Voor Joden weer vijf voor 1933 (column ND)

2012-gertjan-segersAPR_2346dinsdag 29 juli 2014 08:08

Bij alles wat mijn vader me over de Tweede Wereldoorlog vertelde, was de genocide op zes miljoen Joden het meest onbevattelijke. Hoe kon een land met zo veel weldenkende mensen, zo veel christendom, met een cultuur die Bach en Goethe had voortgebracht, tot zo’n weerzinwekkende, systematische massamoord komen?

Ik zag de foto’s met lachende gezichten in het nazi-stadion van Neurenberg, waar ze zich lieten opzwepen door de woorden van Goebbels en Hitler. Foto’s met trotse jongens die met wapperende vlaggen door de straten lopen, met brave burgers die zich vrolijk maakten om Joden die met tandenborstel de stoep moesten schoonmaken. En ik had het ze wel willen toeschreeuwen: ‘Doe het niet, in naam van God, Bach en Goethe, doe het niet!’ Want ik wist wat zij toen nog niet wisten. Dat deze geschiedenis zou eindigen bij de stapels uitgemergelde lijken op een kar, bij de rokende schoorstenen van Auschwitz. Wat begon met wat onsamenhangende, racistische gedachten, kreeg steeds meer woorden, werd steeds grotere pesterijen en werd uiteindelijk de Holocaust.

wapperende vlaggen
Na afloop prevelden veel Duitsers dat ze er niets van hadden geweten. Maar daar verschuilen ze zich tegenwoordig niet meer achter. Duitslands grootste krant opende vorige week met een voorpagina vol bekende Duitsers en de chocoladeletters ‘Nie wieder Judenhass!’ Ze weten inmiddels heel goed dat hatelijke gedachten en woorden nooit onschuldig zijn. En ook daar neemt de haat in volume toe, net als in onze omstreken. Een eindeloze stroom tweets met de ergste verwensingen aan ‘kk joden’ en de veel geuite wens dat Hitler zijn werk had moeten afmaken. Hakenkruisen bij Gazademonstraties, een Turks café met een bordje ‘voor Joden verboden’ en opnieuw trotse jongens die met wapperende vlaggen door de straten lopen en ‘dood aan de Joden’ schreeuwen.

Natuurlijk kun je dit ranzige antisemitisme niet los zien van de Gaza-oorlog. Maar toch is hier meer aan de hand. Want er zijn talloze Nederlanders die kritisch zijn op Israëls reactie op de raketten en tunnels van Hamas en hun kritiek uiten zonder een spatje antisemitisme. Dat Israëlkritiek nu zo ontaardt in antisemitisme, heeft een reden: de islam. Beter gezegd: een bepaalde versie van de islam.

Waar vorige week in Den Haag anti-Israëlische toespraken in het Nederlands werden gehouden, waren de slogans meestal in het Arabisch. Met onder meer verwijzingen naar Khaibar, de plaats op het Arabisch schiereiland waar de Joodse bewoners door Mohammed en zijn leger werden gedood of onderhorig gemaakt en later helemaal verdreven. Het zijn deze episodes die de mannen met baarden inspireren. Het is een islamitisch geïnspireerde obsessie met land dat ooit van moslims was en waarvan een klein strookje langs de Middellandse Zee nu door Joden wordt bewoond. Dat leidt ertoe dat de moord op tienduizenden moslims in Syrië, Irak, Sudan deze dagen voorbijgaat zonder een woord van protest, terwijl de honderden doden in Gaza veel moslims in vuur en vlam zetten.

niet meer veilig
Verwijzen naar de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog is voor veel Europeanen genoeg om op hun woorden te letten. Voor een groep islamitische medeburgers is een verwijzing naar een moordpartij van weleer juist eerder een aanmoediging. De eindoplossing – dood of verdrijving – is voor hen geen schrikbeeld, maar juist een ideaal. Het laat zien dat een goed gesprek hier niet helpt, maar dat deze mensen verlost moeten worden. Door God.

En wat ons, mensen, te doen staat is niet het aaien met de zachte hand van burgemeester Van Aartsen (‘er zijn geen grenzen overschreden’ en ‘het OM moet er maar naar kijken’), maar het fier verdedigen van de grenzen van de rechtsstaat. Juist omdat we weten dat oproepen tot haat en dood niet onschuldig zijn, ligt daar de grens van de vrijheid van demonstratie en meningsuiting.

Bij de Gazademonstratie van vorige week in Den Haag waren er meer omstanders en meelopers dan antisemitische schreeuwlelijken. Die meelopers zijn hopelijk nog wel voor rede vatbaar en de omstanders kunnen nog wel geraakt worden met juiste woorden van medemoslims, leraren, opiniemakers, politici die hen waarschuwen voor gedachten en woorden die uiteindelijk kunnen doden. En voor ons allemaal is dit het moment om op te staan. Het is vijf voor 1933. Want op het moment dat een kleine minderheid als de Joodse hier niet meer veilig kan wonen, houden wij op beschaving te zijn.

Gert-Jan Segers is Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie. Hij schrijft in het Nederlands Dagblad iedere zes weken een column.

« Terug

Reacties op 'Voor Joden weer vijf voor 1933 (column ND)'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2014

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari