Bijdrage Carola Schouten aan het plenair debat over belastingontwijking

donderdag 05 maart 2015 00:00

Bijdrage van ChristenUnie Tweede Kamerlid Carola Schouten als lid van de vaste commissie voor Financiën aan een plenair debat met staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën

Onderwerp:   Debat over belastingontwijking

Kamerstuk:    25 087

Datum:           5 maart 2015

Mevrouw Schouten (ChristenUnie):
Voorzitter. Het debat over de belastingontwijking gaat volgens mijn fractie niet primair om de vraag of de Belastingdienst wel goed de regels toepast die we met elkaar hebben afgesproken of over de vraag wat het ons oplevert ten opzichte van wat het ons kost. Dit is een debat over rechtvaardigheid en over de politieke wenselijkheid van afspraken die we hebben gemaakt. Dat zijn afspraken die multinationals veel mogelijkheden geven om — laat ik het zo maar zeggen — creatieve fiscale wegen te bewandelen. Die wegen zorgen er ook voor dat mkb-bedrijven een hogere belastingdruk krijgen en ontwikkelingslanden minder krijgen dan ze verdienen. Belasting heffen is in essentie namelijk keuzes maken. Wie laat je welk deel betalen? Als we de een minder laten betalen, betekent dat automatisch dat de ander waarschijnlijk meer gaat betalen.

Een vraag die in ons achterhoofd blijft zitten is: waarom is de Belastingdienst zo dienstbaar in het toepassen van de tax rulings? Hoeveel mensen zijn hier nu mee bezig? De heer Merkies vroeg dat ook al, geloof ik. Wat zijn de kosten om die rulings elke keer toch maar weer af te geven? Natuurlijk, als je het niet vooraf doet, zal achteraf vastgesteld moeten worden hoeveel belasting er geheven moet worden, maar vindt er niet bijna een soort trial-and-error plaats om te zien wat de grenzen van onze fiscale wetgeving zijn? Dat veel belastingkantoren daar veel geld mee verdienen, is een eerste punt. Maar dat onze Belastingdienst telkens veel kosten moet maken om daarop te reageren, is een volgende punt. Dat is publiek geld. Kan de staatssecretaris daar meer inzicht in geven? Vindt hij de verhouding kloppen van het deel dat wij daaraan besteden?

Het rapport van de Rekenkamer laat zien dat door het ontbreken van bijvoorbeeld bronbelasting op rente en royalty's, de structuur van de 94 belastingverdragen, de brievenbusmaatschappijen en de ongeveer 600 rulings die jaarlijks worden afgegeven Nederland Europees en internationaal vooroploopt als fiscaal aantrekkelijk land. Laat ik het maar heel eufemistisch zeggen. De Rekenkamer constateert dat wij zelfs in het rijtje vallen van het Verenigd Koninkrijk, Zwitserland en Luxemburg. Mijn fractie is daar niet zo heel erg trots op. Is de staatssecretaris hier wel trots op? Of had hij ook niet zo nodig in dat rijtje gehoeven?

Wat kunnen wij hieraan doen? Dat is de grote vraag. Wij moeten daarbij ook naar onszelf kijken. Welke verdragen sluiten wij? Wat staat daarin? Een toverwoord, wat ons betreft, is transparantie. Dan heb ik het inderdaad ook over country-by-countryreporting. Mijn fractie heeft er al heel lang voor gepleit, ook in andere commissies, hier meer stappen in te zetten. Er worden in OESO-verband en in Europees verband nu wat stappen gezet, maar is de staatssecretaris bereid om hierin een voortrekkersrol te nemen? Wil hij ook aangeven hoe snel hij dat eventueel kan gaan doen?

Ik wil ook ingaan op de ontwikkelingslanden. Een aantal landen waarmee wij verdragen hebben afgesloten, zijn bijzonder arme landen. Zij krijgen nu een cursus verdragsonderhoud om te bekijken hoe zij beter hun belastingen kunnen innen. Is er niet meer nodig dan een cursus verdragsonderhoud? Kunnen wij niet ook technische assistentie gaan verlenen om ervoor te zorgen dat juist de arme landen waarmee wij verdragen hebben gesloten, een fair share kunnen gaan innen van wat hun toekomt?

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.

« Terug

Nieuwsarchief > 2015

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari