Bijdrage Arie Slob aan debat over aanslagen Parijs

Arie-slob-banner-3-944x390woensdag 14 januari 2015 21:10

De aanslagen in Frankrijk van vorige week hebben ons geschokt. Bruut terroristisch geweld tegen een redactie van een satirisch weekblad, tegen politieagenten, tegen werknemers en cliënten van een joodse supermarkt. Een onacceptabele aanslag op vrijheden.

Als fractie van de ChristenUnie gaat ons meeleven uit naar de nabestaanden van de slachtoffers die zijn gevallen. Naar het Franse volk dat in haar existentie geraakt is. Naar de Joodse gemeenschap, die in Frankrijk voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog op de Sjabbat niet de gang naar de synagoge kon maken.

De aanslagen in Frankrijk staan niet op zichzelf. Ze raken ook ons land. Ze bepalen ons als westerse samenleving bij het feit dat vrijheid geen vanzelfsprekendheid is, bij de grote zorg over het opkomend jihadisme, de verontrustend snelle radicalisering van jongeren. Ze tonen aan dat geweld dichtbij kan komen.  Zoals we dat al eerder zagen bij de verschrikkelijke aanslag op joods museum in Brussel (mei 2014), de moord op Theo van Gogh (2004) of de aanslag op de twin towers en het Pentagon in de VS (2001).

Ze bepalen ons ook bij zorgwekkende ontwikkelingen in de wereld. Onder meer ook bij de vervolging van christenen wereldwijd. Open Doors concludeerde vorige week nog in haar gepubliceerde ranglijst 2015 dat de vervolging nog nooit zo groot was.

Als ChristenUnie staan we pal voor vrijheden. We veroordelen iedere aanslag op die vrijheden. We komen op voor hen die vervolgd worden. In eigen land, in Frankrijk, Noord-Irak, Syrië, Nigeria, Zuid-Sudan of waar dan ook.  Vrijheden zijn het waard om beschermd te worden.

Wat doet het kabinet om die vrijheden ook in ons eigen land te beschermen? Ik vraag dat ook in het licht van bezuinigingen op veiligheid waar dit kabinet  zo lichtvaardig toe besloten had. Bezuinigingen waar de ChristenUnie (met D66 en SGP) al op onderdelen op ingegrepen heeft. Onder meer bij de door de coalitie beoogde bezuinigingen op de AIVD. Dat is winst, maar deze tijd met een toenemend aantal terugkerende djihadisten vraagt juist om meer investeringen in onze inlichtingen en veiligheidsdiensten. Ik vraag het kabinet daarvoor geld beschikbaar te stellen.

Ik heb een indringende vraag aan het kabinet: hoe staat het met de bescherming van Joodse inwoners in ons land? Het steeds maar weer opkomend antisemitisme is een groot maatschappelijk kwaad. Het is een aanklacht tegen onze maatschappij en de vrijheden waar we voor staan dat Joodse instellingen zo zwaar beveiligd moeten worden. Dat er marechaussees voor de deur en hoge hekken om Joodse scholen heen staan. Dat er door Joden, zoals ik vandaag hoorde bij een gesprek met de Joodse gemeenschap in DH, bij de sjabbat kogelvrije vesten gedragen wordt.  Dat men nu meer dan ooit angst heeft over wat er gebeurd en wat er mogelijk nog staat te gebeuren.

Als ChristenUnie hebben we recent met D66 en SGP rijksgeld beschikbaar weten te krijgen voor de bescherming van Joodse instellingen.  Dat was een begin. Het is helaas nog niet genoeg. Ik vraag het kabinet om in overleg met de Joodse gemeenschap structureel aanvullende middelen beschikbaar te stellen. Het moet ons een erezaak zijn om hen te beschermen en als kleine minderheid voluit onderdeel te laten zijn van onze samenleving.

De aanslagen maakten ook iets anders los. Een grote eensgezindheid, ook in eigen land, in het veroordelen van terrorisme en het opkomen voor vrijheden. Vorige week donderdag was ik zelf aanwezig bij een bijeenkomst in mijn woonplaats Zwolle. Andere fractiegenoten waren dat in Rotterdam, Amsterdam en Utrecht. Het was hartverwarmend. Het zou mooi zijn als we die eensgezindheid vast kunnen houden en mensen die nog aan de kant blijven staan, waaronder ook uit de islamitische gemeenschap van ons land, daar bij kunnen betrekken. Ik vraag het kabinet zich daar ook voor in te zetten.

Ik zeg daar nog iets bij. Niets rechtvaardigt aanslagen op vrijheden. Al kan de wijze waarop vrijheden worden ingevuld soms ongemakkelijk voelen en zelfs als pijnlijk ervaren worden. Ik merk dat ook bij mijzelf als ik geconfronteerd word met bepaalde uitingen van religiekritiek die me diep kan raken in mijn overtuiging van en liefde voor wat heilig is. Ik zal de vrijheid om je hart te laten spreken en je pen te laten schrijven of tekenen altijd blijven verdedigen., maar zal ook altijd mezelf en anderen blijven aanspreken vrijheden in verantwoordelijkheid te gebruiken.  En als we over die invulling van mening verschillen, gaan we met elkaar in gesprek. Vanuit het besef dat tolerantie pijn doet.

Ik sluit af. Ik sta hier als christen-politicus. Als navolger van Hem die, toen Hem ooit werd gevraagd  wie Hij was, zei: Ik ben, die Ik ben! (Je suis celui qui suis). Ik en al die andere ChristenUnie-politici hebben maar één verlangen: dienstbaar zijn aan de samenleving, het goede zoeken  voor de mensen om ons heen, streven naar vrede, recht en gerechtigheid. Wij hopen en bidden dat we in ons land, met de verscheidenheid die zo kenmerkend voor ons land is, in harmonie en vrede met elkaar kunnen samenleven en op een verantwoorde wijze om kunnen blijven gaan met verschillen.

 

 

 

« Terug

Nieuwsarchief > 2015

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari