekt (en mn 6:8) tot het hart van vele gelovigen wereldwijd. Ik besef dat ik grote woorden zeg, maar ga ze u uitleggen

Laten we ons openstellen voor Gods Woord of zoals hfdst 4:2 zegt, om een link met vorig jaar te leggen

Laten we optrekken naar de berg van de HEER,
naar de tempel van Jakobs God.
Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen,
en wij zullen zijn paden bewandelen.’


Ik vooronderstel tijdens mijn hele verhaal dat het uw persoonlijke verlangen is zijn paden te bewandelen, in politiek, maatschappij, kerk, gezin, hetgeen zichtbaar is, maar ook in het niet zichtbare leven van uw ziel: uw hart; de eerste plek waar God naar kijkt.

Ik lees hfdst 6:1-8, maar wil eerst nog gezegd hebben dat Micha spreekt tot een volk, een maatschappij waar welvaart en voorspoed heerste (al 40 jaar lang), waar het een meerderheid aan niets ontbrak. Eten, drinken, huisvesting, kleding, “vakanties naar Eilat”, het was binnen bereik, maar die welvaart en voorspoed had, hoe herkenbaar, ook zelfgenoegzaamheid en egoïsme gebracht. IK was het belangrijkst. IK nam zoveel ruimte in dat GOD vanuit het hart naar de randen van het bestaan werd gedreven, er bij sommigen overheen duikelde of bij anderen alleen nog maar bestond uit lippendienst, want het hart was vooral vol van IK. Door dat Ik centraal stond en God uit beeld, was die ander, die medemens ook uit beeld, de liefde verkilde, mensen werden aan hun lot overgelaten, er was sociaal onrecht.

Micha roept net als tijdgenoot Jesaja en Hosea het volk op zich hiervan te bekeren en in hfdst. 6 zijn we getuige van een rechtszaak. God klaagt het volk aan en in deze woorden proef je emotie, de pijn van iemand die onterecht buitengesloten wordt.

gerechtigheid van de HEER
1       Hoor toch wat de HEER zegt!
Sta op, laat de bergen uw rechtsgeding horen,
laat de heuvels getuige zijn.

2       Luister, bergen, naar het pleidooi van de HEER,
hoor toe, onwrikbare fundamenten van de aarde.
De HEER heeft een geschil met zijn volk,

hij klaagt Israël aan:
3        'Mijn volk, wat heb ik je misdaan?
Waarmee heb ik je gekweld? Antwoord mij!
4       Ik heb je weggeleid,
bevrijd uit de slavernij in Egypte.
Ik zond Mozes, Aäron en Mirjam om jullie voor te gaan.
5       Ben je dan vergeten, mijn volk,
wat Balak besloot, de koning van Moab,
wat Bileam, de zoon van Beor, hem antwoordde?
Ben je vergeten wat er gebeurde tussen Sittim en Gilgal?
Ken je de gerechtigheid van de HEER niet meer?’
6       ‘Wat kan ik de HEER aanbieden,
waarmee hulde brengen aan de verheven God?
Moet ik hem tegemoet treden met brandoffers,
zou hij eenjarige stieren aanvaarden?
7      Kan ik hem gunstig stemmen met duizenden rammen,
met olie, stromend in tienduizend beken?
Moet ik mijn oudste kind geven voor wat ik heb misdaan,
de vrucht van mijn schoot voor mijn zondig leven?’
8      Er is jou, mens, gezegd wat goed is,
je weet wat de HEER van je wil:
niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten
en nederig de weg te gaan van je God.
 
En dit laatste vers (zo’n 2700 jaar geleden uitgesproken) heeft wereldwijd aandacht. Over de hele wereld zijn kerken, organisaties, individuele gelovigen in beweging gekomen en hebben deze uitdaging van Micha opgepakt (voor het eerst of bij vernieuwing) en hebben uitgesproken
  1. te streven naar gerechtigheid,                       - to act justly
  2. om trouw te zijn in medeleven                        - to love mercy
  3. en om in nederigheid met God te wandelen       - to walk humbly with God

De wonderlijke aanleiding hiertoe ligt bij de VN, Godswonderlijk als je het mij vraagt. Rondom de millenniumwisseling hebben alle 189 leden van de VN

millenniumdoelstellingen onderschreven die binnen 15 jaar een einde moeten maken aan onrecht in de wereld of op z´n minst onrecht moeten halveren; onrecht waardoor er mensen sterven vanwege honger, er extreme armoede heerst , aids om zich heen grijpt, vele kinderen geen onderwijs hebben of gewoonweg sterven omdat bestaande medicijnen niet beschikbaar komen en dat gebeurt nu op ditzelfde moment.

Christenen herkenden in deze millenniumdoelstelling de echo van Gods Woorden, Zijn verlangen, zijn bewogenheid met mensen die lijden vanwege onrecht. En ze hebben er wat mee gedaan en vorm gegeven in wat de Micah Challenge is gaan heten en in Nederland de Micha Campagne heet. Vanaf september zult u er veel van horen; ze doen dat vanuit een honger naar gerechtigheid, vanuit het verlangen goed te doen, vanuit eenbesef dat we leven dankzij God en Hem alleen.

Ik heb reeds gezegd dat ik in mijn betoog uitga van het verlangen bij u om Gods paden te bewandelen, Gods weg te gaan in alles om daardoor God te dienen. Dat is ook zeker mijn persoonlijke verlangen en met vallen en opstaan probeer ik daar gestalte aan te geven. Deze tekst uit Micha 6:8 helpt me daarbij. Omdat ik leer dat het dienen van God vorm krijgt in het dienen van mijn medemens; vanuit een hart waar Hij centraal staat; dat is aanbidding, dat is dienen van God; Godsdienst! Aanbidding is niet alleen het zingen van geestelijke liederen, psalmen, gezangen en opwekking; dat zullen we tot in eeuwigheid blijven doen, maar vooral ook het omzien naar weduwen en wezen in hun druk zoals de apostel Jakobus het zegt. Opkomen voor armen, geven aan armen, opkomen voor mensen die om wat voor reden dan ook geen recht gedaan wordt. Omdat je daarmee beantwoordt aan Gods rechtvaardigheid. Je geeft handen en voeten aan Jezus op aarde, die kwam om te dienen en zijn leven te geven.

9 ‘Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Spreek eerlijk recht, wees

goed en zorgzaam voor elkaar; 10 onderdruk geen weduwen en wezen en ook geen vreemdelingen en armen, en wees er niet op uit om een ander kwaad te doen

Zacharia 7:10

Die actie wordt aangestuurd door meer dan liefdadigheid; het gaat dieper; het heeft alles te maken met gerechtigheid, zoals de zanger Bono van U2 gezegd heeft in een rede tijdens het nationale gebedsontbijt op het Witte Huis waar ook uw voorman André Rouvoet bij aanwezig was. It’s not about charity, its about justice.
 

Het volk ten tijde van Israël was zo vol van zichzelf dat er geen hart en oog meer was voor hen die leden onder onrecht. Het dienen van God was een afkopen geworden van schuldgevoel, het hart was niet op God gericht (lippendienst) met alle negatieve, onrechtvaardige gevolgen van dien.

 

Daar waar God centraal staat in je leven, daar waar God centraal staat in je kerk, daar waar God centraal staat in je politiek; omdat je in nederigheid, ootmoed wandelt met je God, 

1.   daar kan het niet anders of daar is honger en dorst naar gerechtigheid; daar zijn mensen die vanuit een diep besef van genade een hart hebben dat gekleurd wordt door liefde voor God en dus ook liefde voor zijn schepselen de medemens.

2.  daar zijn mensen die vanuit bewogenheid met hun medemens bereid zijn keuzes te maken die hun medemens goed en recht doen;

3.   daar is zorg voor gelijkwaardige relaties; want daar staan relaties centraal; relatiepolitiek; die ik op grond van Micha 6:8 en het grote gebod invul als het liefhebben van God met heel je hart, ziel en verstand (relatie) en dus je naaste als jezelf!

Mijn gebed is dat een groeiende groep christenen in kerk en samenleving deze uitdaging van Micha willen aangaan omdat ze beseffen dat het niet optioneel is, maar het hart is van het dienen van God. Mijn gebed is dat er gelovigen opstaan die zich drukker maken om het geluk van de ander dan om het geluk van zichzelf

We willen immers Zijn paden bewandelen en er is ons gezegd wat de Heer wil.

Ik eindig met woorden van tijdgenoot Jesaja.

Belofte Jesaja 58:6-10
6      Is dit niet het vasten dat ik verkies:
misdadige ketenen losmaken,
de banden van het juk ontbinden,
de verdrukten bevrijden,
en ieder juk breken?
7      Is het niet: je brood delen met de hongerige,
onderdak bieden aan armen zonder huis,
iemand kleden die naakt rondloopt,
je bekommeren om je medemensen?
8      Dan breekt je licht door als de dageraad,
je zult voorspoedig herstellen.
Je gerechtigheid gaat voor je uit,
de majesteit van de HEER vormt je achterhoede.
9      Dan geeft de HEER antwoord als je roept;
als je om hulp schreeuwt, zegt hij: ‘Hier ben ik.’
Wanneer je het juk van de onderdrukking uitbant,
de beschuldigende vinger en de kwaadsprekerij,
10    wanneer je de hongerige schenkt
wat je zelf nodig hebt
en de verdrukte gul onthaalt,
dan zal je licht in het donker schijnen,
je duisternis wordt als het licht van het middaguur.

Mijn gebed voor u is dat door dit congres Zijn licht helderder gaat schijnen in Nederland en daarbuiten, tot eer van God alleen!

Overdenking Ledencongres ChristenUnie ds Peter Kos, Voorganger baptistengemeente de Rank, Voorzitter Evangelische Alliantie

« Terug

Reacties op 'Overdenking Peter Kos op Ledencongres'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2006

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari