Bijdrage Carola Schouten aan het plenair debat Wet hervorming kindregelingen

woensdag 05 maart 2014 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Carola Schouten als lid van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan een plenair debat met minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Onderwerp:   Wet hervorming kindregelingen

Kamerstuk:    33 716

Datum:            5 maart 2014

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Het is een zegen als je een gezin met kinderen hebt. Ik denk dat deze minister dat kan onderschrijven, want hij besteedt daar volgens mij ook redelijk wat aandacht aan. Om gezinnen de ruimte te geven voor het maken van eigen keuzen, is het van belang dat wij voorzien in een goede tegemoetkoming in de kosten die kinderen met zich brengen. Door het regeerakkoord zouden gezinnen met kinderen onevenredig hard worden getroffen. Diverse bezuinigingen zouden de gezinsportemonnee leegtrekken. Ik noem de forse bezuiniging op de kinderbijslag, waarbij de uitkeringen geharmoniseerd zouden worden tot het laagste bedrag, namelijk voor de jongste kinderen. Ik noem verder het verdwijnen van de gratis schoolboeken. Dat zou een gezin met drie kinderen op de middelbare school, om heel concreet te worden, al zo'n €1.000 per jaar schelen. Ik sprak een paar maanden geleden een ouder die zei: ik ben nu al aan het kijken waar ik die €1.000 vandaan kan halen. Ik denk dat het via het vakantiegeld en allerlei andere zaken bij elkaar moet worden gesprokkeld, omdat dit niet meer te betalen is. Dat was een van onze motivaties om bij het begrotingsakkoord heel zwaar in te zetten op een goede inkomensondersteuning voor gezinnen. We hebben immers sterke gezinnen nodig om kinderen een goede basis te geven voor de rest van hun leven. Onze inzet bij dat begrotingsakkoord was ook duidelijk. De bezuinigingen op de kinderbijslag zouden moeten worden teruggeschroefd en de gratis schoolboeken zouden daadwerkelijk gratis moeten blijven. Dankzij het akkoord dat wij hebben gesloten, al heeft dat wat dagen en nachten geduurd, hebben wij uiteindelijk weten te bereiken dat de bezuinigingen fors lager uitvallen; 600 miljoen minder. Daar ben ik blij om. Met die succesvolle wijziging komt er weer een balans in de plannen van het kabinet, maar mijn fractie heeft nog wel enkele vragen.

De voorzitter:
De heer Heerma heeft ook een vraag.

De heer Pieter Heerma (CDA):
Het gaat bij dit wetsvoorstel inderdaad om een afname van de bezuiniging van 800 miljoen naar 500 miljoen, maar er blijft wel een bezuiniging van een half miljard over. In de bijdrage van de Eerste Kamerfractie van de ChristenUnie is een en ander samengevat met de woorden: dit is de optelsom die voor gezinnen te veel is. De kern van die bijdrage was: de grens is bereikt. Een groot deel van de bezuinigingen die in die opsomming zaten, staat hier echter nog steeds. Zegt de ChristenUnie dat gezinnen worden ontzien met het halve miljard dat nu nog extra bezuinigd wordt op gezinnen? Is dat nu akkoord?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Het woord "ontzien" heb ik volgens mij niet in de mond genomen. Ik wil wel graag benadrukken dat de bezuinigingen nog veel harder waren geweest als wij dat akkoord niet hadden gesloten. Ik wil het CDA toch ook een vraag voorleggen. Ik weet niet of dat mag, voorzitter?

De voorzitter:
Nee.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Oh, sorry. Dan wil ik in ieder geval benadrukken, laat ik het zo zeggen, dat het nota bene het kabinet-Rutte I was, waar het CDA deel van uitmaakte, dat het kindgebonden budget tot maximaal twee kinderen heeft beperkt. Het was het CDA dat in de Eerste Kamer akkoord ging met het niet-indexeren van de kinderbijslag. Wij maken allemaal afwegingen, maar ik vind het wonderlijk dat het CDA daar nu zo hard op tamboereert, terwijl het ook kan zeggen: wij zijn blij dat een ontzettend groot deel van de bezuinigingen die de gezinnen zouden gaan raken, nu voorkomen is.

De heer Pieter Heerma (CDA):
De fractie van de ChristenUnie heeft in haar inbreng voor het verslag aangegeven dat door het begrotingsakkoord gezinnen ontzien zouden worden. Vandaar dat ik dat woord gebruik. De ChristenUnie heeft dat dus wel degelijk gezegd, maar de gezinnen worden niet ontzien. Ze worden minder hard getroffen. De bezuiniging is minder erg gemaakt, maar het gaat nog steeds om een half miljard!

Laten we het over de indexatie van de kinderbijslag hebben. Mevrouw Schouten heeft het over het debat daarover in de Eerste Kamer. In hetzelfde debat is door de woordvoerder van de ChristenUnie een definitieve lijn in het zand getrokken: wij kunnen die indexatie niet steunen. De indexatie van de kinderbijslag die hier nu voorligt, is een factor drie groter dan de indexatie waar het in dat debat om ging. Is de lijn in het zand die de ChristenUnie-fractie daar getrokken heeft, met het akkoord nu weg? Is een drie keer zo grote korting op de kinderbijslag via niet-indexeren nu wel acceptabel geworden?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik heb geconstateerd dat de Eerste Kamerfractie van het CDA voor het niet-indexeren was. Dat was dus al een heel groot verschil met onze inbreng in de Eerste Kamer. Ik deel het standpunt van de heer Heerma dat we moeten kijken hoe we gezinnen voldoende tegemoet kunnen komen. Daarin hebben wij altijd redelijk eensgezind opgetrokken, op een paar momentjes na, die ik net genoemd heb. Ik heb echter geen enkel voorstel gehoord van het CDA in dit debat om dat halve miljard terug te draaien. Ik heb geen amendement tot dat doel gezien. Als het ons menens is, dan moeten we ook echt kijken waar de mogelijkheden zitten. Ik heb ze van het CDA niet gehoord. Wij hebben ons maximaal ingespannen om die 600 miljoen van tafel te krijgen. Dan vind ik dat ook de CDA-fractie boter bij de vis moet doen en ik constateer dat dit tot nu toe niet gebeurd is.

De voorzitter:
Gaat u verder met uw betoog.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik had nog een aantal vragen. Als eerste hoor ik graag meer over de eigen visie van het kabinet ten aanzien van de kindregelingen. Het kabinet spreekt van een onderbenutting van talent als ouders met jonge kinderen zich gedwongen voelen om minder of niet meer te werken. Als ouders er zelf voor kiezen om minder of niet meer te werken, dan kunnen we toch niet spreken van "onderbenutting van talent"? Wat de ChristenUnie betreft, is de zorg voor kinderen even waardevol als werk en is het aan de ouders om te bepalen hoe zij zorg en arbeid verdelen. Staat de minister pal voor deze keuzevrijheid? Daar hoor ik graag een reactie op.

Over de ouderschapsverlofkorting heb ik ook nog wat vragen. Ik heb gezien dat dit een regeling is die haar doel niet altijd raakt en niet buitengewoon veel wordt aangewend, in ieder geval niet in de mate waarin dat was voorzien. Dat komt onder andere door de manier waarop de regeling is vormgegeven, vanwege de voorwaarde dat de korting niet hoger kan zijn dan de loondaling. Daarom komt de korting maar bij een heel beperkte groep terecht.

De heer Pieter Heerma (CDA):
In de bijdrage van de fractie van D66 bij de nota naar aanleiding van het verslag van deze wet staat dat na de invoering van deze wet, en na deze "hervorming", de nadruk meer zal moeten liggen en komt te liggen op arbeidsparticipatie. Is mevrouw Schouten het eens met die constatering en beoordeling van de fractie van D66?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik ga niet over het standpunt van D66, maar het zal toch bekend zijn dat mijn fractie en die van D66 op dit punt behoorlijk tegenover elkaar staan? Dat houd ik graag zo, of ik hoop in ieder geval dat D66 wellicht wat meer onze kant op komt. Volgens mij is namelijk een echt liberaal uitgangspunt dat mensen zelf hun keuzes mogen maken. De overheid moet niet sturen op de keuzes die mensen gaan maken. Ik hoop dus dat D66 dat inzicht ook nog een keer krijgt.

De heer Pieter Heerma (CDA):
Het is lastig om recht tegenover elkaar te staan bij een wetsvoorstel en een compromis dat je samen steunt. Ik constateer het volgende. Volgens mevrouw Schouten is het wetsvoorstel niet gericht op meer arbeidsparticipatie. D66 stelt echter dat het daarop wel is gericht. Die fractie vindt dát juist de winst van het voorstel. Dan liggen er dus wel twee heel verschillende uitleggen voor van hetzelfde compromis.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Nee. Volgens mij is er een balans gevonden. We hebben er enerzijds voor gezorgd dat we niet direct met een armoedeval te maken hebben als mensen gaan werken. Daarmee hebben mensen nu wel te maken en dat is niet iets wat de ChristenUnie als doel zou willen stellen. Anderzijds vragen we het kabinet dat het principe recht overeind blijft staan dat uiteindelijk de ouders degenen zijn die de keuzes maken bij de verdeling van arbeid en zorg. Niet de overheid moet die keuzes maken. Ik hoop van de minister te horen dat hij dat uitgangspunt nog steeds onderschrijft en ik ga er ook van uit dat hij dat nog steeds doet.

De voorzitter:
Gaat u verder met uw betoog, mevrouw Schouten.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik heb nog een vraag over de verlofregelingen die een rol spelen tussen werkgevers en werknemers, ook in het kader van de discussie over het ouderschapsverlof. Dit punt zit vaak vast op de mogelijkheden om dat verlof op te nemen. Kan de minister zeggen of hij op dat punt al stappen verder heeft gezet? Is hij bijvoorbeeld al in gesprek gegaan met de sociale partners over de vraag hoe er meer mogelijkheden kunnen worden gecreëerd? Hoe kan ouders daadwerkelijk keuzevrijheid worden geboden?

Uitgebreider wil ik stilstaan bij de positie van ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen. Zij kunnen een tegemoetkoming ontvangen, de zogenaamde TOG.

Mevrouw Karabulut (SP):
Voordat mevrouw Schouten overgaat naar een volgend punt, wil ik haar nog het volgende vragen. Ik had verwacht dat zij namens de ChristenUnie uitgebreider zou stilstaan bij de positie van alleenstaande ouders in de bijstand. Zoals mevrouw Schouten ongetwijfeld heeft gezien, vormen deze ouders met hun kinderen namelijk de groep die de rekening gepresenteerd krijgt. Zij gaan er honderden euro's op achteruit. Wat vindt mevrouw Schouten daarvan?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik constateer dat er bij de huidige regeling, de alleenstaandeouderkorting, een verzilveringsprobleem is. Dat geld komt al helemaal niet terecht bij de alleenstaande ouders die geen baan of een heel klein baantje hebben. Daar kun je dat namelijk helemaal niet verhalen. Ik ben blij dat daarvoor in de plaats de alleenstaandeouderkop is gekomen.

Laat ik het echter wat breder trekken. Ik heb ook nog even gekeken wat de SP op dit punt doet, want ik had deze vraag uiteraard wel verwacht. De SP bezuinigt sowieso 1 miljard op de kindregelingen. Dat is toch behoorlijk fors meer dan wat we hier nu vandaag bespreken. De SP gaat bovendien de regeling afbouwen vanaf een inkomen van €15.000 voor alleenstaanden. Het wettelijk minimumloon is in Nederland €18.000! Dat betekent dat de SP zelf ook al zou gaan afbouwen in de kindregelingen voor deze groepen. Ik vind het dus heel wonderlijk dat mevrouw Karabulut deze vraag stelt.

Mevrouw Karabulut (SP):
Mevrouw Schouten zou verder moeten kijken, namelijk naar wat er nog meer staat in ons verkiezingsprogramma. Wij doen nog meer voor deze groepen. Wij kiezen daarbij niet voor de maatregelen met de kindregelingen zoals die nu zijn vormgegeven, in combinatie met alle andere bezuinigingen die worden uitgestort over mensen met de laagste inkomens. Wij verhogen het sociaal minimum. Wij verhogen het wettelijk minimumloon. Wij maken de kinderbijslag inkomensafhankelijk. Dat komt allemaal de mensen met de lage inkomens en de middeninkomens ten goede. Dat zou mevrouw Schouten merken als zij verder zou kijken naar de koopkrachtcijfers die bij de voorstellen van de SP horen.

De voorzitter:
Wat is uw vraag, mevrouw Karabulut?

Mevrouw Karabulut (SP):
Uit de koopkrachtcijfers die bij de maatregelen horen die wij nu bespreken, blijkt echter dat juist de mensen met deze inkomens het meest fors moeten inleveren. Hoe kan mevrouw Schouten dat accepteren?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Dit wetsvoorstel is een zelfstandig wetsvoorstel. Ik kan ook mijn verkiezingsprogramma erbij halen om te zien wat er nog meer gebeurt voor deze groepen. Het is waar dat wij een balans hebben gezocht tussen de verzachting van de maatregelen, ook voor alleenstaande ouders — dat is gebeurd door het begrotingsakkoord — en ervoor zorgen dat er geen armoedeval komt als die ouders juist gaan werken. Dat is een kwestie van wikken en wegen. Ik vind dat we een goede balans hebben gevonden, juist omdat we de harde kanten ervan af hebben gehaald, terwijl het nog steeds lonend is voor die ouders om te gaan werken.

De voorzitter:
Gaat u verder met uw betoog.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
De tegemoetkoming voor ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen (TOG) wordt nu opgenomen in de kinderbijslag. Als de partner een zeer laag inkomen heeft of alleenverdiener is, kunnen ouders nog een extra aanvulling ontvangen, en terecht. Maar deze extra aanvulling blijft dankzij het begrotingsakkoord bestaan; ze gaat over naar de kinderbijslag. Er was eerst nog sprake van dat die aanvulling ook zou worden afgeschaft, maar dat gebeurt gelukkig niet. Maar alleenstaande ouders die voor thuiswonende gehandicapte kinderen kunnen zorgen, hebben hier geen recht op, omdat zij geen andere partner hebben die alleenverdiener zou kunnen zijn. Dat vinden wij een scheve situatie, die wij heel graag recht willen zetten. Ik heb dan ook een amendement ingediend om alleenstaande ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen ook recht te geven op de extra aanvulling. Graag hoor ik de appreciatie van de minister.

Ik heb nog een vraag over de zware situatie die voor gezinnen kan ontstaan als de moeder bij de bevalling overlijdt. Dat zal later nog aan de orde komen, als we spreken over de verlofregelingen, maar ik wil hiervoor nu alvast aandacht vragen. De vader die in deze situatie doorgaans overblijft, moet de zorg voor het pasgeboren kind of de kinderen die er al zijn, op zich nemen. Maar de mogelijkheden voor verlof zijn in die situatie beperkter. Het bevallingsverlof dat de moeder anders zou krijgen, kan de vader niet overnemen. De minister zal hierover in gesprek gaan met de sociale partners. Heeft dit gesprek ondertussen al plaatsgevonden? Wanneer mogen we anders de resultaten hiervan verwachten? We moeten dit wat ons betreft niet te ver naar achteren schuiven. Wij willen daarom dat er snel een oplossing komt voor gezinnen in deze situatie. Ik hoop dat de minister op dit punt meer kan toezeggen.

De Belastingdienst heeft aangegeven dat de alleenstaandeouderkop, waarvan wij op zich een groot voorstander zijn, ook door de vereenvoudiging, wel een risico met zich draagt: meer mensen kunnen zich als alleenstaande ouder gaan inschrijven.

De heer Van Weyenberg (D66):
Mevrouw Schouten vroeg aan de minister of het overleg over het bevallingsverlof met sociale partners heeft plaatsgevonden. Ik vond het antwoord van de minister eerlijk gezegd teleurstellend, want ik had gehoopt dat hij gewoon met een wettelijke oplossing wilde komen. Ik ben bezig die oplossing voor te bereiden, samen met collega Heerma. Maak ik uit de inbreng van mevrouw Schouten op dat zij ook vindt dat dit gewoon goed in de wet moet worden geregeld?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ja, ik zei aan het eind van die alinea dat we dit niet naar achteren moeten schuiven. Wij willen dat er snel een oplossing komt. In de woorden van de heer Van Weyenberg betekent dit dat we dat gewoon snel moeten gaan regelen.

De heer Van Weyenberg (D66):
Dan zie ik ernaar uit om daarin samen op te treden.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Heel goed.

Wij hebben met de staatssecretaris van Financiën al eens over fraude gesproken. Dit punt heeft natuurlijk ook met de GBA te maken. Ik denk dat er op dit punt iets meer coördinatie moet komen, omdat het verschillende beleidsterreinen gaat raken. Heeft de minister hier al met zijn collega's over gesproken? Wat voor mogelijkheden ziet hij om te voorkomen dat er straks een soort perverse prikkel komt om je als alleenstaande ouder te gaan inschrijven, terwijl dat misschien feitelijk niet het geval is?

Mijn laatste punt gaat over Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Mijn fractie heeft al vaker aandacht gevraagd voor de inkomensondersteuning van gezinnen op deze eilanden. De huidige kinderkorting leidt tot verzilveringsproblematiek voor gezinnen met een laag inkomen, omdat het een fiscale regeling is. Er is een motie van de ChristenUnie aangenomen waarin wordt gevraagd om te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om de kinderkorting om te vormen tot een kinderbijslagregeling. De staatssecretaris van SZW heeft hierop destijds geantwoord, maar aangezien dit ook met de kindregelingen te maken heeft, stel ik de vraag ook aan de minister. Ik ben benieuwd of hij al meer kan vertellen over de stand van zaken met betrekking tot dat onderzoek.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):
Ik wil terugkomen op dat bedrag van 600 miljoen dat er dankzij de ChristenUnie en de SGP is gekomen. Wat dat betreft is dit voorstel echt een overwinning voor de christelijke partijen. Uit eerdere bijdragen van de ChristenUnie in zowel de Eerste als de Tweede Kamer heb ik begrepen dat er grote zorgen zijn over de eventuele gevolgen van maatregelen voor alleenstaande ouders met een laag inkomen. Zo maakte de heer Ester van de Eerste Kamer zich zorgen over het feit dat ruim 60% van de alleenstaande ouders met bijstand onvoldoende geld heeft voor een jaarlijkse vakantie, regelmatig nieuwe kleren of een fatsoenlijke warme maaltijd. Is het niet veel logischer om in plaats van gratis schoolboeken voor iedereen, die 600 miljoen te besteden aan deze gezinnen waarover ook de heer Ester zich zorgen maakt?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Die tegemoetkomingen kunnen worden gegeven door gemeenten. Het is dus niet waar dat het helemaal niet gebeurt. Als er meer middelen nodig zijn, houdt de gemeente beleidsvrijheid om in specifieke gevallen een tegemoetkoming te verstrekken. Mijn partij is er een voorstander van om te bezien hoe regelingen uitpakken, ook voor de lage inkomens. Juist ten aanzien van de kindregelingen hebben wij altijd betoogd dat dit zaken zijn die je in den brede moet vormgeven. Het is immers geen uitkering maar een tegemoetkoming in de kosten die kinderen met zich meebrengen. Dat geldt voor zowel de kinderbijslag als het kindgebonden budget. Vanuit dat principe staan wij achter onze keuzes. De scherpe kanten hebben wij voor de mensen in de bijstand eraf weten te halen. Daar ben ik blij om. Tegelijkertijd hebben wij gezocht naar een balans om armoedeval te voorkomen.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):
Die middelen die gemeenten hebben, waren er natuurlijk ook al toen wij in de Tweede en de Eerste Kamer spraken over het niet-indexeren van de kinderbijslag, dus toen de heer Ester zijn zorgen uitte. Dat betreft die 100 miljoen die gemeenten kunnen besteden. Daarover waren toen al zorgen. Die worden niet weggenomen met dit voorstel. Ik herhaal mijn vraag dan ook. Mevrouw Schouten gaat niet in op de vraag: waarom gratis schoolboeken voor iedereen, terwijl de armoede onder kinderen toeneemt? Waarom wordt het geld voor die gratis schoolboeken voor iedereen niet besteed aan kinderen van alleenstaande ouders in de bijstand? Dat zou toch veel solidairder zijn?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
In mijn inbreng had ik het over het gezin dat aan het kijken was hoe het de kosten voor de kinderen op de middelbare school moest opvangen. Overal werd geld vandaan geschraapt, bijvoorbeeld het vakantiegeld. De suggestie van mevrouw Voortman dat al die mensen die kosten voor schoolboeken wel zelf kunnen ophoesten als gratis schoolboeken voortaan alleen beschikbaar zijn voor bijstandsgerechtigden, klopt niet. Er zijn mensen met een modaal inkomen die daar ook last van zullen hebben en daar moeten wij ook rekening mee houden. Wij hebben gezocht naar een balans en wat ons betreft is die nu gevonden.

Mevrouw Karabulut (SP):
Ik ga toch nog een poging wagen. Ik ben blij dat die gratis schoolboeken er gewoon weer in zitten en dat mensen die boeken krijgen; dat is hard nodig. Is het een idee om de kinderbijslag voor de allerhoogste inkomens, boven een ton, af te toppen en dat geld vervolgens te investeren in alleenstaande ouders met kinderen die nu nog dieper in de armoede worden gestort?

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik ben blij dat de SP blij is dat de gratis schoolboeken gratis blijven. In haar eigen verkiezingsprogramma schaft de SP die immers af. Ik ben in ieder geval blij dat er sprake is van voortschrijdend inzicht bij de SP op dit punt. Ik heb net duidelijk uitgelegd aan mevrouw Voortman dat wij vinden dat er ten aanzien van kindregelingen sprake is van een tegemoetkoming in de kosten die alle ouders hebben en dat een kinderbijslag als een soort basisniveau fair is. Volgens mij was het destijds een van onze ministers, de minister voor Jeugd en Gezin, die ervoor heeft gezorgd dat dit bedrag nog fors is opgehoogd met een inkomensafhankelijke regeling. Er is dus al tegemoetgekomen.

Mevrouw Karabulut (SP):
U kunt de vraag wel willen ontwijken door in de achteruitkijkspiegel te kijken of een stap vooruit te kijken, maar ik heb het over de feiten van nu. Ik erken dat u een aantal zaken hebt verzacht en dat de bezuinigingen minder erg zijn geworden. Alleen, er is nog één groep die heel hard, te hard, wordt getroffen. Dat is de groep waar ook de ChristenUnie zich altijd druk om maakte en waar zij voor wilde zorgen. Dat laat u nu los wanneer die groep mensen honderden euro's per jaar moet inleveren terwijl die mensen al moeite hebben om rond te komen en terwijl zij ook kleine baantjes hebben. Dat is jammer.

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Ik heb de vraag niet ontweken. Ik heb geprobeerd uit te leggen dat wij een balans hebben gezocht om de groep mensen met een uitkering niet te zwaar te raken en tegelijk te zorgen dat er geen sprake is van een armoedeval. Dat is balanceren. Over de groep 100.000-plus heb ik aangegeven dat wij het echt een principekwestie vinden dat een tegemoetkoming in de kosten door de overheid is gerechtvaardigd als er kinderen worden geboren. Ik heb er niet meer op te antwoorden dan dit.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

« Terug

Nieuwsarchief > 2014

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari