Gert-Jan Segers: 'Armoede verlamt mij'

Gert-Jan in Kenia 4donderdag 03 maart 2016 14:56

ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers reist deze week met Compassion door Kenia. Hij bezoekt onder meer de sloppenwijken rond de Keniaanse hoofdstad Nairobi en ontwikkelingsprojecten in de Masai-regio. Segers doet deze week drie keer verslag van zijn reis en bijzondere ontmoetingen. Vandaag beschrijft hij wat armoede met hem doet.

Armoede kan mij verlammen. Dat merk ik ook nu weer. De hopeloosheid van de Keniaanse sloppenwijken, de ingevreten corruptie, de ogen van de jonge vader die ik sprak, die zo rood doorlopen waren, dat de slechte invloed van alcohol zich makkelijk liet raden.

Het verlamt. Want hoeveel foto's van slums zijn er al niet vertoond, droevige verhalen over honger en armoede al niet verteld, geld al niet gegeven. Het verdriet van Afrika lijkt een natuurtoestand. ‘Het is zoals het is en daar veranderen we niets aan.’

Ik bezocht een Compassion-project waar honderden van de allerarmste kinderen uit de Masai-stam educatie en bijbels onderwijs krijgen. Ze ontvingen ons met muziek en een erehaag. Ze trakteerden op eten, muziek en het gezang van met kleurrijke kettingen behangen vrouwen. Het was een plek van hoop. Wat het geheim was, zei een spreuk op een muur. ‘We kunnen niet de hele wereld veranderen, maar wel de wereld van één kind.’

Voor die ene maakt een beetje hulp verschil. Tussen wel en geen school, wel en geen eten die dag, wel en geen kennismaking met het bevrijdende evangelie, wel en geen hoop.

Francis is die ene, in de sloppenwijk van Nairobi. Hij kon door de hulp vaan een Zuid-Koreaanse sponsor aan de universiteit studeren en had daar, via bijbelklassen, God leren kennen. Nu weerstaat hij de aanmoedigingen van familieleden om het hogerop te zoeken, omdat hij heeft besloten om jongeren uit de sloppenwijk via een programma van de kerk de helpende hand te bieden. ‘Bid voor me dat ik trouw blijf aan mijn roeping om hier te blijven,’ vroeg hij me.

De zoon van een Masai-chief is ook die ene. In zijn lemen hut, met zijn vrouw, zijn kleine zoontje en zijn oude moeder erbij, vertelde hij dat hij een ‘born again christian’ was. Ik vroeg de chief-in-spe hoe dat was gebeurd. “Twee jaar geleden vertelde ik aan hem” – wijzend naar Compassion-medewerker Tiemen Westerduin – “dat ik graag wilde studeren. Hij bad voor me en dat gebed is vlak daarna verhoord. Toen wist ik dat God leefde, dat ik Hem wilde dienen. Dat veranderde mijn leven.”

Bij een massa hongerige mensen weten we niet waar we moeten beginnen, dan raken we verlamd. Maar als we het beetje wat we kunnen en hebben, die vijf broden en twee vissen in de handen van die Ene leggen, dan gebeuren er wonderen. Dan is het genoeg voor iedereen.

Deze blog verscheen vandaag in het Reformatorisch Dagblad.

Nieuwsarchief > 2016

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari