ChristenUnie wil hoorzitting over terugtrekken Nederlands bedrijfsleven uit Israël

Inspiratiedag2-610donderdag 09 januari 2014 17:38

De ChristenUnie heeft met verbazing kennis genomen van het feit dat alweer Nederlands bedrijf, dit keer pensioenfonds PGGM, zich uit Israël terugtrekt. Eerder maakten de Nederlandse bedrijven Royal Haskoning & Vitens al bekend niet langer activiteiten te ontplooien in Israël.

Kamerlid Joël Voordewind: “Dit kabinet voert een actief ontmoedigingsbeleid voor Nederlandse bedrijven die direct of indirect zaken doen in de West Bank. Daardoor ontstaat er nu een soort boycotcultuur waardoor Nederlandse bedrijven nu één voor één weglopen. Dit schaadt niet alleen de Nederlandse handel maar ook de relatie met Israël. Daarmee handelt het kabinet in strijd met haar eigen regeerakkoord waarin staat dat de goede relaties met Israël en de Palestijnse Autoriteit benut worden om het vredesproces te bevorderen.”

Hoorzitting

Vanwege het besluit van deze drie Nederlandse bedrijven heeft Joël Voordewind de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken verzocht om in te stemmen met een hoorzitting. In deze hoorzitting zouden de desbetreffende bedrijven uitgenodigd moeten worden om aan te geven waarom zij zich terugtrekken. Voordewind: “Het is belangrijk dat de bedrijven zelf aangeven waarom ze het besluit hebben genomen niet langer zaken te doen met – en in – Israël. Daarnaast is het goed als de Israëlische ambassadeur en Palestijnse vertegenwoordiger in Nederland komen vertellen wat er precies aan de hand is.” 

Ontmoedigingsbeleid

Ook wil de ChristenUnie dat vertegenwoordigers van verschillende organisaties – zowel voor als tegenstanders van het gevoerde beleid – hun visie geven op het gevoerde ontmoedigingsbeleid. Voordewind: “Het kabinet moet oppassen dat ze niet voor de troepen gaat uitlopen. Het recente bezoek van het Nederlandse kabinet aan Israël en de Palestijnse gebieden, omgeven door irritaties,  heeft de onderlinge betrekkingen al geen goed gedaan. De huidige ontwikkelingen zet die verhoudingen nog verder onder druk. Minister Timmermans geeft telkens aan dat Nederland een positieve rol wil spelen in het vredesproces, maar tot nu toe komt daar nog maar weinig van terecht.”

Schriftelijke vragen

Eerder deze week stelde Voordewind schriftelijke vragen aan de Minister van Buitenlandse Zaken aangaande het ontmoedigingsbeleid. Deze staan hieronder:

1. Herinnert u zich nog dat u in het debat van 12 december toezegde dat u in het verslag van de reis naar Israel en de Palestijnse gebieden in zou gaan op het afzeggen van het bezoek van minister Ploumen aan Mekorot?

2. Deelt u de mening dat u daar niet op in bent gegaan zowel in uw brief en in de beantwoorde Kamervragen, waarnaar u verwijst in het reisverslag?

3. Kunt u aangeven waarom de Nederlandse regering heeft afgezien van het aanwezig zijn bij Mekorot en of de regering nog steeds achter dat besluit staat? Herkent de minister de publiekelijke opmerkingen van Vitens dat ambtenaren van buza vitens erop gewezen hebben dat Mekorot investeert in de nederzettingen en dat dit illegaal zou zijn?

4. Vindt de minister de politieke stellingname werkbaar als het zegt dat bedrijven die direct investeren in de nederzettingen ontmoedigd worden terwijl bedrijven die indirect dit doen door Israëlische partners, niet ontmoedigd worden? Deelt u de mening dat dit voor bedrijven onduidelijkheid oplevert?

5. Hoe verhoudt het ontmoedigingsbeleid van dit kabinet zich tot de Oslo-akkoorden aangezien het gezag en beheer over de C-gebieden volgens deze akkoorden toegewezen was aan Israel totdat er een definitief vredesakkoord zou zijn?

6. Kunt u deze vragen voor woensdag 10 uur beantwoorden, zodat we hiervan kennis kunnen nemen voordat we in gesprek gaan met Vitens in de Tweede Kamer?

Labels
Buitenlands beleid
Israël
Joël Voordewind
Tweede Kamer

« Terug

Nieuwsarchief > 2014 > januari