Bijdrage Carla Dik-Faber aan het wetgevingsoverleg Water

maandag 26 november 2018 00:00

Bijdrage Carla Dik-Faber aan een wetgevingsoverleg met minister van Nieuwenhuizen Wijbenga van Infrastructuur en Waterstaat

Kamerstuknr. 35 000 - XII

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Dank u wel, voorzitter. Nederland moet zich aanpassen aan klimaatverandering. Vorige week is het Bestuursakkoord Klimaatadaptatie getekend; een mooi moment. Tot 2022 is er extra geld beschikbaar. Kan dit geld op tijd worden ingezet voor onder meer de stresstesten? En komen zo veel mogelijk maatregelen die uit de stresstesten volgen, ook in aanmerking voor cofinanciering? De ChristenUnie vindt het belangrijk dat de landbouw betrokken is bij deze stresstesten en eventuele maatregelen. De landbouw heeft immers veel baat bij snelle afvoer van water en waterberging in tijden van droogte. Hoe wordt ervoor gezorgd dat de Waterwet zo snel mogelijk wordt aangepast zodat regionale maatregelen om wateroverlast tegen te gaan uit het Deltafonds gesubsidieerd kunnen worden? Ik verwijs ook naar de vragen van het CDA.

Voorzitter. Vorige week werd ook bekend dat door de droogte huizen en gebouwen verzakken en dat er scheuren in de muren staan, vooral in het westen van Nederland. Veenbodems in onder meer het groene hart drogen extra uit en zorgen voor ondiepe bodemdaling. Het veen oxideert, waardoor ook nog meer CO2 vrijkomt. Is het probleem van het verzakken van woningen onderdeel van het bestuursakkoord, vraag ik de minister. Niet alleen op veen maar ook in het rivierengebied zien we problemen door de lage grondwaterstand. Het gaat zowel om paalrot als om huizen die zonder heipalen zijn gebouwd. Wordt er onderzoek gedaan naar oorzaken en oplossingen?

De voorzitter:
Ik zie een vraag. De heer De Groot.

De heer De Groot (D66):
De ChristenUnie beschrijft de problemen. Hoe ziet zij de rol van de waterschappen in de hele ontwatering?

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
De heer De Groot helpt mij aan extra spreektijd; dat vind ik heel fijn, en het is een goede vraag. Ik weet dat de fractie van D66 niet zo'n fan is van de waterschappen. De fractie van D66 wilde heel graag dat de waterschappen zouden worden opgeheven en bij het provinciebestuur zouden worden ondergebracht. De ChristenUnie is daar geen voorstander van. De ChristenUnie vindt de waterschappen als oudste democratische orgaan in Nederland bijzonder waardevol. Ik denk dat we samen met de waterschappen en met andere partijen — denk aan de boeren en de gemeenten — in het veenweidegebied moeten kijken naar oplossingen om te voorkomen dat de bodemdaling verder gaat en het veen oxideert. De waterschappen zijn daar nadrukkelijk ook een partij bij, naast alle anderen.

De heer De Groot (D66):
De waterschappen veroorzaken die veenoxidatie natuurlijk ook, doordat ze structureel te laag pompen. D66 is niet voor niets kritisch op de waterschappen. Dat heeft eerder te maken met het beleid dat ze voeren, dat namelijk stelselmatig ten koste gaat van de natuur, en nu ook van het klimaat en de bewoners van de steden. Dus ik ben toch wel benieuwd naar de visie van de ChristenUnie. Los van wat we van waterschappen vinden, zijn wij kritischer op wat zij doen, vooral op het te diep bemalen van het veenweidegebied, met alle gevolgen voor de bewoners van dien.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Iedereen die het niet eens is met het beleid van de waterschappen, kan volgend jaar naar de stembus. Dan zijn er waterschapsverkiezingen en dan kunnen we allemaal onze stem uitbrengen op partijen die voor ogen hebben wat wij belangrijk vinden. Voor de ChristenUnie is belangrijk dat we een halt toeroepen aan de bodemdaling en dat we zorgen dat het veen niet oxideert. Dat betekent dat we tot een plan moeten komen voor de toekomst, een plan waardoor we niet aan die lage grondwaterstanden vasthouden, want dat is niet houdbaar. Dus als meneer De Groot die uitspraak van de ChristenUnie wil horen, dan bij dezen. Alleen dat plan kan niet alleen door de waterschappen worden vastgesteld. Bij dat plan zullen alle andere gebruikers betrokken moeten zijn, zoals de gemeenten, en de boeren, voor wie dit ook heel belangrijk is. Ik zeg daar ook gelijk maar even bij — dat heb ik vorige jaren ook gedaan bij het WGO Water — dat ik dit probleem eigenlijk te groot vind voor de regio, voor de lokale overheid. Hier moet de rijksoverheid echt de regie pakken en partijen met elkaar om de tafel brengen, zodat er echt een oplossing wordt gezocht voor de toekomst, die ook uitvoerbaar is. Dit probleem is echt te groot om over te laten aan decentrale overheden, aan de waterschappen en aan alle andere partijen die ik genoemd heb.

De voorzitter:
U vervolgt.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Dat zal ik doen, voorzitter.

De droogte en de lage waterstanden kunnen ervoor zorgen dat de normen voor bijvoorbeeld toxische stoffen uit de industrie, overschreden worden. Hoe gaat de minister daarmee om?

Verder nog een vraag over REACH en de stoffen die zijn aangemeld. We hebben vorige week het nieuws gezien. Van de 21.000 meest gebruikte chemische stoffen is onbekend of ze een gevaar zijn voor de volksgezondheid. Het RIVM heeft het over een verontrustende situatie. Ik hoorde de SP er heel veel vragen over stellen. Ik kan daar eigenlijk wel bij aansluiten.

Dan is er een green deal voor de zorg, met daarin ook aandacht voor medicijnresten uit water. Gaat de minister samen met VWS goed monitoren en concrete uitvoering geven aan de green deal? Wat wordt gedaan aan het direct verminderen van emissies van ziekenhuizen? Hoe wordt het geld uit het regeerakkoord precies ingezet voor de community of practice rond rioolwaterzuiveringsinstallaties en de besluitvorming bij waterschappen?

Voorzitter. Op 1 november 2017 zijn gewasbeschermingsmiddelen ook op onverharde terreinen verboden. Bepaalde terreinen zijn echter nog steeds uitgezonderd, zoals sportvelden en recreatieterreinen. Ook voor particulieren is er geen verbod. Er zijn green deals gesloten, maar wat zijn de resultaten? Wordt het geen tijd om het verbod verder uit te breiden? Nieuwe, meer milieuvriendelijke gewasbeschermingsmiddelen voor de landbouw in grondwaterbeschermingsgebieden worden onvoldoende door de markt opgepakt, omdat er meerkosten aan verbonden zijn en het ook maar een beperkt gebied betreft. Daardoor zijn boeren in grondwaterbeschermingsgebieden aangewezen op verouderde middelen. Wat kan de minister hierin betekenen?

Dan het IJsselmeer. Daar zijn vergaande plannen voor zandwinning. Er liggen talloze rapporten aan ten grondslag. Als je die allemaal leest, is het een wonder dat de provincie een verklaring van geen beperkingen heeft afgegeven. Wat vindt de minister hiervan? Is ze bereid tot een pas op de plaats en tot overleg met de regio om te kijken of er alternatieven zijn?

Voorzitter. Waterschappen hebben veel mogelijkheden om bij te dragen aan de energietransitie, bijvoorbeeld door wind- en zonne-energie op hun terreinen en door aquathermie uit afval- en oppervlaktewater. Ze lopen echter aan tegen onduidelijkheid over de vraag of ze meer mogen opwekken dan ze voor hun eigen bedrijfsvoering nodig hebben. Dit remt de ontwikkeling van schone energie onnodig. Is de minister bereid om de Waterwet hiervoor aan te passen?

Mijn laatste punt. Ik denk dat een kleine maar eenvoudige oplossing voor het probleem dat we vandaag bespreken — klimaat, klimaatverandering, koele steden et cetera — is om over te stappen op groende daken, groene gevels, groene tuinen en groene schoolpleinen. Eigenlijk zou hier toch een totaalaanpak voor moeten komen. Vindt de minister dat ook een goed idee?

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik heb zelf namens de VVD-fractie een vraag over dat laatste: groene daken. Ik hoorde het net ook al. Wat is de rol van de overheid daarin en in hoeverre moet je dat verplichten, vraag ik aan de ChristenUnie.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Ik weet niet in hoeverre je nu direct al met wetgeving moet lopen wapperen. Tegelijkertijd zie ik dat we heel veel kansen laten liggen. We hebben een Bouwbesluit dat achterloopt op projecten die in de praktijk al gerealiseerd worden. Als er dan toch in de praktijk al meer mogelijk is dan we nu in ons Bouwbesluit hebben opgenomen, dan ben ik wel bereid om te kijken of we hier of daar nog een stap kunnen zetten, omdat we gewoon echt kansen laten liggen.

De voorzitter:
Oké, dus kansen benutten maar geen dwang. Mag ik het zo samenvatten?

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):
Ik weet niet of de VVD-fractie bouwbesluiten dwang noemt. Dat zou vanuit het perspectief van de VVD zomaar zo kunnen zijn, maar ik vind dat hier heel veel kansen liggen die we nu niet benutten. Ik noemde even het voorbeeld van de tuinen. Dat is best ingewikkeld, want dat is gewoon particulier eigendom. Je gaat mensen niet verplichten: u moet zoveel procent gras en groen in de tuin hebben. Tegelijkertijd droomt iedereen van een huis met een eigen tuintje en wat doen mensen dan? Ze gaan het helemaal betegelen en leggen er kunstgras in. Dan denk ik: dat is toch ook niet helemaal de bedoeling; is het dan niet beter dat je in een appartement gaat wonen? Ergens wringt het. Laten we dan in ieder geval kijken wat we in het bouwbesluit kunnen doen, bijvoorbeeld voor bedrijventerreinen. Misschien moeten we kijken wat we voor particulieren kunnen doen in de voorlichtende en stimulerende sfeer. Het gaat om maatwerkoplossingen. Het moet echt beter dan waar we tot nu met elkaar toe in staat zijn.

De voorzitter:
Dank u wel.

Meer informatie

« Terug