Mirjam Bikker: "Stimuleer studie en bestuurswerk studenten eerlijk"

Mirjam Bikker - Foto: Rufus de Vries/ChristenUniedinsdag 07 juni 2016 17:50

Tijdens het debat over het wetsvoorstel versterking bestuurskracht onderwijsinstellingen kwam vandaag in de Eerste Kamer ook het bestuurswerk van studenten voor studie- en studentenverenigingen aan de orde. Voor fulltime-bestuurders is geregeld dat ze ingeschreven kunnen blijven bij hun onderwijsinstelling zonder dat ze collegegeld hoeven te betalen, mits ze in het geheel geen onderwijs volgen. Dat vindt de ChristenUnie te rigide. Senator Bikker: "Talentvolle bestuurders moet je niet verplicht een jaar op studieverlof sturen. Zo maak je in deeltijd verder studeren onaantrekkelijk. Het is vreemd dat hardwerkende parttime-bestuurders die hun studie voortzetten, nu helemaal uit beeld zijn in deze wet. Moedig studiezin aan en stimuleer de belangrijke vaardigheden die studenten leren bij hun bestuurswerk niet slechts bij een select gezelschap van studentenverenigingen."

Lees hier de volledige bijdrage.

Voorzitter!

Wie kan er nu tegen het versterken van de bestuurskracht in onderwijsinstellingen zijn? Met de titel van voorliggend wetsvoorstel zit het wel goed. Die bestuurskracht moet tot doel hebben dat het onderwijs van goede kwaliteit is, dat leerlingen en studenten tot bloei komen en dat docenten vooral bezig kunnen zijn met het belangrijkste werk: het doorgeven van hun vakkennis en de vorming van hun leerlingen. In de afgelopen jaren zagen we incidenten waar de bestuurslaag losgezongen was van deze kern van het onderwijs, waar gebouwen en prestige belangrijker leken dan dat goede onderwijs. Het is dan ook helemaal niet verkeerd om werk te blijven maken van versterking van de bestuurskracht, van de horizontale verantwoording aan ouders, leerlingen en vooral ook docenten.

Tegelijk moet dat wel vanuit een helder perspectief. De school of instelling gaat allereerst zelf over het onderwijs dat geboden wordt en op welke manier dat vorm gegeven wordt. In Nederland kennen we de rijke traditie dat instellingen daar vanuit hun eigen identiteit vorm aan kunnen geven, dat een school ook van de ouders blijft en niet een staatsinstituut is. En dat leidt tot goede resultaten, getuige het laatste OESO-rapport.  Het is juist daarom dat lezen in de wetsgeschiedenis gevoelens van opluchting te boven bracht bij het constateren dat het amendement Bruins – Rog  - dat de meldplicht van de interne toezichthouder bij de Onderwijsinspectie schrapt - door de Tweede Kamer is aangenomen. De vermenging aan rollen, het te snel binnen stappen van de inspectie, waar dit nog niet de verantwoordelijkheid is, zou afbreuk doen aan de goede traditie die Nederland kent. Het zou ook versluierend werken voor de wettelijke mogelijkheden die de  inspectie al heeft. Daar wees de Raad van State dan ook terecht naar. De bewindslieden hebben voor het geheel van het wetsvoorstel een evaluatie aangekondigd. Ik zou hen willen vragen om daarin dan ook dit aspect te betrekken, in hoeverre de inspectie nu het reeds bestaande wettelijk instrumentarium gebruikt.

De regering onderstreept in dit voorstel dat checks and balances nodig zijn om de onderwijskwaliteit te bevorderen, dat juist daarom ook de medezeggenschap daar waar nodig versterkt wordt. Ik wil opmerken dat het gewenste gesprek tussen bestuur, onderwijsgevenden, studenten of ouders uiteindelijk allereerst een kwestie is van een gezonde onderwijscultuur. Die ontspruit niet uit regels en wettelijke toevoegingen. Op veel scholen en in veel instellingen gebeurt dat gewoon al dagelijks en voor de cultuur zal dit wetsvoorstel van beperkte betekenis zijn. Tegelijk is er niets op tegen om bijvoorbeeld het functieprofiel van bestuurders openbaar te maken. En dat geldt voor de meeste  van de aangekondigde wijzigingen.

Voorgaande sprekers hebben al veel opgemerkt. Op twee punten plaats ik nog een kanttekening en een vraag bij het wetsvoorstel. Allereerst  het verschil in omvang van verschillende instellingen en scholen en het feit dat het wetsvoorstel toch met één regime werkt. Ik denk met name aan bestuurswerk dat vrijwillig gebeurt. Daar wordt de regeldruk nu wel heel groot. Ik sluit me aan bij de opmerkingen van PvdA en SGP op dit punt.

Vervolgens een ander thema: dat van de student die bestuurswerk doet. Het amendement Duisenberg zorgt er voor dat fulltime-bestuurders ingeschreven kunnen blijven bij de onderwijsinstellingen zonder dat ze collegegeld betalen, mits ze dan ook geen onderwijs volgen. Dat klinkt sympathiek en logisch. Maar ik vind het op deze wijze een al te rigide studieverlof. Talentvolle studentbestuurders die deeltijd nog een enkel vak willen volgen, komen in het geheel niet in aanmerking voor deze vrijstelling, de afweging is snel gemaakt om dan maar een jaar niet te studeren. En studentenverenigingen en bestuurswerk dat ten nut komt van de instelling dat slechts parttime is, blijft in het geheel buiten beschouwing. Van bewindspersonen die dol zijn op ambitieuze en talentvolle studenten had ik aanmoedigender en eerlijker beleid verwacht. Graag een reactie, ik hoop dat er mogelijkheden zijn om op dit punt maatwerk te geven dat bevorderend is voor studie en bestuurswerk.

Ik zie uit naar de reactie van de bewindspersonen.

« Terug

Reacties op 'Mirjam Bikker: "Stimuleer studie en bestuurswerk studenten eerlijk"'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.

Nieuwsarchief > 2016

december

november

oktober

september

augustus

juli

juni

mei

april

maart

februari

januari