Peter Ester pleit voor verantwoord, realistisch, groen en rechtvaardig belastingplan

Portretfoto Peter Estermaandag 14 december 2015 20:00

Bij de behandeling van het Belastingplan 2016 op maandag 14 december in de Eerste Kamer zette Peter Ester aan de hand van vier vragen vraagtekens bij het belastingplan.

1) Is het verantwoord, met een lastenverlichting van € 5 miljard, terwijl het kabinet dat bedrag moet lenen en de staatsschuld laat oplopen?
2) Is het realistisch, met een fictieve banenclaim van 35.000 op basis van een CPB-model, terwijl de werkloosheid nauwelijks daalt; en is dat niet erg veel geld voor zo weinig banen?
3) Is het groen genoeg, met een vrijstelling van de kolenbelasting?
4) En is het belastingplan rechtvaardig, nu het de verschillen tussen één- en tweeverdieners nog verder op laat lopen en chronisch zieken en gehandicapten worden vergeten?

Lees hieronder de volledige bijdrage, zoals uitgesproken in de eerste termijn.

Allereerst mijn felicitaties aan collega Van Rij met zijn maidenspeech.

Voorzitter, het antwoord op de vraag of je warm of koud wordt van het voorliggende Belastingplan, hangt af van de vraag of je de onderliggende economische analyse deelt en instemt met de beleidsmatige consequenties die daaraan verbonden worden. De ChristenUnie-fractie heeft op basis van dit analysekader twijfels over dit Belastingplan. Ik wil dan ook niet te snel in de technocratische modus schieten door de verschillende fiscale maatregelen van een louter instrumentele weging te voorzien. Mijn fractie heeft behoefte aan een meer reflexieve bijdrage aan dit debat. En dat doe ik aan de hand van vier vragen: is het Belastingplan verantwoord, is het Belastingplan realistisch, is het Belastingplan groen en is het plan rechtvaardig?

Is het Belastingplan verantwoord?

Het economische beeld dat het Belastingplan 2016 schetst, is doordrenkt van optimisme. En er is gelukkig ook het nodige om dankbaar voor te zijn. De Nederlandse economie, zo leert ons de decemberraming van het CPB van afgelopen vrijdag, groeit dit jaar met 2% en volgend jaar met 2,1%. Mooie, maar ook fragiele cijfers. Zoals mijn fractie tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen van een maand geleden betoogde, kan naast dit optimistische beeld een beeld van aanhoudende zorg worden gelegd. De werkloosheid in ons land blijft op een onacceptabel hoog niveau: 600.000 werklozen, waarvan bijna de helft langdurig werkloos is. Het internationale economische en politieke toneel biedt een verwarrend spectrum van onzekerheid, terreurdreiging en terugslag. De ISIS-terreur laat eens te meer zien dat investeringen in veiligheid, justitie en defensie geen restpost mogen zijn. De vluchtelingenstroom plaatst ons land voor immense opgaven; onze Minister van Financiën gaf zelfs aan dat de welvaartsstaat op het spel staat.

Al deze ontwikkelingen zullen hun impact hebben op onze economie en onze financiële stabiliteit. In deze hoogst onzekere context vindt de ChristenUnie-fractie het geen vanzelfsprekende keuze om € 5 miljard lastenverlichting uit te delen. Zeker, er is in de afgelopen zeven jaar veel van de Nederlandse bevolking gevraagd. De neiging om wat terug te doen is begrijpelijk. Maar juist nu het weer wat beter gaat moeten we niet in oude procyclische fouten vervallen. Ook niet wanneer het verkiezingsjaar nadert. Het geld voor de belastingverlichting hebben we immers niet op de plank liggen, maar moet gewoon geleend worden. We zien dan ook dat onze EMU-schuld niet onder de 60%-norm komt en dat ons structureel begrotingstekort stijgt. De Raad van State trekt hier terecht aan de bel. En de jongste raming van het CPB laat zien dat het structurele begrotingstekort snel oploopt van 1,3% in 2015 naar 1,9% in 2016. De Nederlandsche Bank (DNB) voorziet zelfs een verder oplopend structureel tekort naar 2,5% in 2017. Waar DNB ook op wijst is dat de economische groei dit en de komende jaren boven de potentiële groei ligt. De logische vraag die daarbij hoort is: hoe nodig is het om juist in 2016 een geleende lastenverlichting van € 5 miljard uit te delen om de economie aan te zwengelen? Kan de staatssecretaris hier op reageren?

De ChristenUnie-fractie, voorzitter, weet zich geïnspireerd door het oud-Testamentische verhaal van Jozef. Deze onderkoning van Egypte zorgde ervoor dat de graanschuren tijdens de jaren van overvloed gevuld waren, zodat het land goed bestand was tegen de hongersnood die volgde. Dat beleid kan Nederland tot voorbeeld dienen. Juist nu het weer wat beter gaat met de Nederlandse economie, moeten we onze buffers op peil brengen - de graanschuren gevuld houden - zodat we opgewassen zijn tegen komende stormen. Mijn fractie moet er van overtuigd worden dat het € 5 miljard pakket ons land op lange termijn echt sterker maakt, waarbij de overheidsfinanciën moeten worden meegewogen. Bovendien zijn de baten ongelijk verdeeld, waarover zo dadelijk meer. Van een fundamentele hervorming van ons belastingstelsel is geen sprake. Daar was geen politieke ruimte voor. Wat nu voorligt zijn wat goedbedoelde maatregelen rond het lonender maken van arbeid. Daarbij wordt verbaal stevig ingezet op de banen die het Belastingplan oplevert: 35.000 om precies te zijn. Eigenlijk een zeer bescheiden aantal gezien de omvang van de werkloosheid in ons land en gezien het bedrag van € 5 miljard lastenverlichting. Het toont dat fiscale stimulering van de arbeidsparticipatie door het arbeidsaanbod te prikkelen veel minder effectief is dan in vroeger jaren. De novelle onderstreept deze conclusie nog eens. De verschuivingen in de novelle leiden namelijk tot 0,0% extra banen. Een opvallend resultaat.

Mijn fractie zag uit naar een hervorming van ons belastingstelsel die niet eenzijdig gebaseerd is op het primaat van betaalde arbeid, dat oog heeft voor mensen die verantwoordelijkheid nemen waar het gaat om zorg voor kinderen, mantelzorg en de zorg voor chronisch zieken en gehandicapten, dat een goede balans vindt tussen individu en huishouden, en dat vergroening en verduurzaming van onze economie door de juiste fiscale prikkels serieus neemt. Dat heeft niet zo mogen zijn en de ChristenUnie-fractie betreurt dat. Een gemiste kans kortom. En gelet op het snel oplopende structurele begrotingstekort heeft dit kabinet in haar nadagen ook nog eens het broodnodige smeermiddel voor een stelselherziening weggegeven.

Of, voorzitter, heeft staatssecretaris nog wel de ambitie om alsnog een poging te wagen tot een grondige stelselherziening in de resterende kabinetsperiode? Kunnen we nog een initiatief van hem verwachten of berust hij? Mocht de staatssecretaris de stelselherzieningshandschoen toch weer op willen pakken, dan roepen we hem en het kabinet op een doortastender regie te voeren. Het volstaat niet om partijen fiscaal tegen elkaar te laten opbieden en vervolgens te constateren dat het wel erg druk wordt bij de geldloketten. Deze belastingpolitiek Nieuwe Stijl heeft het voordeel van transparantie, maar ook het nadeel van zichtbare politieke onmacht. Inhoudelijke en niet procedurele regie moet hier het verschil maken.

Is het Belastingplan realistisch?

Wat opvalt bij de behandeling van het Belastingplan in de Tweede Kamer is de doorslaggevende rol die werkgelegenheidsdoorrekeningen van - en aannames daarbij - door het CPB spelen bij het al dan niet honoreren van amendementen. Misschien is de Eerste Kamer de juiste plek om hier kanttekeningen bij te maken. Niet om het CPB te kritiseren, mijn fractie heeft oprecht veel respect voor onze nationale rekenmeesters. En zij zijn vermoedelijk de eersten om te benadrukken dat hun rekensommen niet verabsoluteerd dienen te worden. De manier waarop Den Haag nu aan de haal gaan met de uitkomsten van de CPB-rekenmodellen doet het debat geen goed. Allereerst moeten we ons realiseren dat het hier (bij MICSIM) om een arbeidsaanbodmodel gaat. Op basis van bepaalde aannames rond de werking van fiscale parameters zal dit aanbod stijgen of dalen. Het gaat dus niet om extra banen die worden gecreëerd, het gaat om extra uren die mensen wel of niet willen gaan werken op basis van empirisch bepaalde vraagelasticiteiten. De baanconsequenties worden daarbij eerst op langere termijn zichtbaar. Structurele arbeidsaanbodmodellen kunnen moeilijk overweg met hoge onvrijwillige werkloosheid en dat geldt ook voor de CPB-modellen. Het betreft hier immers een onvrijwillige aanbodrestrictie die haaks staat op de vrije keuzeassumptie van de aanbodmodellen zelf. De onderliggende data, blijkens recente studies van het CPB zelf, zijn afkomstig uit de periode 2006-2009. Vooral in de jaren daarna steeg de werkloosheid. De geringe impact van onvrijwillige werkloosheid in de CPB berekeningen komt voort uit het geringe aantal werklozen in de dataset in de gebruikte periode. Dat betekent dat de vooruitberekeningsmodellen in gebreke blijven in een periode, zoals nu, van relatief hoge werkloosheid. Uit de schriftelijke vragenronde bleek dat het CPB over meer recente cijfers beschikt, maar niet in de gelegenheid is om deze te analyseren. Wil het kabinet, zo vraag ik de staatssecretaris, het CPB verzoeken om de modellen te updaten met meer actuele data? Dat zou de waarde van de berekeningen en de kwaliteit van het debat zeer ten goede komen.

Met deze kennis gewapend, moeten we veel minder dwingend omgaan met de banenberekeningen van het CPB wat de politieke weging van fiscale maatregelen betreft. En nogmaals, voorzitter, het Planbureau zal de eerste zijn om dit te beamen. We moeten het Planbureau dan ook niet in de verkeerde positie plaatsen. Politiek blijft politiek. Modellen blijven modellen. Maar zelfs indien het getal van 35.000 banen correct zou zijn, is dit een magere opbrengst van het lastenverlichtingspakket. Veel geld voor weinig banen. Structureel gaat het om meer dan € 140.000 per baan per jaar. In 2016 gaat het om 7.000 extra banen, ofwel ruim € 700.000 per baan. Mag ik de staatssecretaris vragen om een reactie op deze eenvoudige rekensommen?

Is het Belastingplan groen?

Voorzitter, mijn fractie is blij met het klimaatakkoord dat afgelopen weekend in Parijs is gesloten. De klimaatopgave is urgent, de roofbouw op de Schepping groot. Ook Nederland moet alles in het werk stellen om de slag naar een CO2-arme duurzame economie te maken. Vergroening van onze productie en consumptie moet een prioriteit van de eerste orde zijn. Ons fiscaal systeem kan daarbij een belangrijke hefboomfunctie vervullen. Mijn fractie is de staatssecretaris erkentelijk voor het overzicht dat hij op ons verzoek heeft aangereikt over fiscale vergroeningsstimuli die ons land kent. Daaruit blijkt dat het Belastingplan 2016 niet overloopt van ambitie. Het ingewikkelde verhaal rond de herintroductie van de vrijstelling kolenbelasting voor de opwekking van elektriciteit maakt de zaak er niet eenvoudiger op. Het veel te hoge plafond in het emissiehandelssysteem en de daarmee samenhangende veel te lage prijs voor CO2-uitstoot zit een voortvarende vergroening danig in de weg. Het overzicht toont weliswaar een reeks van fiscale vergroeningsmaatregelen, maar de staatssecretaris geeft aan dat van veel maatregelen de milieuwinst eigenlijk niet is bepaald. Dat kan natuurlijk niet. Ook hier wreekt zich het gemis van een grondige belastingherziening, waarin een gebalanceerd en effectief systeem van fiscale vergroeningsstimuli wordt gepresenteerd. De ChristenUnie-fractie wil op het punt van vergroening en verduurzaming veel meer ambitie en doortastendheid.

 

Is het Belastingplan rechtvaardig?

Voorzitter, dan nu de wijze waarop het kabinet het zoet verdeelt over de bevolking. Is er sprake van een rechtvaardige verdeling? Op basis van de voorliggende rijksbegroting en het Belastingplan 2016 geeft het kabinet in 2016 € 10,6 miljard meer uit dan er binnenkomt. Dat is omgerekend € 622 per inwoner, ofwel € 2500 gerekend voor een gezin met 2 kinderen. Toch wordt er € 5 miljard, ofwel € 300 per inwoner, uitgetrokken om uit te delen. En dat geld wordt ook nog op ongelijke wijze over diezelfde inwoners verdeeld. Terwijl tweeverdieners met twee kinderen al snel mogen rekenen op zo’n € 1500, blijft een eenverdienersgezin met twee kinderen steken op € 700 (onbegrijpelijk gelet op de motie Schalk c.s.). En ouderen moeten het veelal doen met een plusje tussen de € 100 en € 200 per persoon, terwijl uitkeringsgerechtigden blijven steken op een bedrag van enkele tientjes. Mijn fractie vraagt ook aandacht voor chronisch zieken en gehandicapten. Twee kwetsbare groepen die we in de overheidsstatistiek zelden terugzien. Twee groepen die door het wegvallen van inkomensondersteunende maatregelen financieel getroffen worden. Kan de staatssecretaris aangeven waarom chronisch zieken en gehandicapten van het fiscale zoet zijn uitgezonderd?

We hebben dus niet alleen met een Belastingplan te maken waarbij serieuze vragen te stellen zijn bij de risico’s waarmee de uitgaven omgeven zijn - over wat verantwoordelijk fiscaal beleid is - maar ook bij de rechtvaardigheid van de geleende lastenverlichting laten zich indringende vragen stellen. Na zeven magere jaren is ons reële BBP pas dit jaar weer op het niveau van voor de crisis van 2008. In deze crisisjaren is met de bezuinigingen en lastverzwaringen veel van de Nederlandse bevolking gevraagd. De groepen waarvan de koopkracht het meest is achtergebleven zijn de eenverdieners, de ouderen en de uitkeringsgerechtigden. Precies die groepen die er het komend jaar van het kabinet het minst bij krijgen. Was het niet rechtvaardiger geweest, zo vraag ik de staatssecretaris, nu de stelselherziening achter de politieke horizon is verdwenen, te volstaan met een gerichte koopkrachtreparatie? Dan waren we met aanzienlijk minder klaar geweest. We hadden dan minder hoeven te lenen van de belastingbetalers van de toekomst: onze kinderen. Graag een reactie hierop.

Voorzitter, ik sluit af. Het is duidelijk dat de ChristenUnie-fractie kritiek heeft op het Belastingplan 2016. Wij plaatsen vraagtekens bij de omvang van de lastenverlichting zonder een hervorming van het belastingstelsel zelf. Juist nu het beter gaat, moeten we het dak repareren. Het heeft lang genoeg geregend. Het zoet dat het kabinet nu rondstrooit bereikt vooral werkenden en tweeverdieners. Betaalde arbeid, daar gaat het kennelijk om. Eenverdieners, mantelzorgers, chronisch zieken en gehandicapten liggen buiten het fiscale blikveld. De kans op verduurzaming van onze economie, van de Schepping, wordt onvoldoende gepakt. Waarom het geld niet ingezet bij de hernieuwde discussie over belastinghervorming, zoals die ongetwijfeld gevoerd zal worden bij de kabinetsformatie over een dik jaar? Dan kunnen we Nederland echt sterker maken. Met het Belastingplan 2016 viert het economisch en electoraal opportunisme hoogtij. Mijn fractie heeft, samengevat,  twijfel of dit belastingplan verantwoord, realistisch, groen en rechtvaardig is. Wij sporen de staatssecretaris aan om deze twijfel weg te nemen.

Labels
Eerste Kamer
Financiën
Peter Ester

« Terug

Nieuwsarchief > 2015 > december