Groningen wacht op één antwoord (column Christelijk Weekblad)

carla-dik-banner-2-944x390donderdag 29 januari 2015 14:29

We lopen het Universitair Medisch Centrum Groningen uit. Op de stoep ligt een groep actievoerders. Hun kleding is besmeurd met ketchup. Op de borden tussen hen in staan teksten over gaswinning en bloedgeld. Lees hier de column van Carla Dik-Faber.

De boodschap van de actievoerders is niet mis te verstaan. Ze liggen er speciaal voor ons. De commissie Economische Zaken is op werkbezoek in Groningen. Vanwege de aardbevingen en de onrust in het gebied. Natuurlijk ben ik erbij.

De actievoerders staan niet alleen. De provincie, de Hanzehogeschool, de Rijksuniversiteit en het UMCG luiden de noodklok. Hun verhaal heeft in alle kranten gestaan. Jos Aartsen, directeur van van het UMCG, zat aan tafel bij Nieuwsuur. De nuchtere Groningers, verenigd in de Groninger Bodem Beweging, laten van zich horen. Augustus 2012 is in het geheugen gegrift. De beving bij Huizinge met een kracht van 3.6 op de schaal van Richter deed Groningen letterlijk opschudden. Daarna hield het niet op. In september vorig jaar was er een beving met een kracht van 2.8 op de schaal van Richter. Voor het eerst werd de beving tot in het centrum van de stad Groningen gevoeld. Sindsdien hebben stad en ommeland de handen ineengeslagen. Verbonden door hun gezamenlijke strijd tegen de NAM, de overheid en iedereen die verantwoordelijk is voor de grote hoeveelheden gaswinning. Hun verhaal is bekend, maar maakt indruk als we het uit eigen mond horen. Zwaardere bevingen zijn niet uit te sluiten. Wat gebeurt er dan in de operatiekamers? Op de intensive care? Gevoelige medische apparatuur is niet bestand tegen aardbevingen. En waar moeten de mensen naar toe voor medische hulp als het UMCG zelf door een aardbeving getroffen is? Het zijn vragen waarop maar 1 antwoord mogelijk is.

We zijn in Rottum. De geschiedenis van dit dorpje reikt terug tot de tijd van Christus, toen de eerste bewoners zich vestigden op deze wierde. In de 6e eeuw wordt ‚Rotton’ voor het eerst genoemd, als eigendom van een nabijgelegen klooster. We lopen op eeuwenoude grond. De gebouwen ademen vele eeuwen historie. Bewoners vertellen hun verhaal. Thuis, dat is een plek waar je je terug kunt trekken en waar je je veilig voelt. Wat is er over van deze veiligheid? Niet veel, soms niets. Eerder waren de dorpsbewoners te zien in het programma ‚Beven op de bult’ van RTV Noord. De beelden nu zijn dezelfde. Een van de huizen wordt nog steeds gestut door zware balken. Eenvoudige schade is snel gerepareerd. Voor het oog, want naar de funderingen wordt niet gekeken. Wordt het een beetje ingewikkelder, dan beland je al snel in juridische gesteggel. Bewijs maar eens dat de schade ontstaan is door de aardbevingen. Eeuwenoude huizen hebben immers wel eens een scheur. Onder het mom van ‚achterstallig onderhoud’ worden tal van schadeclaims door de NAM terzijde geschoven. Bewoners voelen zich machteloos. In het nabijgelegen Usquert heeft een eeuwenoude herenboerderij, onlangs nog ambachtelijk gerestaureerd, fikse schade opgelopen door de aardbevingen. Het zijn de ‚kathedralen' van het Groninger landschap. En dan zijn er nog de eeuwenoude kerken met monumentale orgels, die tot over onze landsgrenzen bekend en geliefd zijn. Aardbevingsbestendig maken is het toverwoord van de NAM. Maar wat krijg je daarvoor? Een huis dat aan de binnenkant volledig vernieuwd is met een stalen constructie. Weg monument, weg ziel. Dromen vervliegen. Hierop is maar één antwoord mogelijk.

In de trein op weg naar huis werp ik een blik naar buiten. Op het perron hangt reclame voor vloerisolatie. In grote letters staat op de affiche ‚wij wonen nu altijd comfortabel’. Ik moet aan de mensen denken die ik vandaag heb gesproken. Het contrast kan niet groter zijn. Groningers zijn nuchter en ze hebben vandaag op waardige wijze gesproken. Maar ze zijn bezorgd. Spreken met emotie in hun stem. Er is maar 1 antwoord dat de politiek kan geven en dat is: de gaskraan verder dichtdraaien. Na wat we vandaag gezien en gehoord hebben, is geen ander antwoord mogelijk. Diezelfde dag krijg ik via Twitter een reactie van iemand uit de Randstad. Voor het eerst. Wat kunnen wij doen? Het zet mij aan het denken. De Groningers zijn het beu. Zij voelen zich in de kou staan, terwijl zij al decennia lang heel Nederland van warmte voorzien. Wat kunnen wij doen? U en ik? Na vandaag wil ik me met nog meer vuur in het politieke debat werpen. Om de minister en anderen te overtuigen dat de gaswinning echt moet worden teruggeschroefd. De reacties op Twitter komen ook al snel. Mensen willen graag iets doen en opperen meer inzet op schone energie. Zeker, eens. In mijn eigen woonplaats verrijst zelfs een hele woonwijk zonder aansluiting op het gasnet. Maar gaat de omslag naar schone energie snel genoeg? Ik vrees dat de Groningers daar nu niet mee geholpen zijn. Is er echt niet meer dat we kunnen doen? Iets tastbaars? Iets om de Groningers te laten zien dat ze er niet alleen voor staan? Ik kauw nog even door op deze vraag. Wat is uw antwoord?

Labels
Carla Dik
Column
Tweede Kamer

« Terug

Reacties op 'Groningen wacht op één antwoord (column Christelijk Weekblad)'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2015 > januari