Mirjam Bikker: "Begroting Justitie moet steviger"

Mirjam Bikker - Foto: Rufus de Vries/ChristenUniedinsdag 15 december 2015 17:00

De Eerste Kamer debatteert vandaag over de begroting van Veiligheid en Justitie. Mirjam Bikker deelde in haar bijdrage onder andere de zorgen van de ChristenUnie-fractie over de robuustheid van deze begroting. Deze fractie is blij dat er uiteindelijk geld voor onder andere de rechtspraak, het Openbaar Ministerie en de IND is bijgekomen. Bikker: "ik constateer wel dat de financiële dekking daarvoor dun is. De minister moet volgend jaar met een stevige justitiebegroting komen."

Lees hieronder de gehele bijdrage van Mirjam Bikker.

Voorzitter,

Het eerste lustrum was dit jaar een feit, het ministerie van veiligheid en justitie bestaat vijf jaar. Het ministerie startte met grote pretenties en met als terugkerend thema crime fighting. Maar ondertussen werd er bezuinigd, zijn er gaten gevallen bij rechtspraak, politie en justitie en kwamen de berichten van een gebrek aan handhavers en rechercheurs. Veiligheid werd in het beeld vooropgezet en helaas kwam dat de rechtsstaat niet ten goede. Vandaag bespreken we de begroting van dit ministerie. Het is tijd om schoon schip te maken en te kijken naar het echte Ministerie van Veiligheid en Justitie, in plaats van het door de opeenvolgende kabinetten Rutte gewenste ministerie.

Voorzitter, de tweede reden dat deze begrotingsbehandeling voor mijn fractie belangrijk is, is een andere. We hebben de afgelopen weken stil moeten staan bij de gruwelijke gebeurtenissen in Parijs en ondenkbare terroristische misdaden elders in de wereld. Ze staan op ons netvlies gebrand. Het zijn onzekere tijden waarin het er op aan komt dat onze rechtsstaat robuust is en gehandhaafd wordt. Dat maakt des te meer dat de begroting van dit ministerie zich in de brandhaard van de actualiteit bevindt.

Het is goed dat er inmiddels een gewijzigd begrotingsvoorstel ligt. De verschillende incidenten en daarop volgende onderzoeksrapporten, de herijking van de Nationale Politie, de tekorten bij Rechtspraak, Openbaar Ministerie en reclassering, de cijfers die de realiteit van het aantal vluchtelingen miskennen en daarmee ook weer een opmaat vormen voor te verwachten tekorten bij COA en IND, het is een hele rij aan zorgen. Mijn fractie blijft de oorspronkelijke Prinsjesdagbegroting van dit ministerie daarom wonderlijk vinden. Hoe kon de minister denken dat daarmee een antwoord werd gegeven op de opgaven in 2016? Waarom was de stevigere analyse van de problemen niet eerder beschikbaar? Is het een vorm van wensdenken geweest? Of was het echt gebaseerd op de modellen die gehanteerd worden binnen het ministerie om tot een begroting te komen? En wat zegt dat dan over de begrotingssystematiek? Graag een reflectie van de minister.

De herinrichting van het Ministerie van Justitie heeft niet goed uitgepakt. Het ministerie van Veiligheid en Justitie weet zich geconfronteerd met problemen van bestuurbaarheid en een moeizaam functionerende strafrechtketen. Mijn fractie heeft ook meermalen gewezen op het rechtsstatelijk argument dat het wenselijk is om te zorgen voor een scheiding van machten, een aanbrengen van checks and balances. Dat heeft deze Kamer trouwens ook in meerderheid bij de motie De Graaf uitgesproken. Het ministerie vormt een te grote samenklontering. Het beheer van de politie moet terug naar Binnenlandse Zaken. Tot mijn vreugde deelt inmiddels ook de grootste partij in ons midden, de VVD, deze analyse. Ik vraag de minister of hij de voorbereiding van het herstel van de checks and balances, van het terugbrengen van het beheer van de politie reeds ter hand heeft genomen, en ik vraag hem tevens om de Kamer over de vorderingen te informeren.

Ik wil de minister complimenteren dat hij de waarschuwingen in deze Kamer over de houdbaarheid van zijn begroting kordaat heeft opgepakt. De begroting biedt een het begin van een oplossing voor de politie, rechtbanken, OM en reclassering. Tegelijk valt wel op dat in de analyse van de problemen van het ministerie eigenlijk alleen de opsomming staat die reeds in de weken daarvoor in de kranten werd vermeld. Is daarmee nu alles boven water? Of wordt richting voorjaarsnota, of eventueel begroting 2017 nog eens een spade dieper gestoken? Hoe informeer hij de Kamer daarover?

Zoals gezegd waardeert mijn fractie de inzet van de minister om op de meest knellende punten extra te investeren en wetsvoorstellen met onvoldoende draagvlak terug te trekken. Maar zowel ten aanzien van de investeringen als de daarbij gevonden dekking, leven nog wel vragen. Over de stelselherziening rechtsbijstand en de toegang tot het recht komen we op een later moment nog te spreken.

Het heeft mijn fractie zeer verbaasd dat de grote vluchtelingenproblematiek geen vertaling vond in de begroting. In het voorliggende voorstel is dat voor 2016 wel het geval. Maar dan ook alleen voor 2016. Waarom deze keuze? Waarom kiest het kabinet er voor om elk jaar op een andere manier de eerstejaarsopvang van asielzoekers te bekostigen? Daarnaast valt op dat de middelen die de EU beschikbaar heeft gesteld voor de herverdeling van vluchtelingen worden aangewend. Dat is legitiem als Nederland zich ook aan de afspraken houdt. Kan de staatssecretaris een actueel beeld geven? En wat is zijn streven voor 2016? Neemt Nederland haar gehele afspraak dan wel voor zijn rekening? Een ander belangrijk onderdeel in de dekking is een kasschuif. Dat is een hap uit de toekomst, waar al conservatief is geraamd voor wat betreft de instroom. Voorzitter mijn fractie vreest dat we hier de tekorten van het komende kabinet accorderen. Kan inzichtelijk worden gemaakt welke gevolgen de kasschuif heeft en hoe dit in de komende jaren haalbaar is?

De Najaarsnota sprak over een extra investering voor IND, COA en gemeenten. Maar er zijn meer betrokkenen. Ik denk aan de politie, onderwijs en hulpverlening. Is hier rekening mee gehouden? Hoe komt dat voor wat betreft de politie in de begroting tot uitdrukking? Ik heb waardering voor de inzet van de staatssecretaris om op korte termijn adequate opvang te bieden, maar dit gaat langer duren. Er zijn getraumatiseerde kinderen die nog te vaak moeten verhuizen en te laat onderwijs krijgen of hulp. Dat moet anders. Ik vraag de staatssecretaris om alles op alles te zetten om dit zo snel mogelijk te veranderen. Wat is zijn streven? (Evt. Dat geldt ook voor de bezigheden die asielzoekers mogen hebben gedurende hun verblijf.)

Dan de rechtspraak. Het kraakt en het piept. De zeven rechtbanken blijven open, maar voor de ChristenUnie-fractie telt daarbij wel de onderliggende overweging. Namelijk de toegang tot het recht en de nabijheid van de rechtspraak vinden wij belangrijk. Houdt de minister bij zijn voorstel in het voorjaar vast aan het locatiebeleid zoals afgesproken bij de Wet Herziening Gerechtelijke Kaart? Mijn fractie zou eerst een evaluatie van deze wet wensen, ook omdat het een kwaliteitsverbetering beoogde, voordat nieuwe keuzes worden gemaakt. Graag een toezegging. Ik houd in financieel opzicht ook zorgen omdat we de indruk hebben dat een structureel tekort blijft bestaan en dat de meevallers van KEI al worden meegerekend, waar het nog onzeker is dat deze worden behaald. Is de minister er van overtuigd dat de huidige maatregelen en zijn oplossing bij de Voorjaarsnota de rechtspraak uit de rode cijfers houden? Graag een duidelijk antwoord.

Voorzitter, het klonk zo goed, toen in november bekend werd dat er 250 miljoen extra zou worden gestoken in de aanpak van de problemen van het ministerie. Maar nadere bestudering levert op dat de dekking van die miljoenen op veel punten rammelt. Een kasschuif, geld van andere ministeries - maar nog niet concreet gemaakt hoe en wat, en middelen van het Rijksvastgoedbedrijf zonder inzicht wat de gevolgen daar zijn. Dat geeft al een rommelig beeld. Ten aanzien van de geraamde opbrengsten bij de schikkingen houdt mijn fractie moeite omdat dit toch nooit het eerste beoogde einddoel kan zijn indien justitie start met vervolging van een verdachte. Nu heeft de minister met de minister van financiën een constructie bedacht die de rechtsstatelijke bezwaren moet ondervangen. Dan blijven er echter nog steeds financiële. Voorheen kreeg het ministerie de hele opbrengst aan het einde van het jaar. Die meevaller valt weg en kan dus ook niet meer ingezet worden voor incidentele tegenvallers. Die er elk jaar waren. Het ministerie zit met deze maatregel nog krapper in haar jasje, alleen op de begroting lijkt er meer ruimte te zijn. Hoe vangt de minister toekomstige tegenvallers op? Zijn daar ook afspraken over? En is dit gezien de grote recente schikkingen niet eigenlijk een lucratieve afspraak voor het ministerie van financiën?

Het verdienmodel bij de intensivering van fraudebestrijding - 1 euro investeren - 4 euro opbrengst - wordt door het CPB bij het samenstellen van een verkiezingsprogramma nooit goedgekeurd. Dan is het gewoon 1 euro investeren levert 1 euro op. Staat het ministerie van financiën hier ook garant? Is het dekkingsvoorstel van de aanpassingen op de begroting doorgerekend door het CPB? Al met al zijn de dekkingsvoorstellen erg dun en een punt van zorg voor mijn fractie. Ik zie uit naar een reactie van de minister op de verschillende onderdelen. Wij weten dat een gedeelte bij de Voorjaarsnota weer terug komt, maar hebben dan echt meer stevigheid nodig of deze dekking haalbaar is.

Voorzitter tenslotte een heel ander onderwerp. In mijn periode als raadslid in Utrecht heb ik gezien hoezeer het een gemis is dat er nog steeds geen Wet Regulering Prostitutie en Bestrijding Misstanden Seksbranche is. Dat proces duurt nu al jaren. Ik weet de rol van deze Kamer, maar ik weet ook dat het wetgevingsproces sindsdien heel langzaam verloopt. Kan de minister toezeggen dat hij er alles aan doet om dit wetsvoorstel in 2016 behandeld te hebben?

Het zijn woelige tijden op het ministerie van Veiligheid en Justitie en ik vrees dat die voorlopig nog niet voorbij zijn. Het is goed om te zien dat de bewindslieden zich inspannen voor een verbetering van de begroting. Onwillekeurig vraag je je af: wat kost het brengen van recht, wat kost het vinden rechtsherstel? Wat kost barmhartigheid voor hen die vanwege oorlogsgeweld op de vlucht zijn?

Onmogelijke vragen, die niet met een financiële optelsom te beantwoorden zijn. Toch is deze behandeling van de Justitiebegroting een poging, in het besef dat het nu gaat om de getallen, maar uiteindelijk draait om het brengen van recht. Dat kan alleen door de tomeloze inzet van allen die het recht dienen. Het brengen van gerechtigheid heeft een prijs die niet eindeloos naar beneden bijgesteld kan worden. Ik wens de bewindslieden daarom ook in het komend jaar veel wijsheid toe en zie uit naar de beantwoording.

Labels
Justitie
Mirjam Bikker

« Terug

Nieuwsarchief > 2015 > december